Troost uit wiskundige schoonheid

Volgens theatermaker Sanne van Rijn bestaat er een verband tussen eenzaamheid en wiskunde: ,,De abstracte schoonheid van een wiskundige formule biedt troost voor wie alleen is.''

Vanaf haar negende tot haar zestiende volgde theatermaker Sanne van Rijn (Amsterdam, 1971) klassieke danslessen aan de Nel Roos Academie in Amsterdam. ,,Maar'', zegt Sanne van Rijn, ,,ik had geen talent voor lyrisch zwaantje''. Dus verliet ze de `balletmavo' en nam vier jaar les in fotografie aan de kunstacademie in Den Haag: ,,Ik deed altijd erg mijn best op vakantiekiekjes'', zegt ze niet zonder spot. Op haar twintigste was ze afgestudeerd en belandde ze per toeval op de Haagse Interfaculteit Beeld en Geluid, een voor haar interessante combinatie van conservatorium en kunstacademie. Vanaf dat ogenblik werd ze performer, nu noemt ze zichzelf theatermaker.

Van Rijn: ,,Ik maakte performances die over alledaagse handelingen gingen, zoals `dweilen' en `bukken'. Wat in de fotografie een stilstaand beeld is, werd in die performances een doorlopend verhaal. Ik ben geïntrigeerd door de factor tijd in een voorstelling. Hoewel het voortgaan van tijd noodzakelijk is in theater, anders heb je geen ontwikkeling, heb ik het verlangen die tijd stil te zetten. Dat bijna onmogelijke verlangen vormt het uitgangspunt van mijn voorstellingen, zoals Het Zwanenmeer en La Sylphide en James – klassieke balletten die ik opnieuw heb geïnterpreteerd en uitgevoerd.''

Regisseur en componist Paul Koek van ZT Hollandia was een van haar leraren. Hij nodigde haar uit mee te doen aan het muziektheater De Val van de Goden. Van Rijn: ,,Dat was een curieus uitstapje, want ik geef niet om repertoiretoneel. Ik zal nooit een bestaand stuk uit mijn hoofd gaan leren en spelen. In tegenstelling tot veel toneelspelers wil ik niets te maken hebben met psychologie. Ik verlang naar het abstracte, het tijdloze. Als je een vergelijking met schilderkunst wil maken dan kun je zeggen dat ik me met Piet Mondriaan verwanter voel dan met Van Gogh.''

Ballet, fotografie, beeld en beweging: het zijn voor het werk van Sanne van Rijn de constanten. Na een repetitieperiode in de Amsterdamse Schouwburg heeft ze zich met medespeler Roy Peters teruggetrokken in theater Plaza Futura in Eindhoven. Als decor fungeert de zwarte, kale ruimte van het theater zelf. In de voorstelling, die Langzaam tot nul heet, gemaakt onder de hoede van ZT Hollandia, onderzoeken de makers of zij iets kunnen zeggen over het wezen van eenzaamheid via de pure schoonheid van een wiskundige formule. Van Rijn kwam op dit idee toen ze hoorde dat `wiskundigen gelukkig kunnen worden dank zij een mooie constructie'.

Van Rijn is gekleed in een zwarte avondjurk, Peters in donkergrijs kostuum. Ze spelen een spel met oranje ballen. De scènes heten `proeven'. De acteurs zijn verwonderd over zaken als zwaartekracht, het stuiteren van de ballen, het vermogen tot rollen. ,,Aan deze voorstelling ligt ontroering ten grondslag'', legt Van Rijn uit. ,,Als ik ontroerd ben door bijvoorbeeld een man die in de stationsrestauratie een gevulde koek eet, door een kunstwerk of een tv-programma als Spoorloos, dan raakt mij dat in mijn eenzaamheid. Het gaat niet om eenzaamheid als gebrek aan contact, zo van: `Kijk eens, wat is dat meisje alleen'. Nee, het is het diepgewortelde besef te weten dat je alleen bent op de wereld. Dat besef, hoe genadeloos hard ook, vind ik van een ijzingwekkende schoonheid. Tegelijk gaat er iets troostrijks vanuit, want iedereen herkent die eenzaamheid.

,,Van begin af aan stond vast dat we geen psychologisch verhaal zouden vertellen over een man een en vrouw, want dat ligt natuurlijk voor de hand. Ik kwam per toeval bij de wiskunde terecht. Dat heeft niets met gevoelens te maken. Langzaam tot nul gaat over de wonderlijke paradox dat de mens zich wel de lotgevallen van het geheel, het heelal dus, aantrekt. Maar het heelal trekt zich niets van ons aan, dat gaat zijn eigen gang en volgt zijn eigen wetten. In het universum doen wij er niet toe. De titel is ontleend aan een kromme lijn, de hyperbool, die in een bepaalde meetkundige figuratie nooit de rechte lijn zal raken, dus nooit `tot nul' komt. Net zoals parallelle lijnen elkaar nooit raken''.

Om er zeker van te zijn dat Langzaam tot nul in wiskundig opzicht verantwoord is, verzocht Van Rijn een deskundige van het Centrum voor Wiskunde en Informatica bij een repetitie langs te komen. Van Rijn heeft nog plezier in zijn reactie: ,,Voor deze man is de hele wereld wiskunde, alles. Wij dachten dat hij ons iets zou kunnen vertellen over hoe wiskunde de oorsprong van het heelal kan verklaren of de loop van de planeten. Hij moest erom lachen, zei: `Alleen leken denken dat van de wiskunde, zij romantiseren'. Dus zijn we weer naar onze eigen werkelijkheid gegaan, die van het theater. In die bollen kun je natuurlijk van alles zien: atomen, planeten, de bewegingen van zon en maan. Wij als spelers ontdekken tijdens de voorstelling dat het zonnestelsel een toevallige constructie is. Dit besef kan de mens eenzaam maken, maar dat is niet wat we willen zeggen. Wij proberen juist troost te schenken door op de schoonheid van planeten te wijzen, die altijd maar in vaste, ogenschijnlijk puur doordachte banen rondzweven.''

`Langzaam tot nul' door ZT Hollandia. Première: 2/5 Plaza Futura, Eindhoven. Tournee t/m 6 juni. Inl. 040-2333623 of www.zthollandia.nl.