Jelle wint prijs voor bevrijdingsgedicht

Maandag 5 mei is het Bevrijdingsdag. We herdenken dan dat de Tweede Wereldoorlog stopte. De dag begint officieel in de St. Bavo Kerk in Haarlem. Premier Balkenende zal een toespraak houden voor belangrijke dames en heren. Maar eerst is Jelle Harpenau (13) aan de beurt. Jelle gaat zijn gedicht voordragen. Het heet Vrijheid is?, en het is het enige gedicht dat Jelle ooit schreef. Hoe het komt dat hij het maandag gaat voordragen vertelt hij zelf.

,,We hadden een project op school over vrijheid. We bekeken gedichten, liedjes en films. Aan het einde van het project moesten we een gedicht maken. Ik bedacht zomaar wat woordjes en die plakte ik aan elkaar. Ik probeerde het een beetje filosofisch te maken. Mijn leraar zond het naar `Zo Gedacht Zo Gedicht', een dichtwedstrijd voor het 4 en 5 mei Comité, dat de herdenkingsdag organiseert. Later werd ik een keer uit de klas gehaald. Ik dacht: Wat heb ik nu weer gedaan? Maar ik bleek een van de winnaars te zijn!''

Jelle vraagt zich in zijn gedicht af wat vrijheid is. Vrijheid lijkt er heel onbereikbaar in. ,,Tijdens mijn project zag ik dat vaak het tegenovergestelde van vrijheid werd besproken om het te omschrijven. In een film over Anne Frank zie je dat zij de hele tijd in haar achterkamertje zat opgesloten. En toch gaat het over vrijheid. Zo heb ik het ook aangepakt.''

Herdenken, zoals op 5 mei, moet wel gebeuren, vindt Jelle. Met een beetje ernst en een beetje feest. ,,Mensen zijn lui. Ze vergeten dingen als ze er met een herdenkingsdag niet aan herinnerd worden. Zoals nu met de oorlog in Irak; daar zal ook een herdenkingsdag voor moeten komen.''

Jelle zal maandagochtend eerst het geluid gaan testen samen met de mensen van het Comité. De akoestiek is anders in een kerk. Training hoe je een gedicht voor kunt dragen heeft hij al gehad. Je leert dan articuleren. Duidelijk en langzaam praten is belangrijk in een grote zaal. Iedereen moet hem straks goed kunnen verstaan.

,,Ik ben niet heel zenuwachtig. Als ik er sta en er gaat iets fout, nou, dan ga ik gewoon door. De commissaris van de koningin zie ik later toch niet meer. Ik vind het enger om het voor mijn moeder te doen. Al met al vond ik het schrijven van het gedicht toch het makkelijkst. Als je schrijft kijkt niemand naar je.''