Piepende vina uit India

Zoals de gitaar staat voor rockmuziek en de saxofoon voor jazz, zo denkt bij klassieke Indiase muziek bijna iedereen automatisch aan de sitar. Een paar andere instrumenten worden met wat moeite nog wel herkend. Maar alleen echte ingewijden zijn vertrouwd met het geluid van de `gewijde' vina, want deze stokciter wordt nog maar zelden bespeeld. Het instrument bestaat uit een holle bamboebuis met aan beide zijden een klankkast, en telt naast vier hoofdsnaren voor de melodie, nog een drietal extra snaren; twee voor het ritme en één voor de grondtoon.

Dat is mooi om te weten, maar hoe klinkt zo'n ding? Wie in het KIT hoopte op een pijlsnel antwoord was bij Asad Ali Khan aan het verkeerde adres. De 66-jarige muzikant trok alleen al voor het stemmen een kwartier uit. Maar toen hij de ene klankkast op de grond had gezet en de tweede op zijn linkerschouder liet rusten leek alles gereed voor muziek.

Het eerste wat Khan uit zijn vina tovert zijn een paar gonzende tonen die klinken als klokken uit een verre toren. Er zijn luisteraars die de ogen sluiten om zich er totaal in onder te dompelen. Maar van bevrijding komt weinig terecht doordat zich bij het brons een schrille piep voegt die qua hoogte lijkt op een tram in de bocht en zich herhaalt als een dwingend staccato. Zit er in de klankkast op Khans schouder een vogeltje klem of is het slechts een rondzingende microfoon? Pas als het concert een tijd aan de gang is, wordt de oorzaak duidelijk: de piep komt van de hoogste ritme-snaar.

Khan doet wel iets om het kwaad te bestrijden, schuiven met fretten en rukken aan knoppen, maar als dat allemaal niet helpt gaat hij zonder morren verder. Als hij na een uur spelen stopt, en getroost wordt met een slap applaus hoopt iedereen op een betere tweede helft. De musici blijven echter op het podium zitten en gaan door of er niets aan de hand is.

Pas na bijna zeven kwartier snelt er een KIT-official naar het podium om te smeken om een pauze. Tijdens die pauze beweert de een met lef dat die piep juist zo typisch voor de vina is, terwijl een ander meent te weten dat die bedoeld is om de luisteraar onontkoombaar in trance te brengen. De nuchterste verklaring komt van een erkende India-kenner: er worden nauwelijks vina's meer gebouwd, die Khan heeft gewoon een slecht instrument.

Zijn gelijk wordt bewezen na de pauze door een microfoon die minder hoge tonen vangt en een enigszins aangepast spelende Khan. Tot `spirituele bevrijding' komt het niet meer, maar pieploze oren zijn ook al wat.

Concert: Asad Ali Khan. Gehoord 27/4 KIT Tropentheater, Amsterdam.