48 uur in Rome

De lente is een mooie tijd om naar Rome te gaan, schrijft Bas Mesters. Huur een scooter en scheur achteloos het Colosseum voorbij.

WANNEER GAAN?

De eeuwige stad in 48 uur willen doen is eigenlijk pure godslastering. Maar goed. Wie verliefd wordt op Rome kan nog vele malen 48 uur terugkomen, iets wat eigenlijk het hele jaar door mogelijk is, al is het deze winter ook in Rome koud geweest.

Herfst en lente zijn zeer aangenaam. In de zomer kan het bloedheet worden in Rome. Maar het voordeel is dat er dan veel minder verkeer is, omdat de Romeinen zelf weg zijn. Bovendien worden er allerlei festivals georganiseerd. Bijna dagelijks is er wel ergens een openluchtconcert. Met name de openluchtbioscoop op Piazza Vittorio Emanuele II is een aanrader. Daar worden onder een aangenaam zomeravondbriesje de klassiekers uit de filmgeschiedenis vertoond.

PLEINEN

Rome is de stad van de pleinen. Het is heerlijk om van piazza naar piazza te slenteren. Bekende aanraders zijn Piazza Navona, Piazza di Spagna en ook Campo dei Fiori waar de Romeinen graag samenkomen. Veel intiemer is het kleine Piazza della Pace aan het einde van de Via della Pace. Het hoefijzervormige plein wordt overheerst door de Santa Maria della Pace, een ronde barokkerk met een charmante zuilengalerij. In de Via della Pace zijn bars en cafés waar het aangenaam dromen is, alvorens de slingertocht langs prachtig afgebladderde en met klimop begroeide terracottagevels voort te zetten en uit te komen bij de Via dei Coronari. Daar wedijveren ambachtslieden en dure antiekhandelaren met hun tegelkunst, kopieën van Romeinse beelden, en overdreven glanzend, Italiaans antiek om de aandacht van de voorbijganger.

Prachtplein blijft ook Piazza Rotonda. Wie op dit plein staat wordt als vanzelf het Pantheon ingezogen, het huis der goden dat het grootste bewaarde overdekte gebouw uit de antieke tijd is en dat door een gat in het midden van het dak uitzicht biedt op de hemel. Het plein heeft een ideale maat; het is altijd vol met toeristen, maar toch gezellig.

SCOOTER

De oplossing om de hitte van zomerzon te verdragen is de scooter. Huur zo'n motorino (vanaf circa 35 euro voor een etmaal) en maak deel uit van de stad. Adem de uitlaatgassen. Stel je op in de eerste rij bij het stoplicht en probeer de Romeinen bij te houden terwijl kinderkopjes je door elkaar schudden, de wind je streelt en het Romeinse decor je doet duizelen. Verstop je plattegrond en volg de meute. Maar vergeet zeker niet op je scooter de Via dei Fori Imperiali en het Colosseum te passeren. Het is een machtig gevoel om er voor de verandering eens achteloos aan voorbij te scheuren. Ook de Corso Vittorio Emanuele II en de Lungotevere die langs de Tiber loopt, zijn aanraders. Beide leiden naar het Vaticaan. Wie vanuit het centrum langzaam naar de buitenste schillen van de stad wil, zou de via Nomentana kunnen nemen en een pauze kunnen inlassen bij misschien wel het mooiste van de vele Romeinse parken, het relatief onbekende Villa Torlonia.

Op de scooter is ook de Via Appia Antica goed bereikbaar, de oudste Romeinse weg die Rome met Brindisi in de hak van Italië verbond en die nabij Rome is uitgeroepen tot nationaal park. Ook hier is het prettig pauzeren en voor wie echt koelte wil, zijn er de ondergrondse catacomben, waar de eerste christenen van Rome werden begraven.

