Wonder van hightechdans blijft mat

Als een slang kronkelt een danser over de grond: soepel, snel en met verrassende wendingen. Boven en achter hem op een groot filmdoek schieten amoebe-achtige figuren voorbij. Uit deze kleurige oersoep groeit langzaam een glinsterende slang, die zich transformeert tot vliegend wezen: een kruising tussen een prehistorische vogel en een vervaarlijk klapwiekende engel. Of is het toch een dansend skelet?

Mysterieus en dreigend is dat beeld in de slotsolo van Nemesis, en als enige echt dramatisch. Choreograaf Wayne McGregor, die de solo danst, lijkt de evolutie nog eens dunnetjes over te willen doen, maar dan met een digitaal kleurenpalet in de hand. Dat toont onder meer animaties van Jamie Courtier en Sharon Smith, ontwerpers uit Jim Henson's Creature Shop – de studio van onder meer The Muppets. In Nemesis verloopt de schepping in omgekeerde volgorde en lijkt het verloop cyclisch: van mens via robotachtige mutant en half mens half insect, tot eencellig diertje. In zijn multimediale dansvoorstelling – genoemd naar de Griekse wraakgodin Nemenis – schept McGregor een fantastisch futuristisch beeldverhaal, waarin behalve dit evolutiethema het nachtelijke va-et-vient van mensen is verwerkt.

Nemesis' pronkstuk moet het centrale deel zijn, waarin de tien dansers van Random Dance elkaar te lijf gaan met glanzende metalen armprothesen. Als ridderlijke insectmensen voeren twee van hen een ritueel gevecht uit. De buigzame verlengde armstukken dienen als sierlijke floretten. Nadat ze de degens hebben gekruist versmelten ze tot een monstrueuze sprinkhaan.

Dat bizarre tafereel doet denken aan Jerome Robbins' bidsprinkhanen ballet The Cage, maar dan zonder psychologische diepgang. Nu behoort McGregor ook niet tot de Freud en Jung generatie, maar tot die van cyberspace en digidans. Het werk van deze Britse choreograaf richt zich al tien jaar op het onderzoek naar de relatie tussen de (dansende) mens en technologie.

Ook Nemesis is als wonder van hightechdans aangekondigd, maar dat valt toch tegen. Een belichting via nachtkijkers zette de Nederlandse Nanine Linning bij The Lighthouse met meer effect in. En vergeleken bij Cunninghams virtuele dans of bij de ingenieuze videoprojecties van het Franse duo Montalvo Hervieu is dit maar kinderspel. De achtergrondbeelden bestaan aanvankelijk uit gewone diaprojecties. Wel zijn die prachtig naar het toneel toe verbonden via de feeërieke belichting van Lucy Carter. Ook zijn die verstilde beelden mooi, even esthetisch als de dans. Maar spectaculair – ook waar dat de bedoeling is – wordt Nemesis niet. Het geheel blijft afstandelijk en zelfs mat. Dat is vooral te wijten aan de muziek. Het geluidsdecor van Scanner (componist Robin Rimbaud) mist de inventiviteit van goede elektronische muziek en bezit wel de goedkope kitsch van synthesizerpop. De kille onbestemde geluiden passen bij dit concept, maar de aanzwellende violen, zware orgeltonen en warme pianonoten slaan de dans dood. Alleen wanneer de muziek is teruggebracht tot gruizige machineklanken of tot gedempt menselijk gefluister is deze in harmonie met de rest.

Het best komt de dans tot haar recht in een verstild kwintet waarin deze dansers hun verfijnde virtuositeit in kwikzilveren en watervlugge bewegingen kunnen tonen. De licht acrobatische duetten zijn uitermate vernuftig ontworpen en krijgen van deze homogene groep van uiterlijk verschillende dansers de best denkbare uitvoering. In deze weliswaar visueel aantrekkelijke en toch steriele voorstelling boeit het van god gegeven dansende lichaam van alles het meest.

Nemesis door Random Dance. Choreografie: Wayne McGregor. Animaties: Jim Henson. Soundscape: Scanner. Gezien: 6 mei. Het Muziektheater, Amsterdam. Aldaar: 8 en 9/5. Inl.: (020) 551 89 11 of www.gastprogrammering.nl