Sharon: eerst einde terreur

Er is geen sprake van dat Israël met de Palestijnen over vrede gaat onderhandelen zolang er geen einde aan het Palestijns terrorisme is gekomen. Bovendien moet de Palestijnen hun eis opgeven dat alle vluchtelingen en hun nakomelingen het recht hebben naar hun oorspronkelijke woongebieden in Israël terug te keren. Dat heeft de Israëlische premier Ariel Sharon gisteren gezegd in een vraaggesprek met de Israëlische radio waarin hij een hard standpunt innam ten aanzien van het internationale stappenplan naar vrede, overigens zonder dit met zoveel woorden af te wijzen.

Wel verklaarde hij dat de Israëlische bezwaren tegen het door de Verenigde Staten gesteunde stappenplan, dat bekend staat als de `routekaart', binnen enkele dagen in Washington zullen worden besproken. Vorige maand heeft Israël vijftien wijzigingen van het plan voorgelegd aan de Amerikaanse regering. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, komt naar verwachting in het komende weekeinde naar het gebied om beide partijen aan te moedigen de routekaart uit te voeren.

In de eerste fase van het stappenplan moeten de Palestijnen zich zichtbaar inspannen om een einde te maken aan het geweld tegen Israël en moet Israël onder andere de nederzettingenpolitiek bevriezen. Maar Sharon onderstreepte gisteren dat ,,er geen diplomatieke onderhandelingen onder vuur zullen zijn''. ,,Ik sta op een oplossing in fasen'', zei hij. De eerste fase ,,is de fase van het staken van terreur, geweld en opruiing''.

De nieuwe Palestijnse premier, Abu Mazen, wiens benoeming een Amerikaanse voorwaarde was voor het in werking treden van het stappenplan, herhaalde gisteren zijn verzet tegen de gewapende strijd. Maar moslimextremistische groepen als Hamas hebben gezworen het geweld tegen Israël voort te zetten. Volgens een opiniepeiling is meer dan 60 procent van de Palestijnen in de Gazastrook voorstander van het staken van terreuracties in Israël, mits echter het Israëlische leger zich uit alle Palestijnse gebieden terugtrekt die het sinds het begin van de Palestijnse opstand in september 2000 heeft herbezet. Abu Mazen zei ook dat alle Palestijnen het recht hebben naar hun vroegere woningen terug te keren, ,,en ik kan dit recht niet opgeven''.