Stokslagen voor de Ierse zaak

Je taal is je thuis en je naam is je gezicht. Zonder dat ben je verloren en thuisloos en dat is het ergste wat iemand kan overkomen. Deze wijsheid werd Hugo Hamilton van kinds af aan bijgebracht. Samen met zijn broers en zusjes groeide hij op in Dublin na de Tweede Wereldoorlog, als kind van ouders met verschillende nationaliteiten en met veel bagage: aan de ene kant een Duitse moeder, die de nazi-terreur heeft overleefd, aan de andere kant een fanatieke Ierse nationalist als vader.

Het lichtst ontvlambaar is vader Hamilton, of liever Seán O hUrmoltaigh, zoals hij erop staat genoemd te worden. Als voorvechter van de Ierse taal en identiteit eist hij dat zijn kinderen alleen Iers spreken, en als hij Engels uit hun mond hoort volgt er straf met de stok. Zelfs op zijn werk bij de Electrical Supply Board weigert hij post te ontvangen waarin zijn naam in het Engels was gespeld. Dat daardoor het gehele dorp Mullingar wekenlang moet wachten op de reparatie van een elektriciteitsmast laat hem koud. Wat hem betreft zat heel Ierland in het donker als er offers gebracht moesten worden voor de Ierse zaak.

Offers werden er in ieder geval ook door zijn gezin gebracht, want omdat de Ierse taal `bad for business' is, zit er geen promotie in voor vader. En dat is maar een van de manieren waarop vrouw en kinderen onder zijn fanatisme lijden. Spreken, zingen of denken in het Engels is ten strengste verboden, zowel binnenshuis als buitenshuis. Hugo's broertje Franz, die toekijkt als de buurtkinderen cowboytje spelen, krijgt er zelfs van langs omdat hij luistert in het Engels.

Vader heeft ongetwijfeld goede bedoelingen. Hij wil niet alleen bewerkstelligen dat de hongersnood – toen de Ieren ook geen stem en gezicht meer hadden – en de strijd tegen Engeland niet voor niets zijn geweest, ook wil hij zijn kinderen een sterk gevoel van identiteit meegeven. In zijn fanatisme gaat hij voorbij aan het feit dat kinderen in de eerste plaats veiligheid en zorgeloosheid nodig hebben, voor ze zich om hun nationale plicht druk willen maken.

Alsof het nog niet moeilijk genoeg is voor de kinderen om Iers te moeten zijn, zijn ze ook nog eens half Duits, en dat valt ook niet mee. Met kerst is het leuk als er speelgoed en boeken van familie uit Duitsland onder de boom liggen. Maar als ze op straat worden uitgescholden voor nazi of Eichmann, en door buurtkinderen geterroriseerd worden, zouden ze het liefst `gewoon', dat wil zeggen Engelssprekend, zijn.

Hugo Hamilton (zoals hij zich na de dood van zijn vader blijkbaar openlijk durft te noemen) vertelt niet alleen het verhaal van zijn gecompliceerde jeugd tussen twee culturen. Ook vertelt hij het verhaal van zijn moeder, die tijdens de oorlog door haar werkgever werd misbruikt, van haar ouders die jong stierven, en van haar oom die als burgemeester werd afgezet omdat hij geen lid van de nationaal-socialistische partij wilde worden. En ook nog eens het verhaal van zijn vader, die als idealistische jongeling op een motor door Ierland trok om de Ierse identiteit te prediken en zijn grootvader, die diende als matroos bij de Engelse marine, maar bij een val op het dek zijn geheugen verloor en daarna wegkwijnde. Dat zijn veel verhalen voor één boek.

De overgangen van het verleden van zijn ouders – en hun familie – naar zijn eigen herinneringen maakt Hamilton kundig en vindingrijk, zoals met beschrijvingen van de geur van soep en taarten bakken in een ver en minder ver verleden. Toch blijven alle geschiedenissen tijdens de eerste helft van het boek te veel in de lucht hangen. Het is simpelweg te veel om als lezer met iedereen compassie te kunnen hebben. Pas als de Hamilton-kinderen wat ouder en opstandiger worden, komen alle karakters echt tot leven. Als ze stiekem met één oor naar Marvin Gaye op de radio luisteren, en met het andere oor naar de geluiden die kunnen duiden op de vader die in aantocht is. Of als Hugo als tiener zo dwars wordt dat hij nazi wíl zijn, omdat hij zich dan tenminste sterk kan voelen.

Ondanks alle idealen en overtuigingen van Seán O hUrmoltaigh is het moeder Irmgard die de familie draagt. Niet alleen houdt ze vader met zachte dwang tegen als hij de kinderen ervan langs wil geven omdat ze op Engels spreken zijn betrapt, ze weet ook aan de rare streken die de kinderen soms uithalen, een positieve draai te geven. Ze weet dat haar man het beste voorhad met zijn gezin, maar ze weet ook dat ze zich meer tegen zijn grillen had moeten verzetten, geeft ze na zijn dood toe. In ieder geval heeft ze er voor weten te zorgen dat de gecompliceerde jeugd van haar kinderen niet alléén maar ongelukkig was.

Hugo Hamilton: The Speckled People. Fourth Estate, 298 blz. €30,50