`Griepachtig' is nog geen `griep'

Op 24 april opende deze krant met de kop `Acht griepgevallen door vogelpestvirus'. De bovenkop luidde: `Ministerie ontkent verband'. Het was een verwarrend bericht dat tot veel commotie heeft geleid. Staatssecretaris Ross van Volksgezondheid heeft de krant daarom openlijk gekritiseerd.

Het bericht van vorige week donderdag begon met de vaststelling dat ,,acht Nederlanders een vorm van griep hebben gekregen door besmetting met het vogelpestvirus''. Eén van hen was de inmiddels overleden dierenarts uit Rosmalen. De suggestie was duidelijk: het vogelpestvirus was gevaarlijker dan tot dan toe werd aangenomen.

De reden waarom de redactie het bericht tot opening van de krant verhief, was dat het ministerie het verband leek te ontkennen. Misschien nog geen Chinese toestanden, maar wel iets om alert op te zijn. Mensen hebben er immers recht op dat de overheid alle relevante informatie bekendmaakt.

Op het moment van publicatie waren 82 mensen in Nederland besmet met het gevreesde vogelpestvirus H7N7. Van hen hadden 72 alleen oogonsteking, zes oogontsteking met griepachtige klachten en twee griepachtige klachten zonder oogonsteking. Een van deze laatsten was het raadselachtige sterfgeval van de dierenarts die overleed aan een longontsteking. Bovendien waren er drie gevallen van overdracht van mens op mens. De grote angst was dat het vogelpestvirus zich zou kunnen vermengen met een `gewoon' griepvirus. Want dan zou een epidemie van een nieuw virus kunnen ontstaan. Dat betekende dat elk bericht op een goudschaaltje moest worden gewogen. Zelfs een voorzichtige speculatie kon tot paniek leiden.

Toen kreeg de redactie van NRC Handelsblad vanuit België te horen dat er een rapport was van het Nederlands Influenzacentrum in Rotterdam, waarin werd gesproken over acht personen met `griepachtige verschijnselen'. De Belgische minister van Volksgezondheid had daarover iets gezegd op een persconferentie en De Standaard had een alarmerend bericht gemaakt. Met die kennis belde een redacteur van NRC Handelsblad de afdeling voorlichting van het Nederlandse ministerie van Volksgezondheid.

De betrokken voorlichter bleek het Rotterdamse rapport niet te kennen, maar heeft – volgens zijn eigen lezing – niet ontkend dat het rapport bestond. Hij heeft in een reeks telefoontjes geprobeerd uit te leggen wat er aan de hand kon zijn: de oogaandoening kan gepaard gaan met `griepachtige verschijnselen', maar dat is iets anders dan gewone griep. Ook een viroloog van het ministerie heeft die uitleg gegeven.

Op de redactie van NRC Handelsblad ontspon zich vervolgens een discussie. De medische redacteur vond het niet iets om de krant mee te openen. Zoveel mensen voelen zich wel eens `griepachtig' en dat kan van alles betekenen. Maar de redacteuren die een mogelijke discrepantie tussen `feiten' en ministeriële voorlichting zagen, vonden dat er meer aan de hand was. Misschien was de toestand erger dan het ministerie wilde toegeven.

In het bericht werd ook mevrouw M. Conyn-van Spaendonck geciteerd, werkzaam bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu en voorzitter van het landelijke Outbreak Management Team dat ook rapporteert over volksgezondheid in relatie tot vogelpest. Zij zegt nu dat ze tegenover de NRC-verslaggever wel gesproken heeft over `griepachtige verschijnselen', maar bewust niet over griep, want dat suggereert veel meer. Dan moet je inderdaad rekening houden met vermenging van het vogelpestvirus en een `gewoon' griepvirus. Dat zou een ernstige bedreiging van de volksgezondheid zijn.

Een dag na het omstreden bericht opende NRC Handelsblad opnieuw met nieuws over de vogelpest: `Groot onderzoek gevaren vogelpest'. Staatssceretaris Ross-Van Dorp had in de Kamer ontkend dat de betrokken mensen griep hadden. Het ging slechts om `influenza-achtige' verschijnselen. Volgens Ross had de Belgische minister van Volksgezondheid het op de bewuste persconferentie verkeerd voorgesteld.

Maar omdat risico's niet geheel uit te sluiten zijn, mag je van medische berichtgeving eisen dat zij de feiten zo correct mogelijk weergeeft. En als er onduidelijkheden zijn, moet de krant daar later op terugkomen. In dit geval is dat impliciet wel gebeurd in vervolgberichten. Maar de suggestie dat het ministerie iets had verdoezeld, bleef hangen, ook al doordat de Belgische minister later in een interview met deze krant verklaarde niet onder de indruk te zijn van de Nederlandse verwijten.

De hoofdredactie houdt vol dat de voorlichter van het ministerie de griepachtige verschijnselen leek te ontkennen. Het was ook niet de eerste keer dat de overheid achter de feiten aan liep. Daartegenover staat de verklaring van de ministeriële voorlichter dat hijzelf en twee deskundigen wel degelijk uitleg hebben gegeven van wat er aan de hand was.

In die uitleg is het alarmerend karakter van het uit België komende nieuws gerelativeerd. Desondanks is het bericht prominent gebracht, op zo'n manier dat andere media meteen verontrust het ministerie belden met de vraag wat er aan de hand was. Toen bleek de soep toch minder heet dan zij was opgediend.

Overigens is het geheel der berichtgeving over het vogelpestvirus in deze krant uitvoerig en gedegen geweest. Datzelfde geldt voor de berichtgeving over de wereldwijd verspreide longziekte SARS. De thema-bijlage op 12 april was een schot in de roos en ook de weken daarna was de berichtgeving – mede dankzij de correspondenten in China en Hongkong – veelzijdig. Het uitstekende achtergrondverhaal op 26 april van wetenschapsredacteur Wim Köhler over de risico's van de mondiale bio-industrie verbond beide virus-oorlogen naadloos.

Elders is wel gesuggeerd dat veel media de SARS-epidemie hebben uitvergroot. Slechts een klein (zij het groeiend) percentage ging dood aan de ziekte. Was dit niet de zoveelste hype? Maar dan vergeet men dat de ramp groot is op plaatsen waar het virus toeslaat. Eén persoon kan in korte tijd tientallen mensen besmetten, ook in ziekenhuizen. De sociale en economische gevolgen zijn buitengewoon ernstig. Bovendien kan deze uitbraak de voorbode zijn van nieuwe virussen die op steeds slimmere wijze de met mensen en dieren volgepakte wereld belagen.

Piet Hagen, oud-hoofdredacteur van `De Journalist', blikt eens in de veertien dagen kritisch terug op de berichtgeving in NRC Handelsblad.

WWW.NRC.NL/KRANT ACHTERAF: alle eerder verschenen afleveringen