Minnaert

Graag willen we enkele aanvullingen maken bij de goed doordachte bespreking door Dirk van Delft van de biografie van M. Minnaert ( `Flamingant tussen de sterren', W&O 26 april). Van Delft merkt terecht op dat hij in deze mooie biografie graag wat meer over de wetenschappelijk historische context van Minnaerts werk had willen aantreffen. Kennelijk is die context temidden van de vele interessante details over Minnaerts persoonlijk leven, zijn politieke activiteiten, zijn didactisch werk, etc. voor een buitenstaander toch minder goed te herkennen dan voor ons, als zijn leerlingen, die hem 16, respectievelijk 13 jaar vrijwel dagelijks hebben meegemaakt.

Minnaerts grootste wetenschappelijke bijdrage kan kort en krachtig worden samengevat: hij heeft rond 1930 de methode uitgevonden waarmee men de scheikundige samenstelling van hemellichamen kan bepalen uit hun spectrum. Dat wij nu weten hoeveel ijzer, koolstof, zuurstof, silicium, zirkoon, beryllium of titanium er in een ster of een ververwijderd sterrenstelsel aanwezig is, danken wij aan Minnaert. De groeikromme-methode die hij uitvond (zelfs de naam is van hem – van oorsprong bioloog – afkomstig) levert ons deze gegevens. Deze methode wordt tegenwoordig nog dagelijks toegepast door astrofysici wereldwijd.

Hierdoor weten we thans dat sterren en sterrenstelsels in het vroege heelal veel minder elementen zwaarder dan waterstof en helium bevatten dan later gevormde sterren zoals onze zon en de sterren in de schijf van onze melkweg. Zonder dit werk zouden we niet geweten hebben dat het heelal begonnen is met alleen waterstof en helium (gevormd in de Oerknal) en dat alle andere elementen later gevormd zijn door middel van kernprocessen in het binnenste van sterren. Een meer fundamentele bijdrage aan onze kennis van de kosmos is nauwelijks denkbaar en dit maakt Minnaert tot een der grootste natuurwetenschappelijke onderzoekers die de Nederlanden hebben voortgebracht.

Ook als mens was Minnaert groot. Een goed voorbeeld hiervan wordt gevormd door zijn activiteiten in het gijzelaarskamp Sint Michielsgestel van 1942 t/m 1944. Van tijd tot tijd werd door de Duitsers een aantal van de prominenten die daar gegijzeld zaten, gefusilleerd, als represaille voor aanslagen door het Nederlandse verzet. Dit vooruitzicht tezamen met het feit dat men niets omhanden had, maakte veel van de geïnterneerden zeer gedeprimeerd. Meteen na zijn aankomst in dit kamp nam Minnaert, met zijn gebruikelijke energie en enthousiasme, de organisatie ter hand van een `Volksuniversiteit', waarin elk der geïnterneerden voordrachten over zijn eigen vakgebied gaf. Zo gaf onze latere premier Schermerhorn voordrachten over China waar hij vele jaren gewerkt had, literatoren gaven voordrachten over literatuur, Minnaert zelf gaf een collegecyclus over de natuurkunde van het Vrije Veld en over de sterrenkunde, etc. Velen van hen die in dit kamp gezeten hebben (onder wie de huisarts van een van ons als student in Utrecht) vertelden later hoe enorm opbeurend deze inzet van Minnaert is geweest voor het moreel van de gedetineerden en dachten met grote dankbaarheid aan hem terug.

Het buitengewone aan Minnaert was dat hij, naast een der prominentste wetenschappelijk onderzoekers ter wereld in zijn vakgebied te zijn, ook die zeer inspirerende docent was, twaalf talen sprak, alle mogelijke muziekinstrumenten bespeelde en ook nog die prachtige drie boeken over `De Natuurkunde van het Vrije Veld' aan de wereld heeft gegeven. Het eerste deel hiervan werd in meer dan tien talen vertaald en werd onlangs opnieuw in het Duits en Engels uitgegeven. Geen wonder dat bij het grote publiek zijn fundamenteel wetenschappelijk werk niet goed bekend was!

Duizenden studenten wis- en natuurkunde hebben in de loop der jaren van zijn prachtige colleges genoten. De complexiteit van zijn persoonlijke en politieke leven (waarin hij soms grote naïviteit aan de dag legde) doet niets af aan zijn grootheid als mens en als wetenschapper, docent en opleider van onderzoekers. Het is een groot voorrecht hem als leermeester te hebben gehad.

Edward.P.J.van den Heuvel en Max Kuperus Hoogleraar sterrenkunde UvA en em. hoogleraar astrofysica UU