Overheid wil zorg en werk combineren

De overheid besteedde de afgelopen vier jaar 22 miljoen euro aan projecten die zorg en werk beter op elkaar moeten afstemmen. Een evaluatie is `gematigd positief'.

,,Nederland is toe aan nieuwe afspraken.'' Onder dit motto presenteerde demissionair staatssecretaris Khee Liang Phoa (Emancipatie- en Familiezaken, LPF) gisteren een evaluatierapport van 140 experimenten die de afgelopen vier jaar zijn uitgevoerd om werk en zorg beter te combineren. Paul Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), dat het onderzoek uitvoerde, is ,,gematigd positief'' over de uitkomst. Zestig procent van de in totaal 22 miljoen euro kostende projecten heeft ,,blijvend resultaat''.

In totaal stak de overheid de afgelopen vier jaar ruim 22 miljoen euro in 140 verschillende projecten. Het geld werd besteed aan het stimuleren van lokale initiatieven die het combineren van zorg en arbeid vereenvoudigen. Meer dan eenderde van de projecten heeft met kinderopvang te maken en iets meer dan de helft is gericht op tweeverdieners. Veel van deze projecten zijn breder getrokken dan het combineren van werk en zorg alleen door bijvoorbeeld allochtone of werkloze vrouwen in te zetten, of kinderen uit achterstandswijken extra kansen te geven.

Zo was er in 1999 de Ynlaet, een openbare school in een achterstandswijk van Heerenveen. De school wilde haar leerlingen meer kansen geven terwijl kinderopvangorganisatie Skep een ruimte zocht voor buitenschoolse opvang. Met behulp van overheidssubsidie werd de samenwerking beklonken. Skep zou de kinderen voor en na schooltijd opvangen en de school zorgde voor intensieve begeleiding van de `pedagogische medewerkers'. Dat ging zo goed dat de mensen van de kinderopvang op den duur zelfs in konden vallen als een docent er niet was. Maar nu is het project afgelopen. Skep kan tot de zomer de lonen betalen, daarna zal het afgelopen zijn met de ,,ideale situatie''.

Van een heel andere orde zijn 55 experimenten die gericht zijn op veranderingen binnen bedrijven. Bij het grootste deel gaat het om het aanpassen van werktijden, zodat werkende ouders voor hun kinderen kunnen zorgen. De rest hiervan is gericht op dienstverlening binnen bedrijven, zoals een boodschappendienst, een kapper of een was- stoom- en strijkservice.

Bij de ABN-Amro bank in Apeldoorn spreekt men voor het eerst over de onderlinge omgangsvormen. Met subsidie van het projectbureau zijn er veel gesprekken gevoerd tussen managers, medewerkers en hun partners over hoe werk en privé op elkaar kunnen worden afgestemd. Het rapport is positief over de effecten: ,,Mensen die betrokken zijn geweest bij het project gaan bewuster om met het maken van keuzes en dit is volgens de geïnterviewden [van de bank] een blijvend effect''.

Door de diversiteit van de projecten, en omdat resultaten soms moeilijk meetbaar zijn, kan het SCP weinig algemene conclusies trekken. De grootste kans op succes bleken projecten te hebben waarbij werknemers én werkgevers vinden dat er een urgente situatie bestaat waar iets aan gedaan moet worden. Negen projecten zijn voortijdig gestopt, op vier na heeft de rest ,,bruikbare producten opgeleverd''.