Een ijzingwekkend requiem voor de wereld

Voor de tweede keer is de opera Die Soldaten (1965) van Bernd Alois Zimmermann in ons land te zien – een van de schokkendste en deprimerendste opera's van na de Tweede Wereldoorlog. In 1971 was er in het Holland Festival een gastvoorstelling van de Deutsche Oper am Rhein. Nu gaat bij de Nederlandse Opera een overweldigend indringende enscenering van regisseur Willy Decker van deze vroeger als `onuitvoerbaar' beschouwde complexe avantgardistische opera. Ook vanwege de fantastische vocale en muzikale uitvoering onder leiding van Hartmut Haenchen is Die Soldaten hèt opera-evenement van dit seizoen.

Deze productie was eerder in kleinere vorm te zien in Dresden en dat past in de desolate symboliek van Zimmermanns Die Soldaten. Dresden werd naast Hiroshima en Nagasaki in 1945 door de totale verwoesting van mens, maatschappij en cultuur het symbool van de misère van de oorlog.

Die Soldaten is gebaseerd op een 18de-eeuws fel-realistisch zedendrama over onoverbrugbare verschillen in rangen en standen in een kazernestad in de tijd van de Sturm und Drang. Al zijn de in rood geüniformeerde soldaten bij Decker bekleed met bloed, het oorlogsbedrijf zelf zien we niet. Maar de symboliek en de implicaties kan men niet breed en verreikend genoeg opvatten. Want onder de soms absurdistisch-komische oppervlakte is Die Soldaten een metafoor voor alle oorlog en ellende in de wereld. Regisseur Willy Decker zegt dat in elk mens de kiem van verwoesting zit. Een soldaat is het prototype daarvan en alle personages, behalve de oude grootmoeder, verwoesten hier elkaar.

Niet alleen rond de herdenking van oorlog en bevrijding is Die Soldaten deze maand op zijn plaats. Met de tijdsbepaling `gisteren, vandaag en morgen' claimt Zimmermann een geldigheid voor alle tijden. Dat lijkt meer dan ooit op zijn plaats in dit bijna apocalyptische tijdsgewricht met oorlogen en geruchten van oorlogen en pestilentiën bij dieren, mensen en musea. Maar reeds in 1970 pleegde Zimmermann (1918) zelfmoord in wanhoop over de toestand in de wereld.

De naoorlogse opera Die Soldaten staat in de traditie van de cynische en tragische vooroorlogse opera's van Alban Berg. Lulu daalde af van de voze maatschappelijke elite naar de liederlijke ondergang in de goot. Wozzeck – het deerniswekkende verhaal van de ondergeschikte soldaat – eindigde in moord. Berg baseerde Wozzeck op het stuk Woyzeck (1837) van Georg Büchner, de oprichter van de `Gesellschaft für Menschenrechte'. Lenz vroeg zich vóór de Franse Revolutie in Die Soldaten af waarom de mens zich niet bekommert om de vraag wat een mens is. Na de Franse Revolutie, uitgelopen op een bloedige en desastreuze allereerste wereldoorlog, gaf Büchner daarop in Woyzeck zijn antwoord: ,,Der Mensch ist ein Abgrund'.

Het is die afgrond die we zien in deze productie van Die Soldaten van Willy Decker, eerder bij de Nederlandse opera de regisseur van een topvoorstelling van Wozzeck. In alle opzichten is Die Soldaten, met Zimmermanns extreme muziek, een extrapolatie van Deckers in geel uitgevoerde Wozzeck. Dat Wozzeck-geel keert ook terug in deze verder zo rode enscenering van Die Soldaten. Het is een filmisch-flitsende voorstelling met vele korte en puntige scènes, die eigenlijk komisch en satirisch zijn, maar tegelijk immens treurig.

