Minder misdrijven in Utrecht, maar meer meldingen geweld

Het aantal aangiften van misdrijven in de regio Utrecht is vorig jaar iets gedaald. Wel werd vaker aangifte gedaan van geweldsmisdrijven. De politie hield 10 procent meer verdachten aan en bracht ruim 18 procent meer zaken aan bij het openbaar ministerie.

Dit blijkt uit het jaarverslag van de Utrechtse politie, dat vanmorgen is gepresenteerd. Korpsbeheerder A. Brouwer sprak van een ,,trendbreuk'' in de stijging van de criminaliteit. Ook de politie van Rotterdam meldde onlangs een daling van het aantal aangiften, van 11.271 in maart vorig jaar naar 9.644 in maart dit jaar. Volgens een woordvoerder van de politie Haaglanden is daar het aantal aangiften constant. Amsterdam maakt de cijfers later deze maand bekend.

In de regio Utrecht bedroeg het aantal aangiften in 2001 115.220 en daalde het vorig jaar naar 113.979. De daling trad vooral op bij woninginbraken, auto-inbraken en andere veelvoorkomende criminaliteit. Van de 6.807 woninginbraken werd dertien procent opgelost.

Het aantal geregistreerde geweldsmisdrijven steeg van 6.530 naar 7.095. Daarbij nam vooral het zogeheten `huiselijk geweld' toe, maar ook het aantal straatroven, bedreigingen en mishandelingen. Het oplossingspercentage voor geweldsmisdrijven bedroeg 54 procent, tegen 47 procent in 2001.

Het toezicht op straat stond vorig jaar volgens korpschef P. Vogelzang onder druk van onderbezetting, de inzet van politie bij de MKZ-crisis en de toegenomen beveiliging van politici. Dat de politie desondanks meer verdachten aanhield, is volgens hem te danken aan een beleidswijziging: de politie rukte vaker uit als zij vermoedde dat de dader op heterdaad kon worden betrapt. ,,Repressie op korte termijn helpt'', aldus Vogelzang.

Het prestatiecontract dat de politie eerder dit jaar sloot met het ministerie van Binnenlandse Zaken is sterk op repressie gericht. Vogelzang waarschuwde dat dit niet te zeer ten koste mag gaan van de preventie.

,,Dan zou de criminaliteit op de lange termijn weer kunnen stijgen. Het gaat goed als gemeente, burgers en ondernemers wat van de preventie overnemen. Als die een gat laten vallen, is het water naar de zee dragen.''