Ik koop alles wat ik zie

In Recife heeft de kunstverzamelaar Ricardo Brennand een collectie Hollandse schilderijen van Brazilië opgebouwd. ,,Verzamelen is net jagen.''

Het is niet alleen omdat zijn Braziliaanse landgoed zo uitgestrekt is. Het is vooral de te felle zon en de temperatuur – die in Recife boven de 35 graden uitkomt – die de 76-jarige Ricardo Brennand doen besluiten zich tijdens de rondleiding van zijn ene museumhal naar een andere galerie te verplaatsen in zijn grijsglimmende, luchtgekoelde Chevrolet. Langzaam zoeven we over het pad tussen de reusachtige bomen.

Brennands voorkomen is nogal misleidend: hij lijkt meer op een bokspromotor dan op de voorname museumdirecteur die hij sinds kort is. Hij heeft een guitig hoofd op een fors hoekig lichaam en draagt een spijkerbroek en openhangend overhemd. Geduldig troont hij zijn bezoeker langs de vele pronkstukken uit zijn particuliere collectie. Steeds weer vol begeestering, alsof híj degene is die hier in het noordoosten van Brazilië de voornamelijk Europese antieke wapens, harnassen, gobelins, meubelstukken, waterpartijen, een Romeins graf, spiegels, complete altaren, schilderijen of marmeren beelden voor het eerst te zien krijgt. Het is een wonderlijk kostbaar allegaartje.

De rondleiding begint onvermijdelijk bij het negenjarige Braziliaanse jongetje – zoontje van de elektricien van het museumcomplex – dat onverstoorbaar en luid Beethovens Für Elise zit te spelen op het zeventiende-eeuwse Italiaanse orgel in de eerste toonzaal van het propvolle museum. Het ventje heeft zichzelf leren orgelspelen op momenten zoals deze, als het museum voor bezoekers gesloten is. ,,Dat orgel mocht als belangrijk cultureel erfgoed Italië niet uit, maar ik wist gelukkig wat te ritselen'', zegt Brennand. ,,En ik heb het heel goed laten restaureren.''

De verzameling is ondergebracht in een in vijf jaar tijd gebouwde kopie van een monumentaal Frans middeleeuws kasteel – Castelo São João – met heuse slotgracht en watervallen. Brennand: ,,Ik koop op mijn reizen door Europa alles wat ik zie. Als ik het leuk vind.'' Elk kunststuk in dit onderkomen heeft hier zo zijn eigen verhaal. Zoals die glas-in-loodramen waar de zon vrolijk doorheen spettert. Het zijn de originele vensters van een Anglicaanse kerk. En die naakte marmeren vrouwen verwijlden vroeger in het Waldorf Astoria hotel in New York. De kolossale gebeeldhouwde leeuwen die de ingang bewaken hebben ook al eerder dienst gedaan. Ze stonden voor de Braziliaanse senaat toen de hoofdstad van dit Zuid-Amerikaanse land nog Rio de Janeiro heette. Collectioneur Brennand kon ze via via op de kop tikken.

Toilet

Drie uur lang gaat Brennand voor in dit museum in deze exotische kustplaats Recife. Hij toont het enige moderne schilderij uit de collectie: een zeer realistisch portret van hemzelf – omringd door naakte marmeren schonen – gemaakt door de eigentijdse Braziliaanse schilder Meziat. Hij showt het auditorium met de honderd zitplaatsen, de controlekamer vanwaaruit de luchtvochtigheid, de temperatuur en het licht wordt geregeld, de bibliotheek met een verzameling Hollandse zeventiende-eeuwse boeken over Brazilië en natuurlijk de honderden schilderijen en tekeningen. Geen plekje wordt overgeslagen. ,,Kijk eens wat een prachtig granieten herentoilet'', zegt de kunstverzamelaar. En dan duwt hij zijn bezoeker nog even de dames-wc binnen. Ook fraai.

Ruim vijftig jaar duurt inmiddels de verzameldrift van de Braziliaanse zakenman Ricardo Brennand. In die periode is de ondernemer uitgegroeid tot een van de belangrijkste particuliere kunstbezitters van Latijns Amerika. De laatste vijf jaar heeft hij zich bijna volledig toegelegd op het verzamelen van de door Nederlandse schilders en schrijvers in Brazilië in de zeventiende eeuw gemaakte kunst en boeken. Het gaat met name om de periode in de eerste helft van die eeuw, toen Hollanders van 1630 tot 1654 een gebied rondom de stad Recife bezet hielden.

