Grootste pijn Ahold komt nog

De schade bij Ahold-dochter US Foodservice is hoog, maar na elf weken onzekerheid is de omvang van de fraude eindelijk duidelijk. Nu kan het concern zich met zijn nieuwe topman richten op de volgende etappes richting herstel. Verkopen zijn noodzakelijk.

Hoeveel moet er worden afgestoten om het concern zoveel mogelijk bijeen te houden? Dat is de vraag waar de vorige week benoemde Anders Moberg bij Ahold de komende maanden een antwoord op moet vinden. De schade bij US Foodservice is nu in kaart gebracht: kosten zo'n 880 miljoen dollar en een fikse afwaardering van de bezittingen op de balans.

In eerste instantie lijkt de financiële wereld hem enig vertrouwen te geven, want de Zweed had vorige week de bureaustoel nog niet in zijn favoriete houding gezet, of het supermarktenconcern was met een derde in waarde toegenomen. Gisteren en vanochtend kwam er na de duidelijkheid over de fraude bij US Foodservice nog een verdere koersstijging overheen.

Een mooi begin, maar pijnlijke beslissingen kunnen niet uitblijven. Niet voor niets verlaagde Standaard & Poor's gisteren de kredietstatus van Ahold na de nieuwe indicatie van de US Foodservice-fraude. Aholds schuld van bijna 14 miljard euro drukt dan ook zwaar. Per dag wordt een kleine 3 miljoen euro aan rente betaald. Een verkoop van een vitaal deel van het concern lijkt noodzakelijk, alleen al om het vertrouwen bij de banken te verstevigen.

,,De supermarktketens in Nederland en de Verenigde Staten vormen het hart van het concern, maar voor de rest moet nergens een verkoop worden uitgesloten'', zegt financieel analist P. Roquas van zaken Kempen. ,,Moberg heeft wel enigszins de tijd, want in 2005 moeten de grootste aflossingen komen, maar hoe eerder duidelijk wordt geboden, hoe beter.''

De komende 2,5 jaar dient het concern voor ruim 4,6 miljard euro af te lossen en dit bedrag is volgens financieel analisten onmogelijk uit de lopende activiteiten te betalen. Nog voor de komst van Moberg (ex-Ikea) zijn al de nodige ketens in de etalage gezet. Latijns Amerika – volgens ruwe schattingen in totaal zo'n 800 miljoen euro waard – staat te koop en de veel kleinschaligere bezittingen in Indonesië en Maleisië zijn onlangs verkocht. Te weinig om te kunnen overleven.

,,In feite houd je drie blokken over die voldoende geld kunnen genereren om uit de financiële problemen te komen'', stelt P. van der Lely van het onderzoeksbureau Iris (Rabobank, Robeco). ,,Ahold kan kiezen uit de verkoop van de Amerikaanse groothandel [US Foodservice], Amerikaanse supermarktketens of uit de grote Europese ketens.'' Volgens Van der Lely ligt de verkoop van een grote Europese keten (Albert Heijn) gezien de wortels van Ahold op dit continent niet voor de hand. ,,Daar komt bij dat de grotere Europese activiteiten het altijd goed hebben gedaan, dus die stoot je niet graag af. In de VS ligt het anders: de schaalvoordelen bij de Amerikaanse supermarktketens zie je in veel mindere mate terug bij US Foodservice en het lijkt me aannemelijk dat dit wordt verkocht.'' Een extra argument is de fraude bij Foodservice: de winstgevendheid blijkt veel lager te zijn.

Volgens insiders is de waarde van US Foodservice inmiddels gekrompen tot zo'n 3 miljard euro, terwijl deze groothandelsdochter zo'n 8 miljard heeft gekost. ,,Maar wat het destijds heeft gekost is nauwelijks een item'', zegt Roquas. ,,Het gaat nu om de potentiële opbrengst en de toekomstige inkomsten die je na de verkoop misloopt.''

De financieel analist van Kempen verwacht dat vooral in de Europese supermarktketens wordt gesneden, zoals in Oost-Europa en in Spanje en Portugal. ,,Samen met de verkoop van Latijns Amerika zit je dan een eind in de goede richting'', aldus Roquas. De rest van de financiële verplichtingen moeten dan uit de kasstroom worden betaald, waarbij de marktsituatie (bijvoorbeeld voor Albert Heijn) niet verder mag verslechteren. De verkoop van de Scandinavische keten ICA – sterk winstgevend, kwalititatief onomstreden – is niet waarschijnlijk, zeker met de komst van de Zweed Moberg.

Dat de financiële markten de komst van de nieuwe topman toejuichten is niet verrassend. ,,Beter iemand dan niemand'', zo luidde het commentaar van een analist van Merrill Lynch. Dat klinkt cynischer dan het is: na het vertrek van Van der Hoeven in februari is er eindelijk weer een boegbeeld dat het bedrijf tegen de banken kan verdedigen. Met Moberg en financieel interim-bestuurder Dudley Eustace (ex-Philips) moet Ahold zich opmaken voor de volgende deadline: het bekendmaken van de juiste concern-resultaten over 2002, hetgeen voor 30 juni moet plaatsvinden.

Maar ook daarna blijft er druk op de ketel, gezien de rentebetalingen en noodzakelijke aflossingen. Begin volgend jaar loopt het huidige noodkrediet van ruim 3 miljard euro af: dat lijkt nog ver weg, maar volgens een insider bestaat het risico dat ,,de banken het kleed'' onder het bedrijf uittrekken als de financiële sanering niet op tempo blijft en ze zelf de uitverkoop ter hand nemen. Ahold heeft immers veel bezittingen aan de banken moeten verpanden om het noodkrediet binnen te halen.

Moberg heeft dus nog wel even de tijd, maar hij weet ook dat het geduld van de banken beperkt is.

WWW.NRC.NL: dossier Ahold