ETEN

Wie in Rome komt en zich beperkt tot de overigens niet te versmaden broodjes en stukjes pizza in de barretjes, heeft het niet helemaal begrepen. Vrijwel overal in de stad kan men goed genieten van de heerlijke Italiaanse keuken die er in slaagt om met weinig ingrediënten de smaakpapillen te strelen. Romeinen nemen er de tijd voor. Ze sluiten hun winkels tussen een en vier uur om een goed middagmaal te nemen en een prettige pauze in te lassen. Toeristen die een boterhammetje eten, missen niet alleen veel heerlijks, ze kunnen in die middaguren, met name in de zomer, eigenlijk nergens terecht. Het adagium is dus: pas je aan en geniet, temeer daar het avondeten pas weer vanaf acht uur te verkrijgen is. Zo maar wat aanraders zijn Osteria del Gallo in Vicolo di Monte Vecchio, achter Piazza Navona, of La Carbonara op Piazza Campo dei Fiori. Het restaurant op het terras van het Capitolijns Museum op de capitolijnse heuvel biedt een fascinerend uitzicht over de stad. Romeinen zelf eten vaak in de wat verborgen restaurantjes in de oude volkswijk Testaccio.

Het Rome van toen bestaat volgens de Romeinen niet meer. Maar de nostalgische types onder hen, en dat zijn er veel, gaan vaak naar Trastevere om er nog een zweem van op te pikken. In deze voormalige volkswijk aan de overkant van de Tiber is de bebouwing wat lager, en de huur- of koopprijs inmiddels wat hoger dan in de rest van Rome. Wie geluk heeft kan hier nog een huisvrouw betrappen, terwijl ze de was aan de lijnen boven de straat hangt. Agostino op Piazza de Renzi is een alternatief eethuis waar het goedkoop, eenvoudig en gezellig eten is.

WINKELEN

Voor wie van Italiaanse merkkleding houdt en niet op honderd euro meer of minder kijkt, is de Via dei Condotti het adres. In deze straat die de Spaanse trappen met de Via del Corso verbindt zijn alle grote modehuizen vertegenwoordigd. Maar veel verrassender is bijvoorbeeld de wat studentikoze en slordige straat Via del Boschetto, tussen Via Nazionale en Via Cavour, waar veel alternatieve winkeltjes zijn.

ZONDAGOCHTEND

Een lome wandeling over een van Rome's zeven heuvelen, de Aventijn, biedt een prachtvol uitzicht over de stad en de gelegenheid om enkele van de Byzantijnse kerken met cosmatenwerk (scherfjes gekleurd marmer die in decoratieve patronen zijn gelegd) te bezichtigen. Rond twaalf uur treft men nabij de sinaasappeltuin veel families aan die er hun tassen opentrekken en de van huis meegenomen maaltijd beginnen op te peuzelen.

De zondag is ook geschikt voor een boottocht op de Tiber, een nieuwe, nog experimentele vorm van openbaar vervoer die voor het eerst de gelegenheid biedt de stad vanaf het water te bewonderen. De boot vertrekt vanaf het Tibereiland. Het grote voordeel van de zondagochtend is verder dat er nauwelijks auto's rijden in de stad, waardoor het extra aantrekkelijk wordt al slenterend een kerken- en pleinentocht te houden.

KERKEN

Het is vrijwel onmogelijk eraan voorbij te gaan. En waarom zou je ook. Deze godshuizen bieden een overzicht van bijna 2000 jaar architectuur, samengebald op een paar vierkante kilometer. Voor de liefhebber enkele aanraders: Il Gesu, de hoofdkerk van de Jezuïeten, pronkstuk van de barokarchitectuur. De Sint-Jan van Lateranen, voormalig Pauslijke zetel met prachtvolle mozaïeken en imposante beelden. In de Santa Maria dell'Anima is voor wie wil het graf van de enige Nederlandse paus Adrianus VI (1522-1523) te bezichtigen. Deze voorlaatste niet-Italiaanse paus hield het weliswaar langer dan 48 uur in Rome vol, maar toch veel korter dan Johannes Paulus II. Al na een jaar en acht maanden stierf hij een ellendige dood. Volgens de overlevering zouden enkele kardinalen, nog voor hij aan zijn ziekte overleed, al op zoek zijn gegaan naar zijn geld.

HOE KOM JE ER?

Steeds meer goedkope luchtvaartmaatschappijen vliegen op Rome. Virginexpress vanaf Amsterdam en Brussel, Ryanair vanaf Charleroi en, voor wie aan de Duitse grens woont, Airberlin vanuit Münster/Osnabrück.