Openheid Europa beperkt

De Tweede Kamer was gisteren verontwaardigd over geheime besprekingen tussen de Europese Unie en de VS over een nieuw uitleveringsverdrag. Maar de geheime besprekingen zijn niet uit te bannen.

,,Verbijstering overvalt me. Nederland onderhandelt in EU-verband over mogelijke uitlevering van onderdanen. Maar die onderdanen weten zelf van niets.'' PvdA-fractiespecialist Ella Kalsbeek zette gisteren de toon tijdens de discussie met minister Donner (Justitie) over een nieuw uitleverings- en rechtshulpverdrag. In deze verdragen wordt wederzijdse uitlevering van onderdanen geregeld en wordt de mogelijkheid geschapen voor Amerikaanse opsporingsfunctionarissen om op Europees grondgebied te rechercheren.

Een Kamermeerderheid toonde zich verontwaardigd over de manier waarop de EU-ministers van Justitie al sinds vorig jaar zomer over die verdragen met Amerika onderhandelen, zonder dat iemand daar iets van afweet. Donner zelf wees de Kamer erop dat de teksten al twee weken ter vertrouwelijke inzage in het `aquarium' lagen, Haags jargon voor het aparte kamertje waar fractiespecialisten vertrouwelijke documenten mogen inkijken.

Eén parlementariër, Lousewies van der Laan (D66) had daags voor dat debat ook van die mogelijkheid gebruikgemaakt. Maar vertrouwelijke inzage betekent dat de inhoud niet wordt besproken en zo had Kalsbeek toch gelijk met haar opmerking dat het uitleveringsverdrag over onderdanen gaat die daar zelf geen kennis van hebben.

Als Donner vandaag met zijn collega-ministers in Brussel politieke overeenstemming bereikt, is de kans groot dat dit college van ministers van Justitie, de zogenoemde JBZ-raad, een maand later definitief overeenstemming bereikt over de overeenkomsten.

Het staat de Tweede Kamer daarna nog vrij om de verdragen uiteindelijk weg te stemmen, maar de kans daarop is gering. Donner zou zwaar beschadigd raken als hij na overeenstemming in Europees verband later zou moeten melden dat hij zijn parlement niet achter zich weet te krijgen. Zo'n nederlaag zou de verhoudingen in de regeringscoalitie op scherp zetten, nog afgezien van de internationale schade die Nederland in dat geval oploopt.

Kalsbeek constateerde dat in EU-verband steeds vaker ingrijpende besluiten worden genomen over internationale samenwerking op het gebied van politie (Europol), justitie (Eurojust) of asielbeleid zonder enigerlei vorm van maatschappelijk debat.

Donner onderhandelt vandaag in Brussel over een uitleveringsverdrag met de VS waarvan juristen en staatsrechtdeskundigen, bij gebrek aan kennis over de inhoud ervan, nauwelijks kunnen aangeven of de consequenties wel of niet een verslechtering zijn in vergelijking met de huidige uitleveringspraktijk.

Het democratisch gat in de Europese besluitvorming zal alleen maar groter worden, zo valt op te maken uit een brief die Donner vorige maand naar de Eerste Kamer stuurde. In die brief reageerde Donner op een klacht van D66-senator Kohnstam over het ontbreken van elke vorm van maatschappelijk debat in de besluitvorming over het Europees arrestatiebevel, omdat de ontwerpteksten over dat principebesluit vertrouwelijk bleven tot het moment van finale besluitvorming.

Donner schrijft in zijn reactie dat documenten uit de JBZ-raad in principe kunnen worden voorgelegd aan het parlement. Maar dat zal niet automatisch tot volledige openbaarmaking leiden. De minister verwijst naar de Europese Wet Openbaarheid Bestuur. Hierin worden geen criteria gegeven voor publicatie van JBZ-documenten wegens een `hoger openbaar belang'.

Volgens Donner wordt de lijst met vertrouwelijke documenten de komende tijd zelfs nog uitgebreid als gevolg van een striktere toepassing van deze wet. Dat geldt ook voor het openbaarmaken van politieke akkoorden die de ministers in JBZ-verband sluiten. Nederland wil zich wel beijveren voor meer openheid van die teksten, maar ,,voor een dergelijk besluit is een meerderheid in de Raad noodzakelijk'', aldus Donner.

In een andere, vertrouwelijke, brief aan de Eerste Kamer benadrukt Donner dat de lidstaten aan de JBZ-verdragen gebonden zijn na de grondwettelijke toetsing die nodig is voor het ratificeren van verdragen.

Over de reikwijdte van dergelijke verdragen voor de burgers die het betreft doet Donner geen uitspraak. De gevolgen blijven niet beperkt tot Nederlandse onderdanen. De minister schrijft dat de ,,territoriale werkingssfeer'' van beide verdragen kan worden uitgebreid tot het gehele koninkrijk, dus ook de Nederlandse Antillen en Aruba.

Met de war on drugs die Amerika wereldwijd voert, is dat nog een aparte, onbesproken dimensie in dat uitleveringsverdrag die vooral gevolgen kan hebben voor de ingezetenen op de Antillen en Aruba.