Atletiekunie kende uitslag dopingtesten

De internationale atletiekfederatie (IAAF) was in 1988 op de hoogte van de positieve dopingtesten die in de Verenigde Staten bij onder anderen Carl Lewis waren afgenomen. Dat heeft de IAAF bekendgemaakt.

Volgens de IAAF heeft het Amerikaans olympisch comité (USOC) correct gehandeld en was er bij betrokken atleten reglementair geen sprake van doping. Lewis won in zijn lange loopbaan negen keer goud bij de Olympische Spelen; op de onderdelen 100 meter, 200 meter estafette en verspringen. Hij werd in 1988 met zeven andere Amerikaanse atleten vrijgesproken door de IAAF. Het Amerikaanse olympisch comité had bij de IAAF om die vrijspraak gevraagd.

Volgens de internationale bond waren de geconstateerde concentraties bij de acht betrapte atleten te klein om tot sancties over te gaan. De IAAF kwam gisteren tot een verklaring na uitvoerige bestudering van de eigen archieven.

Lewis gaf deze maand toe dat hij op weg naar de Spelen in Seoul drie keer is betrapt op het gebruik van verboden prestatiebevorderende middelen, zoals efedrine en daaraan verwante producten. ,,Honderden anderen waren ook positief'', zei Lewis. ,,Honderden anderen kwamen er ook mee weg. Iedereen werd gelijk behandeld. Voor mij werd er geen uitzondering gemaakt.''

Lewis kwam deze maand in opspraak door de publicatie van een zwartboek van Wade Exum, directeur van het Amerikaanse antidopingbureau van 1991 tot 2000. De Amerikaanse sprinter won in Seoul olympisch goud op de 100 meter na diskwalificatie van de Canadees Ben Johnson wegens gebruik van anabolica.

Lewis gaf toe dat hij in 1988 wel een officiële waarschuwing had gekregen. Maar niet voordat hij een dreigende schorsing tijdens een hoorzitting ongedaan had kunnen maken met de verklaring dat hij de verboden middelen per ongeluk zou hebben ingenomen. ,,Het klimaat was ook anders toen'', zei Lewis. ,,Al jaren wordt gedebatteerd of de middelen iets doen. Er is nog steeds geen bewijs voor. In mijn ogen word je er niet beter van.''

Volgens Exum zijn tussen 1988 en 2000 negentien olympische medaillewinnaars uit de VS betrapt op doping, zonder dat daaraan ruchtbaarheid zou zijn gegeven door USOC. Het aantal testen dat positief uitviel en geheim bleef, zou ruim honderd bedragen.

Dick Pound, de voorzitter van het wereldwijde antidopingbureau WADA, haalde hard uit naar de Amerikaanse sportbestuurders. ,,Als ze hun standpunten over doping niet wijzigen, zetten ze Amerika als sportland buitenspel'', stelde de Canadees. ,,Dan kunnen ze Olympische Spelen of wereldkampioenschappen in hun eigen land wel vergeten.''