Lieve Pim, we moeten verder zonder jou

Rotterdam herdacht Pim Fortuyn gisteren met de onthulling van een levensecht beeld. ,,O prachtig, sprekend.''

In de tram gaat de replica van hand tot hand. ,,Mooi hè, ik ben d'r hartstikke blij mee.'' ,,'t Was zonet ook mooi, die onthulling, al die mensen.'' ,,En het beeld is prachtig, vind ik, zo sprekend.''

Dan tegen de conducteur, waarvan dankzij het nieuwe veiligheidsbeleid elke tram er sinds kort één heeft: ,,Deze tram gaat toch wel naar de kerk, hè? Ik dacht dat we daar nog met de stoet naartoe zouden gaan, maar dat was niet zo.''

De conducteur beaamt het en bewondert de replica: ,,Die kon je toch bestellen? Maar ik heb helemaal geen brief d'r van gehad.'' Ze krijgt een folder met het bestelformulier (,,hartstikke bedankt'') waarmee ze meteen doorloopt naar de trambestuurder: ,,Zal ik voor jou ook een bestelling opnemen? Wil je met of zonder handtekening?''

Aan de Korte Hoogstraat in Rotterdam woonden gisteren naar schatting duizend belangstellenden de onthulling van het beeld van Pim Fortuyn bij.

Vrouwen met in de hand een bos bloemen of de foto die een jaar geleden werd uitgedeeld bij het condoléanceregister (,,Die heb ik laten inlijsten''), mannen in witte sweatshirts met een opdruk van de foto.

Bijna iedereen houdt aan een touwtje een witte ballon vast (,,Goed beetpakken, Kimberley''), op de achtergrond klinkt zacht pianomuziek van een bandje (,,Daar hield hij van, hè'').

Naast de dranghekken de witte cadillac die voorop reed in de `herdenkings- en bezinningstocht' die leidde naar de plek van het beeld, met een krans op de kofferbak, de herdenkingsvlag over de motorkap gespannen.

Om kwart voor zes klinkt het eerste applaus op. Het is het moment dat de `Brieven en Gedichten aan Pim' worden voorgelezen:

,,Lieve Pim, je was niet bang, je hebt je leven gegeven voor de democratie. Nu moeten wij verder zonder jou, maar wel met een stevig gefundeerd gedachtegoed. Ik neem afscheid in de zekerheid dat jij bij ons bent. In de liefde. Gods liefde. Amen.''

,,Lieve Pim, de woorden die jij sprak, soms was het alsof ik mezelf hoorde praten.'' (De zoon van de voorleester is ook dood. Ze vervolgt:) ,,Ik hoop dat jij, Pim, hem boven ontmoet. Jullie waren beide heel bijzonder. Veel liefs.''

,,Lieve Pim, je woorden zijn nog vers, ze staan in de pers. Veel hebben wij gemeen, we zijn beide vissen, en daarom niet van steen. Je was zo eenzaam de laatste weken, alle zwaarmoedigheid was op je neergestreken. Wij denken aan jou, een bijzonder mens, voor man en vrouw.''

Om zes uur, een paar minuten voor het tijdstip van de moord, neemt de Rotterdamse burgemeester Ivo Opstelten het woord. Hij herinnert zijn gehoor aan de ,,vernieuwing en impuls'' die Pim Fortuyn gaf aan de politiek. ,,Dit is een monument om ons verdriet te verwerken. Om naar toe te kunnen. Om te rouwen. Maar ook om afstand te kunnen nemen en ons te herinneren aan onze eigen verantwoordelijkheid: bouwen aan een nieuwe stad.''

Na de onthulling krijgt Opstelten uit handen van Jaap Roepius van de Stichting Beeld van Pim een replica: ,,En ik hoop, meneer de burgemeester, dat het een mooie plek krijgt. Zodat iedereen weet dat we hier nu een mooi beeld hebben. En ik dank iedereen dat het tot stand is gekomen, hiero.''

Na een laatste gedicht is de plechtigheid afgelopen: ,,We wensen u een behouden thuiskomst. En veel sterkte bij het dragen van het verlies van onze Pim.''