Een loopje met water

Binnenkort buigt de Europese Commissie zich over het jaarlijks overbrengen van ruim een miljard kubieke meter water uit de Ebro in Noord-Spanje naar het droge zuiden. Het project is zeer omstreden.

De straten in het dorp Sant Jaume, in het hart van de Ebro-delta in Noord-Spanje, zijn overspannen met blauwe waterslangen met een knoop erin. Het is het embleem van het Plataforma en Defensa de l'Ebre (PDE), de volksbeweging die zich keert tegen het plan van de Spaanse regering om ruim een miljard kubieke meter water per jaar uit de Ebro naar het droge zuiden van Spanje te transporteren. Nu stroomt het grotendeels ongebruikt de Middellandse Zee in.

De overheveling (15 à 20 procent van het totaal) maakt deel uit van het Spaans Nationaal Hydrologisch Plan (SNHP). Het Ebro-water moet via een aquaduct naar Barcelona, Valencia, Murcia en Almeria. Het bestaat uit open kanalen, tunnels en pijpleidingen en kruist op weg naar het zuiden talrijke dalen die dwars op de kust liggen. Over een afstand van 845 kilometer moet het water negen keer hoog worden opgepompt. Het inlaatpunt bij Xerta ligt op 10 meter boven zeeniveau, het hoogste punt op 540 meter. De Ebro-transfer kost 4,3 miljard euro, op 24 miljard voor het totale SNHP. Een derde moet van de EU komen. Premier Aznar heeft haast: na 2004 is er in Brussel concurrentie van Oost-Europese landen. Het Spaanse parlement heeft het SNHP in juli 2001 goedgekeurd.

doodsteek

Volgens Sebastian Porres, burgemeester van Sant Jaume, betekent de transfer ``de doodsteek voor de Ebro-delta''. Tal van deskundigen vinden met hem dat het met de delta, een belangrijk natuurgebied van 320 km², bergafwaarts is gegaan sinds in de jaren '50 en '60 onder Franco in de Ebro een serie dammen is aangelegd. Daardoor nam de hoeveelheid slib die de rivier aanvoert af van 20 naar 2 miljoen ton per jaar. Het meeste slib bezinkt achter de dammen. Terwijl de zeespiegel 3 tot 7 millimeter per jaar stijgt, daalt de delta met 3 millimeter. Porres: ``De Ebro-delta is een ernstig zieke patiënt. Die moet je niet dood laten gaan, maar weer gezond maken.''

``De zee eet de delta op'', zegt Carmen Garrido, beheerder van het natuurpark Isla de Buda, aan het eind van de Ebro. Het bestaat uit zoetwatermoerassen en -lagunes die door smalle strandwallen worden gescheiden van de zoute zee. Door de verminderde slibaanvoer is er sinds 1960 volgens Garrido al drie kilometer strand verdwenen. Ze wijst naar een plek in zee waar vroeger een vuurtoren stond. Als er nog minder slib komt, verdwijnen ook de strandwallen en de zoetwatermoerassen met hun bijzondere flora en fauna. Garrido heeft ze in de loop der jaren smaller en smaller zien worden.

Behalve minder slib komt er ook minder zoet water in de delta: 16,8 miljard m³ in de jaren zestig; 8,3 miljard m³ in de jaren negentig. Daardoor verzilt de delta. In de rivier zelf is de grens tussen zoet en zout water al vele kilometers landinwaarts opgeschoven, vooral bij lage rivierwaterstanden. Dat de delta nog niet helemaal verzilt is komt doordat bijna alle cultuurgrond voor rijstbouw wordt gebruikt. De velden staan een deel van het jaar blank waardoor het zoute water geen kans krijgt naar boven te komen. De rijstbouw kost echter veel zoet water en rijstboeren vragen zich af of er in de toekomst nog wel genoeg voor hen is. Ook de mossel- en oesterteelt in brakwaterbaaien aan de noord- en zuidkant van de delta loopt bij verzilting van de Ebro-delta gevaar. En een internationaal belangrijk natuurgebied, waar veel trekvogels foerageren, wordt bedreigd.

De regionale regeringen in het zuiden zien het Ebro-water verlangend tegemoet. Als antwoord op de activiteiten van de PDE, die in de zomer van 2001 zelfs een `blauwe mars' naar Brussel hield, hebben ze tegendemonstraties georganiseerd en de voetbalclubs van Valencia, Murcia en Alicante overgehaald om met leuzen op hun shirt te spelen die het project steunen. De economische belangen zijn dan ook groot. Het water van de Ebro-transfer is bestemd voor de tuinbouw en het toerisme. Sinds de toetreding van Spanje tot de EU is rond Murcia en Almeria het grootste tuinbouwkassencomplex ter wereld ontstaan, met alleen al rond Almeria 27.000 hectare aan (plastic) kassen (ter vergelijking: het Westland heeft 3000 ha. aan kassen). De tuinbouweconomie in dit zonnige maar droge deel van Spanje steunt op twee pijlers: goedkoop water en goedkope arbeid van illegale immigranten. Omdat de lokale rivieren onvoldoende water aanvoeren zijn de boeren op grote schaal grondwater gaan oppompen, vaak illegaal. Verdroging en zoutwaterintrusie zijn het gevolg. Ten tijde van Franco is daarom begonnen met de aanvoer van water uit de Taag, waarvoor een aquaduct van 286 kilometer werd aangelegd. Deze voorloper van de Ebro-transfer heeft de watertekorten echter niet kunnen oplossen.

mooi groen

Het Ebro-plan leidt tot een (nieuwe) ronde grondspeculaties. Gronden die straks geïrrigeerd kunnen worden of waar toeristische projecten gerealiseerd kunnen worden, stijgen flink in prijs. Projectontwikkelaars verkochten in 2001 ruim 107.000 woningen aan de Spaanse costa's voor ruim 17 miljard euro, veelal aan Noord-Europeanen. In de komende vijf jaar denken ze nog eens 800.000 woningen te kunnen verkopen. De projecten die – naar Amerikaans model – gekoppeld zijn aan golfterreinen verkopen verreweg het beste. Het aantal golfterreinen neemt snel toe. Om ze mooi groen te houden is veel water nodig. De perspectieven op water stuwen de vraag zo hoog op dat er nieuwe tekorten ontstaan, ook als de Ebro-transfer doorgaat.

Joseph Maria Franquet Bernis, hoogleraar hydrologie en wiskunde/statistiek, ziet de Ebro-transfer als een dure misser, een `witte olifant'. ``Er is gewoon te weinig water om naar Zuid-Spanje te transporteren'', zegt Franquet Bernis. ``Er is uitgegaan van te optimistische voorspellingen.'' Satellietbeelden bevestigen zijn berekeningen dat het stroomgebied van de Ebro verdroogt. Bovendien kent de Ebro grillige afvoeren; de jaarlijkse gemiddelden variëren van 100 tot 1000 m³ per seconde. Ook heeft de regering Aznar volgens Franquet Bernis onvoldoende rekening gehouden met klimaatveranderingen en met de toenemende vraag langs de Ebro zelf. ``Straks is het project klaar maar is er helemaal geen water meer te vervoeren.''