Het personage Marie komt in beide opera's voor. Marie staat voor het `ewig weibliche', dat ons allen aantrekt, zoals Goethe zegt aan het slot van Faust. In Wozzeck wordt Marie vermoord, haar zoontje negeert haar dood en rijdt verder op zijn stokpaard: `hop, hop'. In Die Soldaten laat de lichtzinnige Marie zich fêteren door de stoffenhandelaar Stolzius en door aristocratische soldaten. Gravin de la Roche verbiedt haar de omgang met haar zoon, ze wordt uiteindelijk verkracht en eindigt als bedelares. Het decor is dan in een verbijsterend sterke scène aan één kant naar boven getild. De soldaten deinzen terug, Marie zakt weg naar de goot, naar de onderwereld. Marie vraagt een aalmoes aan een voorbijganger. Het is haar vader, maar hij herkent haar niet.

Decker laat Marie sterven en door haar grootmoeder toedekken. Na een bloedstollend schrijnend muzikaal intermezzo zien we haar terug als geest tussen de witte geesten in het ondermaanse. Dat was ook het beginbeeld, zodat de enscenering een serie flashbacks is, waarbij iedereen, behalve Marie en haar zuster, wit geschminkt is. Pas na de dood zijn de standsverschillen weg.

Zimmermann maakte `totaaltheater' na `der totale Krieg' en Die Soldaten is ook megatheater. Hartmut Haenchen dirigeert 27 vocale solisten, een regiment van achttien officieren (zangers en slagwerkers), een orkest van 137 musici inclusief jazzcombo, en 77 figuranten. Een deel van de muziek staat op band en klinkt aan het slot via de geluidsinstallatie rondom het publiek: een demonisch gierend, oorverdovend en ijzingwekkend requiem voor Marie en voor de wereld.

Alle solisten maken in deze legendarisch moeilijke opera een roldebuut en doen dat vocaal en acterend overtuigend en met enorme inzet. Het opvallendst zijn de ongelooflijk zingende Claudia Barainsky (een naïeve, aandoenlijke Marie), Lani Poulson (Charlotte), Eisenhardt (Harry Peeters), Isoldé Elchlepp (gravin de la Roche), Michael Kraus (Stolzius) en Anne Gjevang (moeder van Stolzius).

Zimmermann herhaalt met een veelheid aan stilistische middelen het wonder dat Berg destijds met de twaalftoonsmuziek bereikte. Met de vroeger zo afschrikwekkend geachte middelen van het avantgardisme komt hij voor elk personage tot een onmiskenbaar individuele vocale expressie.

Zimmermann kwam tot een pluralistische opstapeling van lagen en stijlverwijzingen die een rijk gevarieerd klankbeeld oplevert, bovendien opmerkelijk genuanceerd. Het ooit vermaledijde `pling-plong' ontpopt zich hier als een schrikwekkende paniek-coloratuur van Marie. Als haar vader de aan Marie gerichte liefdespoëzie voorleest, klinkt sprookjesachtig lyrisch getinkel van klavecimbel en klokjes. De interventie van de gravin leidt tot een gillend hoog sopraanterzet, het leed gaat door merg en been.

Voor wie zich de afgelopen decennia niet heeft afgesloten voor de eigentijdse muziek, is Zimmermann zelfs jeugdsentiment en feest der herkenning, door het Nederlands Philharmonisch Orkest gespeeld alsof het vanzelfsprekend is en geen enkele moeite kost, tegelijkertijd glashelder en hels.

Voorstelling: Die Soldaten van B.A. Zimmermann door de Nederlandse Opera o.l.v. Hartmut Haenchen. Decor: Wolfgang Gussmann; kostuums: Wolfgang Gussmann en Franke Schernau; regie: Willy Decker. Gezien: 3/5 Muziektheater Amsterdam. Herh.: t/m 25/5. Res.: (020) 6255455. Radio 4: 10/5.

Voor verschillende voorstellingen zijn nog kaarten verkrijgbaar. Radio 4 zendt de voorstelling van 10/5 live uit.