De butler van meneer Constant

Wie nu aan Anderlecht denkt, denkt aan Michel Verschueren. Zeker sinds de inmiddels 89-jarige erevoorzitter Constant Vandenstock al enige jaren niet meer het gezicht is van de chique Brusselse voetbalclub. Mister Michel, sinds 1980 manager van Anderlecht, legt eind van dit jaar zijn functie neer. De 72-jarige Verschueren is het zakelijk voetbalbrein van België. Hij kent de prijs van elke voetballer in België en geldt als de pleegvader van menig Afrikaans talent dat via Brussel Europa heeft veroverd.

Met zijn zilveren borstelkuif was Verschueren jarenlang niet van de Belgische televisie te slaan. Zeker in de periode dat Anderlecht nog tot de Europese elite behoorde, speelde hij een belangrijke rol in de voetbalwereld. Dankzij Verschueren werd het Constant Vandenstockstadion het eerste stadion in Europa met business seats en viploges met haute cuisine. Hij ontdekte deze vorm van luxe en neveninkomsten in de Verenigde Staten. Het Brusselse stadion gold daardoor lange tijd als het stadion van de toekomst. In 1992 won het stadion zelfs de prijs van het Internationaal Olympisch Comité voor architectuur in de sport.

Toen was Anderlecht nog een rijke club, nu rest de clubs slechts een rijk verleden en een mooi stadion. Aan voetballers van naam ontbreekt het. Geen Paul van Himst, Jef Jurion, Wilfried Puis, Rob Rensenbrink, Jan Mulder, Ludo Coeck, Frankie Vercauteren, Juan Lozano en Luc Nilis meer in het paarse tenue – hoe Verschueren zich ook heeft ingespannen om Anderlecht weer iets van de oude glorie te geven. Het Allez les Mauves klinkt niet meer als een nationale hymne door het Astridpark. Anderlecht telt niet meer mee in de wereld, zelfs in België wordt Sporting regelmatig overtroffen door clubs uit de provincie.

Michel Verschueren werd wel de butler genoemd van de oude Vandenstock, de Brusselse bierbrouwer die Anderlecht internationale faam bezorgde. Nooit heeft hij `meneer Constant' afgevallen. Zelfs toen de oude man in tranen bekende dat hij een Spaanse scheidsrechter geld had gegeven om Anderlecht in de finale van de Europa Cup te krijgen. Hij was desnoods voor zijn patron in de gevangenis gaan zitten. Zo trouw was Verschueren aan de man die hem aanstelde als manager.

Verschueren werd in 1931 geboren in Boortmeerbeek, behaalde diploma's voor sportleraar en fysiotherapeut en trad in 1963 bij Anderlecht in dienst als conditietrainer. Het vak van manager oefende hij voor het eerst uit bij Daring Brussel. Onder zijn leiding ging Daring een fusie aan met Racing White (RWDM). In 1980 haalde Vandenstock hem naar Anderlecht, waarna de club met Verschueren als manager tien keer landskampioen werd, drie keer de Belgische beker won, één keer de UEFA Cup en twee keer een Europese bekerfinale verloor.

Mister Michel heeft niet het charisma van Constant Vandenstock, maar zonder hem dreigt Anderlecht nog anoniemer te worden in de voetbalwereld. Wat moet een club van de Brusselse chic met een voorzitter als Roger Vandenstock (zoon van Constant), met grijze voetballers wier spel in niets doet denken aan het artistieke, hautaine voetbal van weleer? Verschueren zal, wanneer hij Herman van Holsbeeck (nu manager van Lierse SK) heeft proberen in te wijden in het roerige wereldje van het zakelijke voetbal, niet helemaal uit beeld verdwijnen. Hij blijft lid van de raad van bestuur, mede omdat hij beheerder is van de vele nv's rond Royal Sporting Anderlecht. Anderlecht is Verschueren.

Anderlecht verliest niet alleen een vriendelijke maar harde zakenman, maar ook een bezeten clubman. De supporters van de vijanden van Anderlecht zullen hem missen: Straks kunnen ze nooit over de scheidsrechters zingen: `Hij is een vriend van Verschueren.' Kennelijk wist Michel Verschueren heel goed hij hoe scheidsrechters moest bespelen.