Lintje hoofdrolspeler in Ceteco-affaire

Ook de politiek hoofdverantwoordelijke voor de `Ceteco-affaire' is koninklijk onderscheiden. Oud-gedeputeerde G. Brouwer van de provincie Zuid-Holland is benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Zondag kreeg voormalig commissaris van de koningin Joan Leemhuis-Stout al een lintje. Leemhuis was als commissaris betrokken bij het besluit tot het geheime bankieren van het college van Gedeputeerde Staten (GS) in 1995. Leemhuis trad na de affaire in 1999 af. De LPF heeft eerder deze week minister Remkes (Binnenlandse Zaken) vragen gesteld over het lintje voor Leemhuis.

Oud-gedeputeerde Brouwer was de bedenker van het geheime bankieren en als gedeputeerde van financiën direct verantwoordelijk. Op zijn advies nam GS het ,,onwettig'' en ,,onaanvaardbaar'' besluit tot bankieren, zo stelde de onderzoekscommissie-Van Dijk later vast. De commissie oordeelde dat GS in zijn geheel verantwoordelijk was, maar dat een bijzondere verantwoordelijkheid lag bij de portefeuillehouder Financiën en de ambtelijke top. ,,Hij [Brouwer, red], de commissaris van de koningin en de griffier die in dit opzicht een bijzondere verantwoordelijkheid hadden, hebben de rechten van de Provinciale Staten niet beschermd.''

Brouwer nam ontslag als gedeputeerde vóórdat de affaire ontstond. Hij aanvaardde een baan als directeur bij KPMG. Door de affaire raakte hij die functie kwijt. Hij behield echter zijn bestuursbanen bij de Rotterdamse Kunststichting, Humanitas, de Nederlandse Skivereniging en de stichting Conny Janssen Danst. Mede voor dat werk is hij nu onderscheiden. Brouwer heeft sinds 2000 een bureau voor overheidsadvisering.

K. Dittrich, die in 1994 een schikking trof om strafvervolging wegens valsheid in geschrifte en belastingfraude af te kopen, kreeg ook een lintje. Hij werd benoemd tot officier in de Orde van Oranje Nassau om zijn verdiensten voor de Universiteit Maastricht en de stad Maastricht.