Amerikanen veroveren hart Tikrit

Amerikaanse troepen hebben vanochtend het centrum van Saddam Husseins geboorteplaats Tikrit bezet, na slag te hebben geleverd met eenheden van de Republikeinse Garde.

Tikrit was de laatste grote Iraakse stad die nog niet in handen van Amerikaanse of Britse troepen was. Volgens een woordvoerder van het Centraal Commando in Qatar waren er vanochtend nog verspreide verzetshaarden.

De Amerikaanse regering verhoogde het afgelopen weekeinde de druk op Syrië om mee te werken met de VS, in plaats van, zoals Washington stelt, toevlucht te bieden aan Iraakse militairen en leden van het Ba'athregime. President Bush verklaarde ,,te geloven'' dat Syrië chemische wapens bezit. Maar hij verzekerde dat ,,iedere situatie een eigen antwoord vergt''. De Syrische minister van Buitenlandse Zaken, Farouk al-Sharaa, noemde de beschuldigingen ongefundeerd.

In Bagdad meldden zich vanochtend meer dan 2.000 politiemannen (van de 40.000) bij de Politie-academie, om zich voor werk te laten registeren bij Amerikaanse troepen. De politie verdween vorige week uit de straten nadat het Iraakse regime in rook was opgegaan, en maakte plaats voor plunderaars die overheidsgebouwen, maar ook ziekenhuizen, winkels en woonhuizen hebben leeggehaald. In Basra stuitten politiemannen die het weekeinde hun werk hervatten op woedende burgers die hun medewerking met het ex-regime verweten.

In Bagdad zijn de plunderingen in sommige wijken verminderd, volgens sommige bronnen omdat er niets gemakkelijk meer te halen viel en volgens andere als gevolg van tegenmaatregelen van burgers. Bussen reden weer, en inwoners begonnen vuil te verzamelen en te verbranden. Een ploeg Amerikaanse militaire technici is gearriveerd om te helpen de elektriciteit te herstellen. In Bagdad is sinds meer dan een week geen water of stroom meer; in Basra sinds twee weken. Ook in andere Iraakse steden is op grote schaal geplunderd. In de noordelijke stad Mosul zijn ook bloedige afrekeningen tussen Arabieren en Koerden gemeld, waarij tientallen doden zouden zijn gevallen.

In de stad Najaf werd de woning van groot-ayatollah Ali al-Sistani twee dagen lang belegerd door een gewapende menigte die zijn vertrek uit Irak eiste. Vanochtend maakten zij een eind aan het beleg. De menigte zou zijn opgezweept door volgelingen van een andere geestelijke. De zaak zou te maken hebben met een machtsstrijd onder prominente geestelijken. Tribale leiders hebben vanochtend de controle over de stad overgenomen. Shi'ieten vormen ruim 60 procent van de Iraakse bevolking.

De VS hebben inmiddels een topadviseur van Saddam Hussein, generaal Amer Hammoudi al-Saadi, in handen. Zaterdag gaf hij zich over, nadat hij eens te meer had ontkend dat Iraks over massavernietigingswapens beschikt. Daarnaast is een halfbroer van Saddam, ex-minister van Binnenlandse Zaken Watban al-Takriti, volgens Koerdische bronnen opgepakt. Beiden maken deel uit van een Amerikaans kaartspel met 55 Iraakse leiders die door Washington worden gezocht. De rest van het regime is nog zoek.