Inmiddels bezit het Instituto Ricardo Brennand verreweg de grootste collectie op dit gebied. Er is bijvoorbeeld niemand ter wereld die zoveel schilderijen bezit van de Haarlemse schilder Frans Post. Hij reisde als 32-jarige in 1636 samen met Johan Maurits van Nassau – die van 1637 tot 1644 gouverneur was van het Nederlandse gebied rondom Recife – en zijn collega Albert Eckhout, en de wetenschappers Willem Piso en George Marcgraf naar Zuid-Amerika. Post was de eerste westerse schilder die het Braziliaanse landschap op het doek vastlegde. Van de 158 olieverfdoeken die Post maakte, bezit Brennand er inmiddels vijftien.

Als je de verzamelaar en oprichter van het instituut vraagt hoe hij in minder dan vijf jaar tijd zo'n unieke en omvangrijke verzameling van Frans Post heeft weten te vergaren, wrijft Brennand lachend de duim en wijsvinger van zijn rechterhand tegen elkaar. Met klinkende munt. En met tact, voegt hij er snel aan toe. ,,Het is net als met jagen. Je sluipt langzaam op de prooi af en schiet op het juiste, onverwachte moment'', zegt Brennand, die overigens wel merkt dat het jagen steeds moeilijker wordt. Het wild heeft hem door. ,,De prijzen die de overige particuliere bezitters van werken van Post vragen, schieten inmiddels omhoog omdat iedereen weet waar ik op uit ben.''

Goudmijn

Brennand stamt af van een Engelse familie die zich omstreeks 1820 in Brazilië vestigde. Rondom Recife, in het noordoosten, heeft de familie een reeks bedrijven opgericht die zich bezighielden met de vervaardiging en verkoop van suiker, porselein, staal en cement. Na de Tweede Wereldoorlog namen Ricardo en zijn neef Cornélio de leiding in het zakenimperium over van vader Antonio en zijn oom Ricardo, een groot kunstliefhebber naar wie het huidige instituut is vernoemd.

Begin jaren vijftig besloot Ricardo wandtegels van keramiek te gaan produceren. Hij trok door heel Europa op zoek naar de juiste productiewijze. Uiteindelijk bleek Duitsland de plek waar hij deze kunst het beste kon afkijken. Brennand bleef vijf maanden in Duitsland en trok uiteindelijk met de noodzakelijke apparatuur en vijf Duitse families terug naar Recife om tegels te gaan vervaardigen. Het werd een goudmijn.

Brennand – vader van vijf dochters, drie zonen en grootvader van twintig kleinkinderen – werkte zich naar eigen zeggen met volle overgave te pletter. In de spaarzame vrije tijd die hem restte, was hij voornamelijk bezig met het opbouwen van een wapencollectie. Geweren, sabels, messen, bijlen, speren, oneindig veel zakmessen en 27 complete harnassen uit de zestiende eeuw, voor ruiter en paard. De Braziliaan bezit de volledige collectie wapens zoals die werden vervaardigd door de Engelse wapenfabrikant Joseph Rodgers uit Sheffield. ,,Het gaat om vijfduizend stuks wapens. Zo veel dat het allemaal niet meer in mijn huis paste. Vandaar dat ik ben begonnen een groot kasteel te bouwen'', zegt Brennand.

Eind jaren negentig werden de Brennands benaderd door een firma uit Portugal die het familieconcern in Brazilië wilde overnemen. ,,Ik zei: ik verkoop niks. Alleen een astronomisch bod zal ik serieus nemen. En dat kreeg ik, dus hebben we alles maar van de hand gedaan'', zegt Ricardo. Het besluit om te stoppen met zakendoen werd vergemakkelijkt door het tragische overlijden van zijn zoon en meest geschikte erfopvolger Antonio. Hij stierf op 46-jarige leeftijd aan een hersentumor. ,,Ik wilde toen definitief iets anders gaan doen. Het geld benutten voor de verwezenlijking van een droom.''

De realisatie van die droom is te zien in een nieuw pand met arcade – een reusachtige galerij – op hetzelfde landgoed. In deze ruimte zijn alle schilderijen en tientallen tekeningen te bewonderen die Brennand bezit van Frans Post. In een van de toonzalen laat Brennand een speciaal vervaardigde videoproductie zien over Post. Het is voor hem ook de eerste keer dat hij tijd heeft de film te bekijken.

Champagne

De expositie werd in maart geopend door koningin Beatrix, die op staatsbezoek was in Brazilië. Brennand gaat voor in de zaal waarin hij de dag daarvoor de lunch gebruikte met de Nederlandse koninklijke gasten en hun gevolg. Langs de wand staan de lege flessen champagne. De gastheer toont de antieke zetel met Spaans wapen waarin hij Beatrix heeft laten plaatsnemen. Brennand zat tegenover haar, tussen prins Willem-Alexander en prinses Máxima. De Argentijnse prinses heeft een onuitwisbare indruk op hem gemaakt. Brennand beklaagt zich over de ,,lompe Nederlanders'' die de prinses vorig jaar verboden haar vader uit te nodigen op de koninklijke bruiloft.

