Lubbers: hulp extra plicht van coalitie

Ruud Lubbers, Hoge Commissaris van de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties (UNHCR), meent dat de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Spanje een extra zware verantwoordelijkheid hebben als het aankomt op het verstrekken van humanitaire hulp in verband met de oorlog in Irak.

Lubbers, die gisteren Madrid aandeed, bekritiseerde de geringe Spaanse hulp en de houding van Spaanse premier José María Aznar omdat deze niets zou begrijpen van het olie-voor-voedselprogramma dat is opgezet voor de Iraakse bevolking. Het programma uit 1996 stelt Irak in staat om olie te verkopen om van de opbrengst voedsel, medicijnen en andere essentiële goederen aan te schaffen, als verzachting van de VN-sancties.

,,De grootste verantwoordelijkheid rust nu op de schouders van die landen en die regeringen die deze militaire interventie hebben ingezet'', aldus Lubbers in een persconferentie na afloop van zijn ontmoeting met de Spaanse premier. Tijdens het gesprek, dat gisterochtend plaats had, kreeg de chef van de UNHCR naar eigen zeggen de indruk dat Aznar niet bijzonder goed op de hoogte was van de hulpprogramma's die thans zijn opgezet. Met name van het olie-voor-voedselproject bleek de premier volgens Lubbers niets te begrijpen. ,,Ik hoop dat zijn ministers het hem nog eens uit kunnen leggen'', aldus de voorzitter.

Ook over omvang van de Spaanse hulp aan Irak bleek Lubbers weinig tevreden. ,,De Spaanse regering zegt dat ze 5 miljoen euro aan de UNHCR zal schenken, maar dit geld is bestemd voor de Verenigde Naties als geheel, waarvan we uiteindelijk slechts 20 procent zullen ontvangen'', zo verklaarde Lubbers tegenover het dagblad El País. Het geld (1 miljoen euro) is bestemd voor een operatie waar 153 miljoen dollar voor nodig is. In totaal heeft de VN voor het komende half jaar 2,2 miljard dollar nodig voor humanitaire hulp aan Irak.

De UNHCR houdt rekening met een vluchtelingenstroom van 600.000 mensen als gevolge van de oorlogshandelingen in Irak. Op dit moment bedraagt het aantal vluchtelingen enkele duizenden. Met name in de noordelijke zone rond de Koerdische gebieden lijkt het aantal vluchtelingen thans op gang te komen. Dat deze stroom tot dusver beperkt blijft, is volgens Lubbers niet ongebruikelijk. De ervaring leert dat de stroom pas in de loop van een oorlog aanzwelt. Daarnaast is het de strategie van het regime in Bagdad om de burgers zoveel mogelijk in de steden te houden om zo aanvallen te bemoeilijken, aldus Lubbers.

Volgens Lubbers is het de bedoeling om opvang zo dicht mogelijk bij de Iraakse grenzen te regelen. De ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken van de landen van de EU zeiden afgelopen week hier eveneens voorstander van te zijn. De Europese Commissie maakt 100 miljoen euro vrij voor extra humanitaire hulp aan de Iraakse bevolking.