In gevecht met traag virus

SARS is lang niet zo makkelijk overdraagbaar als griep. Over de zin en onzin van maatregelen tegen besmetting.

De televisiebeelden van de SARS-uitbraak in Hongkong en andere landen in Zuidoost-Azië laten onveranderlijk mensen zien die zich met een mondkapje tegen besmetting proberen te beschermen. Ook in Toronto, waar al negen mensen overleden aan SARS, wapenen honderden mensen zich met mondbescherming. De angst voor de nieuwe virusziekte, die binnen twee tot zeven dagen na besmetting een ernstige longontsteking veroorzaakt, zit er goed in.

Hoe dodelijk het virus precies is kan nog niet met zekerheid worden gezegd, maar voorlopig lijkt dat wel mee te vallen met een sterftecijfer van 2 tot 3 procent. Het feit dat een relatief groot aantal patiënten van SARS herstelt, heeft er echter niet toe geleid dat mensen laconiek worden. In de risicogebieden doet men van alles om besmetting te voorkomen. Sommige maatregelen zijn effectief, andere beschouwen deskundigen op voorhand als zinloos.

De verwekker van SARS is waarschijnlijk een coronavirus, een RNA-virus dat omhuld is door een eiwitmantel. Het virus is niet groter dan 100 nanometer in diameter, onzichtbaar voor het blote oog. Het vermogen van het SARS-virus om zich via de lucht te verspreiden lijkt echter niet zo groot. Veel zieke mensen die later SARS bleken te hebben reisden in de eerste maanden van dit jaar met het vliegtuig zonder een epidemie onder medepassagiers te veroorzaken. Andere besmettelijke virusziekten, zoals griep, tieren welig als zoveel mensen in een kleine ruimte bij elkaar zitten. Zo niet SARS. Slechts in twee gevallen besmette een zieke passagier een beperkt aantal mensen op dezelfde vlucht. Aanvankelijk was alleen het geval bekend van een stewardess van Singapore Airlines die door een passagier was besmet. Maar deze week kwam ook aan het licht dat een Nederlandse stewardess van Air France plus enkele medepassagiers mogelijk zijn aangestoken door een zieke arts tijdens een vlucht van Hanoi naar Parijs.

Aan de hand van dit voor een virus vrij trage epidemiologische beeld concluderen infectiedeskundigen dat het virus zich alleen kan verspreiden als er een nauw contact met de patiënt bestaat. Voor besmetting is het nodig dat druppeltjes speeksel, slijm of andere lichaamssappen van een SARS-patiënt direct of indirect bij een ander in de mond of ogen komen. Alleen in de vochtige omgeving van druppeltjes kan het virus overleven.

Goede mondkapjes filteren die druppeltjes effectief uit de ingeademde lucht en bieden daardoor een hoge mate van bescherming. Maar er is veel kaf onder het koren. Chirurgische mondkapjes (vaak een soort lapjes die met koordjes of elastiekjes om het hoofd gebonden worden) zijn vooral bedoeld om te voorkomen dat druppeltjes uit mond of neus van de chirurg de operatiewond van de patiënt infecteren. Als bescherming tegen SARS hebben deze kapjes weinig waarde. Met name langs de neus kieren zij soms flink. En een masker dat niet goed aansluit op het gezicht, is waardeloos als virusbarrière, hoe fijn het filter ook is. De lucht met virusdeeltjes stroomt er dan gewoon langs.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en de Amerikaanse Centers for Disease Control adviseren medisch personeel dat met SARS-patiënten te maken krijgt een masker met een beschermingsklasse N95 te dragen. Deze filteren 95 procent van de rondzwevende deeltjes uit de lucht. Het Nederlandse ministerie van VWS adviseert mondkapjes met beschermingsfactor P2. Deze maskers houden 92 procent van de zwevende deeltjes tegen.

Het dragen van mondkapjes heeft vooral zin voor mensen die zelf patiënt zijn (om verspreiding van het virus te voorkomen) en voor medisch personeel dat met de patiënten in contact komt.

Volgens het ministerie van VWS heeft het dragen van een masker op straat geen zin, omdat het risico van directe besmetting met SARS daar te verwaarlozen is. Toch dragen leden van het Nederlandse ambassadepersoneel in Singapore en Hongkong ademhalingsmaskers als zij de straat op gaan. Sommige vliegtuigmaatschappijen zijn begonnen met het verstrekken van mondkapjes aan passagiers naast de gebruikelijke dekens en kussentjes. Of dat veel uithaalt, is zeer de vraag, maar het brengt de passagiers in ieder geval de gemoedsrust dat al het mogelijke gedaan wordt .

Producenten van mondkapjes kunnen de vraag in sommige landen nauwelijks bijbenen. De meeste mondkapjes zijn getest en voorzien van een officiële classificatie, maar in de marge profiteren ook bedenkelijkere producten van de SARS-angst. In die categorie valt de `filterstropdas', voorzien van een speciaal polypropyleenfilter dat in geval van nood voor neus en mond gehouden moet worden. De das is ontwikkeld door de Amerikaanse hoogleraar radiologie van de universiteitsziekenhuizen in Cleveland dr. John Haaga. Voor vrouwen is er een variant in de vorm van een sjaaltje. Producent FBS Clothing verkoopt via internet dagelijks zo'n vijftig dassen en sjaaltjes van 40 doller per stuk. Of de filterdassen daadwerkelijk bescherming bieden tegen SARS is niet getest. Bovendien zijn de dassen niet bedoeld voor langdurig gebruik en alleen daarom al ongeschikt.