In het begin van de galerie hangen portretten die Pieter Nason en Johannes de Baer hebben gemaakt van gouverneur Johan Maurits van Nassau. Er hangen door Nederlanders vervaardigde landkaarten van het zeventiende-eeuwse Brazilië en er zijn originele munten en documenten uit die periode. Brennand bezit onder meer het in 1647 in opdracht van Johan Maurits gemaakte boek van de Nederlandse schrijver Caspar Barlaeus: Rerum per Octennium in Brasília. In het boek worden de beschreven weldaden van het bewind van de gouverneur rijkelijk geïllustreerd met 56 tekeningen en kaarten die voornamelijk door Frans Post zijn gemaakt.

De schilderijen van Post hangen in een lange rij naast elkaar. Landschappen in vaalbruine kleuren met enorme wolkenpartijen die overigens meer aan Nederland dan aan Brazilië doen denken. Je ziet slaven, huizen, suikermolens, heuvels en rivieren op de plek waar nu de miljoenenstad Recife staat. Alleen het juweel van zijn Post-collectie hangt apart aan één wand. Het is een van de overgebleven zeven schilderijen – Fort Frederik Hendrik – die Post ook daadwerkelijk in Brazilië vervaardigde. Op het schilderij zie je een Europeaan, pofbroek en rood jasje, met speer die ogenschijnlijk vriendelijk twee slaven groet. Aan de horizon doemt het fort op. Het doek is 363 jaar na de vervaardiging terug op de plek waar het gemaakt is. Brennand moest voor het schilderij 4,5 miljoen dollar betalen. De overige doeken zijn aan de hand van schetsen na zijn terugkeer vervaardigd in een atelier in Haarlem.

In totaal heeft Post achttien schilderijen in Recife zelf geschilderd. De doeken werden in 1644 door Johan Maurits van Nassau mee naar Nederland genomen. Vlak voor zijn dood, in 1679, gaf hij – in de hoop geld te krijgen – alle doeken aan de Franse koning Lodewijk XIV. De zonnekoning hing ze op in Versailles, maar later raakten ze in de vergetelheid. Het Mauritshuis in Den Haag, dat Johan Maurits in 1637 liet bouwen, bezit nu twee schilderijen van Post. Het Louvre in Parijs heeft nog vier van de oorspronkelijke groep van achttien doeken. Er zijn nog elf doeken zoek.

Reden temeer waarom Brennand reuze trots is op zijn collectie. Maar hij geeft toe dat het allemaal net zo makkelijk heel anders had kunnen lopen. Aanvankelijk kocht hij vooral reusachtige schilderijen met veel vrouwelijk schoon. Zoals het negentiende-eeuwse schilderij van de Fransman William Bouguereau, After the bath.

,,Ik was eigenlijk alleen geïnteresseerd in klassieke werken. Maar mijn adviseur bij Sotheby's zei dat dit een veel te dure hobby was. Hij raadde me aan impressionisten te kopen en toonde me werk van Renoir en Monet. Ik kon niet zeggen dat ik het slecht vond, dan zou ik een ezel zijn, maar het raakte me niet echt'', vertelt Brennand. Een andere adviseur wees hem op het bestaan van de Hollandse schilders van Brazilië. Mooie schilderijen die relatief goedkoop te bemachtigen waren. Brennand begon meteen in te slaan.

Vijf jaar later, in september 2002, werd de eerste expositie in zijn nieuwe galerie geopend. Het was allemaal – voornamelijk uit Denemarken geleend – werk van Albert Eckhout, die vooral de Braziliaanse flora en fauna en de Braziliaanse bewoners schilderde. De expositie trok 170.000 bezoekers onder wie 60.000 kinderen.

Vooral over de aanloop van jongeren is Brennand zeer te spreken. ,,Het is heel belangrijk gewone mensen van kunst te laten genieten'', zegt hij. Het instituut is daarom gratis te bezoeken. Zijn echtgenote Graça heeft met het oog op de educatie van jonge kinderen inmiddels een eigen school opgericht op een paar honderd meter afstand van het landgoed. En Ricardo Brennand heeft ook fondsen opzij gezet voor een cultureel uitwisselingsprogramma van Braziliaanse en Europese wetenschappers. Allemaal ter meerdere eer en glorie van Hollands Brazilië.

www.ricardobrennand.org.br