`Ik ben een organisator, geen kunstexpert'

Hans van Beers wordt per 1 juli interim-directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam, officieel voor een jaar, maar hij zal blijven `zolang het nodig is'. `De staf heeft zin in een frisse start.'

Hans van Beers, sinds een jaar netmanager van Nederland 3, verlaat per 1 juli de publieke omroep om interim-directeur van het Stedelijk Museum te worden.

Van Beers (1941) heeft een lange en diverse loopbaan in cultureel Nederland achter de rug. De geboren Eindhovenaar begon ooit als wethouder Kunstzaken in Den Bosch, en was vervolgens onder meer directeur van het Rotterdams Philharmonisch Orkest (1988-1990) en directeur van de VPRO (1991-1998). Daarnaast heeft Van Beers altijd een groot aantal nevenfuncties bekleed, vooral in de film- en de muziekwereld, maar ook in de beeldende kunst. Hij is voorzitter van de Mondriaan Stichting en de SICA, bestuurslid van de post-doctorale beeldende kunst-opleiding De Ateliers en juryvoorzitter van de Jan Bart Klasterprijs, een tweejaarlijkse prijs voor de kunstkritiek.

Van Beers werd ,,enkele weken geleden'' benaderd door Wim Crouwel, oud-directeur van museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam en een ,,oude bekende'' van Van Beers. Crouwel is lid van de adviesgroep van de commissie Sanders, het driemanschap onder leiding van Concertgebouw-directeur Martijn Sanders dat zich in opdracht van de gemeente buigt over de toekomst van het Stedelijk, sinds directeuren Rudi Fuchs en Stevijn van Heusden december vorig jaar hun vertrek bekendmaakten. De commissie zet de grote lijnen voor de renovatie en de toekomstige bestuursstructuur van het museum uit; de adviesgroep, met naast Crouwel onder meer oud-politica Andrée van Es, stelde een profielschets op voor een nieuwe, tijdelijke Stedelijk-directeur en kwam zo bij Van Beers terecht.

Van Beers is officieel voor een jaar aangesteld, maar hij zal blijven ,,zolang het nodig is'', zegt hij, ,,misschien wel tot mijn 65ste.'' Hij volgt algemeen directeur Stevijn van Heusden per 1 juli op.

U begint aan wat door velen wordt gezien als een helse klus: het Stedelijk is vervallen en dringend aan renovatie toe, terwijl het plan daarvoor maar geen vaste vorm krijgt.

,,Zo zie ik dat niet. Ik vind het ook een eer. Toen ik gevraagd werd, wilde ik er om te beginnen achter komen of de nieuwbouwplannen kansrijk zijn. Uit de gesprekken die ik daarover gevoerd heb, met de commissie Sanders, met ambtenaren en wethouders, met de burgemeester, kreeg ik de indruk dat de gemeente het Stedelijk nu werkelijk hoog op de prioriteitenlijst heeft staan. Dat het geld er komt, en die renovatie ook. Maar zeker weten doe ik dat natuurlijk niet. Ik vaar op mijn intuïtie.''

Uw voorgangers zijn nogal ongelukkig vertrokken: beiden beklaagden zich over de wispelturige houding van de gemeente jegens het museum, en tegen Rudi Fuchs loopt nog een onderzoek bij het Bureau Integriteit.

,,De laatste periode was voor geen van beiden erg gemakkelijk, dat klopt. Maar ze zijn niet zo rancuneus of verbitterd als ze nu vaak worden afgeschilderd. Ik heb met beiden gesproken, en ze vonden allebei dat ik het moest doen. Fuchs gaat lichtvoetig met alle kritiek om, en Van Heusden blijft tot 1 juli gewoon loyaal zijn werk doen. Op onze leeftijd slijten ergernissen snel. Het beeld dat van de rest van de museumstaf is ontstaan, klopt overigens ook niet. Ik had verwacht dat de mensen diep in de put zouden zitten, maar ik trof een enthousiast en energiek team aan. Ze hebben zin in een frisse start.''

Op uw CV komt relatief weinig beeldende kunst voor. Hoe goed kent u die wereld?

,,Als jongen in Eindhoven was ik erg verknocht aan de collectie van het Van Abbe Museum. Zo maakte ik kennis met moderne kunst. Ik houd redelijk goed bij wat er gebeurt, mede dankzij mijn bestuursfuncties bij de Mondriaan Stichting en De Ateliers. En mijn beste vrienden zijn schilder. Wat het Stedelijk betreft zal ik me in de collectie inwerken door veel te praten, te lezen, te studeren. Maar ik heb vanaf het begin gezegd: ik ben géén specialist. Ik ben geen kunsthistoricus. Als directeur ben ik eindverantwoordelijk voor het artistieke beleid, maar ik zal me er niet bovenmatig mee bemoeien.''

Maar wie gaat dat dan doen?

,,Er zijn daar toch conservatoren? Die kunnen dat uitstekend, zolang er nog geen nieuw artistiek leider is. Het is een van mijn opdrachten om die binnen afzienbare tijd te vinden. Mijn kwaliteiten liggen meer op de achtergrond. Ik kan goed organiseren. Ik kan intern zorgen voor een plezierige sfeer. En ik zorg ervoor dat de kas klopt. In een cultureel bedrijf is het prettig als er iemand de praktische zaken goed regelt, zonder dat het zakelijke alles gaat overheersen. Dat smoort de creativiteit. Het is een misvatting dat een directeur een organisatorisch én een artistiek toptalent zou moeten zijn. Dat is wel het ideaal, maar zulke mensen bestaan nauwelijks.''

In Amsterdam wordt druk gediscussieerd over de toekomst van het Stedelijk. Hoe ziet u die?

,,Ik zie het als een levendige plek, waar op basis van de collectie alle nieuwe kunst die ertoe doet te zien is. Een onvermijdelijke plek van verstilling en verrassing. Voornaam, maar ook rumoerig.''