Een goede persoonlijke hygiëne is de belangrijkste maatregel om het besmettingsrisico te verkleinen. Een SARS-patiënt die in zijn hand hoest of niest en vervolgens allerlei oppervlakken aanraakt kan minuscule druppeltjes vocht met virus achterlaten op liftknopjes, deurklinken of sanitair. Het regelmatig reinigen van deze veelvuldig aangeraakte oppervlakken met een verdunde chlooroplossing is nu dagelijkse praktijk geworden in Hongkong. Dat roept de vraag op of virusdeeltjes zich niet even makkelijk via munten of papiergeld kunnen verspreiden. Dat zijn immers bij uitstek openbare oppervlakken die snel van hand tot hand gaan. Maar volgens het Gezondheidsministerie in Hongkong zijn er geen aanwijzingen dat het virus ook deze route zou kunnen nemen.

Maar ook handen geven of eten uit eenzelfde etenskom (zoals in Azië traditioneel veel gebeurt) houdt een risico in dat het virus op een ander wordt overgedragen. Gezondheidsautoriteiten raden iedereen in risicogebieden aan regelmatig de handen te wassen met water en (vloeibare) zeep. `Hoest en nies met een zakdoek voor de mond en was daarna onmiddellijk de handen', `Raak uw mond, neus of ogen niet aan, en als dat toch noodzakelijk is, was dan eerst uw handen', `Was uw kleren na het bezoek aan een patiënt', `Gebruik altijd een eigen handdoek', luiden de specifieke preventieadviezen van het ministerie van Gezondheid van Hongkong. `Eet gezond, doe met regelmaat aan lichamelijke oefening en rook niet', lijkt er meer op gericht dat als iemand onverhoopt ziek wordt, hij of zij met een goede lichamelijke conditie grotere kans maakt de infectie te overleven.

In de ontlasting van SARS-patiënten is levend virus aangetoond. Dat betekent dat in principe ook het toilet en de riolering bronnen van besmetting kunnen zijn. Het Gezondheidsministerie van Hongkong adviseert de bevolking sinds het begin van deze week om het toilet in huis minstens eenmaal per dag te reinigen met verdunde chloor.

De grootste SARS-uitbraak op één plek tot nu toe had plaats in Amoy Gardens, een woonwijk in Hongkong bestaande uit tien torenflats van 33 verdiepingen. In een van de flats, blok E, werd twee weken gelden de helft van de bewoners plotseling ziek. De autoriteiten in Hongkong sloegen groot alarm. Op 31 maart vaardigden zij een quarantainebevel uit voor de bewoners van alle 108 appartementen in blok E. De mensen uit dit gebouw werden voor een periode van tien dagen (gelijk aan de maximale incubatieperiode van SARS) ondergebracht in drie speciaal ingerichte kampen, geïsoleerd van de buitenwereld. Zo probeerde de overheid te voorkomen dat de infectie zich verder uitbreidde.

Deze week mochten de bewoners van blok E terugkeren naar hun huizen. Schoonmakers hadden de gemeenschappelijke liftruimtes en de individuele appartementen een dag daarvoor grondig gedesinfecteerd, met speciale aandacht voor de keuken en het sanitair. Wetenschappers denken dat het virus buiten het menselijk lichaam niet langer dan een paar uur kan overleven, maar in vochtig organisch materiaal, zoals poep in de toiletpot of voedselresten in de gootsteen of haarresten in het doucheputje, zou het virus langer intact kunnen blijven. Men nam geen risico en reinigde elk hoekje en randje in blok E grondig. Tijdens de schoonmaakwerkzaamheden droeg het personeel handschoenen en beschermende kleding.

De autoriteiten in Hongkong zijn nog bezig met een intensief onderzoek naar de precieze oorzaak van de uitbraak in blok E van Amoy Gardens. Het was zeer opvallend dat vooral bewoners van boven elkaar gelegen appartementen ziek werden. Blijkbaar heeft hier een onbekende verticale besmettingsroute bestaan. Het was bovendien de eerste keer dat werd vastgesteld dat het virus niet via direct lichamelijk contact met andere patiënten of aanhoesten werd overgebracht. Mogelijk sprong het virus hier toch via de lucht of via waterdruppeltjes over op anderen.

De autoriteiten in Hongkong onderzoeken nu of een lekkende rioleringspijp die fijne druppeltjes vervuild water sproeide de lokale epidemie kan hebben veroorzaakt. Het eerdere vermoeden dat kakkerlakken een rol zouden hebben in de verdere verspreiding is uitgesloten, nu er geen virus in de insecten is aangetroffen. Wel is gevonden dat een kat van een van de families uit het complex besmet was met het SARS-virus. Maar deskundigen denken niet dat via dit dier veel bewoners besmet zijn.

Een andere verdachte bron is een bouwplaats naast blok E. Ten minste één van de bouwvakkers die daar werkten bleek later besmet te zijn met SARS. De bovenste vijf verdiepingen van het in aanbouw zijnde flatgebouw hadden geen toiletvoorziening en de bouwvakkers deden hun behoefte gewoon op de kale vloer. Mogelijk zijn deeltjes ontlasting van daaruit overgewaaid naar woonflat E van Amoy Gardens. Deze nog onbevestigde besmettingsroute zou een verklaring bieden waarom vooral bewoners aan één bepaalde kant van de flat besmet zijn geraakt.