`Er is een fout gemaakt, dat is evident, een grote fout.' Paul Smeets

Het verhaal dat in Maastricht, zolang daar gemeenteambtenaren en aannemers hebben bestaan, de gemeenteambtenaren met de aannemers onder één hoedje spelen, van hoog tot laag, berust op laster.

Een al even infame leugen is 't dat de Maastrichtse economische en politieke voorhoede met de moraal een loopje zou nemen, omdat alles daar zo Bourgondisch ritselt en katholiek wordt gladgestreken.

Er zou een sfeer van provinciale eigendunk heersen, van bestuurlijke corruptie en vriendjespolitiek. Er zouden drinkgelagen in de gewelven van het stadhuis worden gevierd en de bouwcontracten zouden rondslingeren in de bordelen. Alles kwaadaardige kletskoek.

Toegegeven, 't is niet moeilijk meesmuilend over Maastricht te doen. Hun commissaris noemen ze gouverneur en hun jeugdherberg het Grand Hotel de l'Empereur. Een standaardflatje in een tuttige buitenwijk heet er de patio Sevilla in de wijk Céramique en met drie terrasjes en een blinde uitzendkracht menen ze de Côte d'Azur na te apen. Jawel. Typisch de grootspraak van het onderdeurtje in de familie. Mijn tante Aaltje noemde zich ook hardnekkig Alice. Onschuldig, vermakelijk. Een beetje kapsones geeft fleur aan het leven. Maastrichtenaren staan bekend als knap in het produceren van roomse gladjanussen en schijnheilige palingen – denk aan Maxime Verhagen, moeder van alle klonen – die ze er vervolgens op uitsturen om het stijve Holland te infiltreren en in te palmen. Neem het ze eens kwalijk. Niemand doet het ze na.

Maar dat het typisch Maastrichts zou zijn dat door 't algeheel gekonkel en gedraai spontaan de balkons van de muur vallen – met dodelijke gevolgen – gaat me te ver. Dat 't met elkaar te maken zou hebben dat Maastricht de bakermat vormt van zowel bouwers die bakpoeder door hun cement doen als Maxime Verhagen, 't is een misselijke gedachte.

,,Wie verantwoordelijk is kunnen we nog niet zeggen'', bromt Paul Smeets, de directeur van het Maastrichts bouwbedrijf, na te hebben toegegeven dat er een fout is gemaakt. Een evidente fout en een grote fout. Gewone fouten tellen niet mee voor de katholiek. Brave Paul, zoek niet langer. De `verantwoordelijken' zitten allang niet meer in Maastricht. Het Maastricht-model is nationaal geworden. Ook persoonlijk ga je een onderzoek uitvoeren, zeg je. Lever de uitslag in bij Balkenende en Verhagen. We zullen er nooit meer van horen.

Je bent, Paul, maar een klein radertje in Maastricht en Maastricht is een klein radertje in het aannemersbedrijf Nederland. Wrakke wegen, halve bruggen, einstürzende Neubauten alom. Terwijl incapabele formateurs vergaderen en incompetente vergaderaars formatteren is heel Holland een riskante bouwput annex Van der Valk-motel geworden. De ene helft van de bevolking controleert de andere helft, maar niemand controleert het land. In de patio Sevilla van de Haagse wijk Céramique doet Maxime Verhagen de ledenpop Balkenende duistere influisteringen, en niet alleen het voorbalkon, maar het volledige glazuur springt van de staat.