Grillige pianist Bley op de Steinway

Wie vraag je om de kwaliteiten van een nieuwe vleugel te demonstreren, een romantische klavierleeuw of een koele virtuoos? Het BIMhuis koos bij de presentatie van zijn nieuwe Steinway D in de figuur van Paul Bley voor weer een ander type pianist: de onvoorspelbare zoeker. Een gedurfde maar wel verantwoorde keus omdat deze vleugel vorige maand al uitvoerig getest is door een echte alleskunner, de Franse pianist Martial Solal. ,,Speelt heel makkelijk, misschien wel te'', luidde desgevraagd diens oordeel over het instrument.

Voor Paul Bley (1932) lijkt de kwaliteit van de piano niet de eerste zorg. Hij moet het niet hebben van motoriek en is wars van alles wat naar topsport riekt: snelheid, fanatisme en heroïek. Hij vertrouwt volledig op zijn geheugen en wat daar aan invallen bijkomt. Er is geen bladmuziek te zien, zelfs geen lijstje met te spelen titels. Omdat hij er het zwijgen toe doet, op wat meeneuriën bij bepaalde frasen na, is ook de luisteraar aangewezen op zijn geheugen en wat hem zomaar te binnen schiet.

Bijvoorbeeld dat Bley deze keer geen enkel stuk speelt van de twee muzen die hem decennia hebben geïnspireerd: zijn eerste liefde Carla Bley en de al even productieve singer-songwriter Annette Peacock. En dat hij in plaats daarvan op soms grappige wijze aandacht besteedt aan de jazz uit zijn jonge jaren: bijvoorbeeld `Oop-pop-a da' van Dizzy Gillespie geklutst met een handvol andere bebop-tunes. En dat hij – solo spelen is een eenzame zaak – in één stuk vaak twee rollen vertolkt, waarbij lieflijke, bijna kinderlijke melodietjes worden afgewisseld met luid en hardhandig clusterwerk. Laconiekheid, speelsheid, pesterij? Je weet het nooit bij deze supergrillige pianist. Dus ook niet waarom hij een toegift kiest die verdacht veel lijkt op 19th Nervous Breakdown van de Rolling Stones. Oud zijn geeft mensen naast ongemak ook een vrijheid die voor anderen soms behoorlijk verwarrend kan zijn.

Concert: Presentatie nieuwe Steinway D door o.a. pianist Paul Bley. Gehoord: 10/4 BIMhuis, Amsterdam.