Een strateeg, en rücksichtslos als het moet

De Amsterdamse advocaat Peter Nicolaï vertegenwoordigt prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn in hun geschil met het koningshuis en de staat. Hij vindt dat mensen moeten worden beschermd tegen de ,,ongebreidelde macht van de overheid'' en is niet vies van trucjes of intimidatie om zijn doel te bereiken.

Marina Nicolaï vertelt hoe haar man Peter Nicolaï haar ten huwelijk vroeg, twaalf jaar geleden. ,,Ik ging met vrienden mee naar een bruiloft, ik stond er nog geen tien minuten toen er een lange man met krullend haar naar me toekwam. Hij zegt: `Wij gaan trouwen.' Hij wist niet hoe ik heette, hij wist niet waar ik vandaan kwam, hij wist niets van mij. Ik dacht: `Die is geschift.''' Er waren wel meer mannen die wat met haar wilden, vertelt ze. ,,Achteraan aansluiten.''

Marina Nicolaï komt uit Moskou. Ze was toen ze naar die bruiloft ging net een jaar in Nederland, ze zat op de kleinkunstacademie. Ze heeft een band – lounge, folk, jazz, oosters – en ze componeert liedjes. Vlak voor dit gesprek, afgelopen vrijdagochtend, heeft ze snel een grijze joggingbroek aangetrokken, een felblauw T-shirt, rode sportschoenen. Ze had zich verslapen. Ze hoeft nooit vroeg op te staan. ,,Peter laat me liggen. Hij brengt de kinderen naar school.'' Hij doet ook de boodschappen en hij kookt. Een vriendin van hem, Fabie Hulsebos, uitvoerend producent bij IdtV-DITS, zegt dat hij gelukkig wordt van een tafel vol gasten voor wie hij eten mag maken. ,,Dat ontbijtje dat hij Margarita en Edwin bracht toen hij bij hen in Frankrijk logeerde'', zegt ze, ,,dat had ik bij ieder ander irritant gevonden. Maar bij hem past het.''

Het paste ook bij hem dat hij prinses Margarita bij de hand nam toen ze afgelopen donderdag naar de Tweede Kamer gingen voor het debat over het BVD-onderzoek naar haar en haar man Edwin de Roy van Zuydewijn. Die hield haar andere hand vast, en zo liepen ze met z'n drieën door de gangen van het parlement. Twee grote mannen die een kleine blonde vrouw beschermden tegen fotografen en cameramensen.

Een warme man, aardig, hartelijk. Ook mensen die hem niet mogen zeggen dat over hem. Hij zegt zelf dat hij het vooral goed met kinderen kan vinden, ,,net als Edwin de Roy van Zuydewijn''. Hij is iemand die imponeert, als het moet intimideert. Superieur intelligent, een strateeg. Dat zegt ook iedereen over hem. Iemand die zijn doel kiest, bedenkt hoe hij het kan bereiken en daar alles voor inzet. ,,Toen we aan elkaar waren voorgesteld'', zegt Marina Nicolaï, ,,toen zei hij: `Mijn Russische prinses, ik ben zelf ook een Rus. Trouw met mij!''' Twee dagen later hielp hij haar met haar papieren.

Een Russische monnik kwam drie eeuwen geleden naar Friesland en vrijde daar met een boerenmeisje. En nog een boerenmeisje. En nog één. Omdat de monnik geen achternaam had, kregen al zijn kinderen zijn voornaam als achternaam. Dat is het verhaal. Peter – eigenlijk Peterdick, de ambtenaar van de burgerlijke stand wilde er geen streepje tussen zetten – Nicolaï werd geboren in Amsterdam-Zuid en groeide daar ook op. Tweede Daltonschool, het Spinoza Lyceum. Een ,,echte bèta'', hij wilde biochemie gaan studeren, of kernfysica. Maar het werd rechten, omdat zijn vader zíjn rechtenstudie door de oorlog niet had afgemaakt. Zijn vader, die in het verzet had gezeten, was journalist bij de Groene Amsterdammer, de VARA, het Parool. Toen Peter Nicolaï en zijn tweelingzusje gingen studeren, werd hun vader hoofd kunstzaken bij de AVRO, voor meer financiële zekerheid.

,,Hij lijkt op zijn vader'', zegt Willem Duk, emeritus hoogleraar bestuursrecht van de Universiteit van Amsterdam en de promotor van Nicolaï. ,,Het zijn allebei mannen die vijanden maken.'' Mannen die, als ze vinden dat ze gelijk hebben, dat gelijk ook willen kríjgen. ,,Dat zet kwaad bloed.''

Volgens Willem Duk is Nicolaï daarom twee keer gepasseerd bij de benoeming van een nieuwe hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam. ,,Hij is de slimste van allemaal, daar is iedereen het over eens. Maar mensen zijn bang voor hem. Hij kan gemeen uit de hoek komen.'' Nicolaï, die vanaf 1969 universitair docent is, later hoofddocent, werd een paar jaar geleden benoemd tot hoogleraar aan de Open Universiteit van Heerlen. Duk noemt het een ,,troostprijs''.

De tweede keer dat hij werd gepasseerd, zegt Nicolaï zelf, werd er een vrouw benoemd. Dat vond hij ,,begrijpelijk''. Veel rechters en advocaten zijn vrouw. Zeventig procent van de studenten is vrouw. Maar er was geen vrouwelijke hoogleraar. De eerste keer, zegt hij, werd hij niet benoemd omdat hij zijn proefschrift nog niet af had. Hij vertelt zelf niet waardoor dat kwam. Willem Duk vertelt het. De eerste vrouw van Nicolaï overleed, op haar vierendertigste, aan een hersentumor. Hij bleef met twee kleine jongetjes achter. Hij bracht ze in zijn eentje groot. ,,Dat heeft hem verschrikkelijk aangegrepen'', zegt Duk. ,,Hij is meteen grijs geworden.''

Zijn proefschrift ging over `de beginselen van behoorlijk bestuur', over de werking van de rechtsstaat. Het was volgens zijn promotor ,,briljant''. Willem Duk was al met emeritaat toen Nicolaï eraan werkte, hij had alle tijd voor hem. ,,Het was origineel, met een interpretatie van de jurisprudentie die nieuw was. Doorwrocht en toch goed leesbaar.'' Nicolaï schreef toen hij nog studeerde voor de Groene Amsterdammer en Vrij Nederland – hij was misschien journalist gebleven als de universiteit hem niet had vastgehouden. Hij kwam in die tijd graag in De Kring, de sociëteit voor kunstenaars bij het Leidseplein in Amsterdam. Daar leerde Duk hem kennen. Nicolaï was begin twintig, hij al in de vijftig. ,,Hij viel op, door zijn lengte en zijn haar, maar vooral door zijn présence. Hij heeft de neiging om van ieder gezelschap het middelpunt te zijn.'' Duk beschouwt hem, zegt hij, als zijn vijfde zoon. En zo praat hij ook over hem. Hij vertelt dat veel bestuursrechtjuristen nogal saai zijn, ze komen vaak uit ,,de ambtelijke wereld''. Maar in de jaren zestig kon ,,een beetje linkse rechtenstudent'' onmogelijk voor ondernemingsrecht kiezen, dat was iets voor ,,jongens die op geld uit waren''. En dan lacht Duk en zegt hij dat Nicolaï nu geld ,,als water'' verdient, en dat hij er ook goed over kan onderhandelen. ,,Hij loopt nog steeds niet in driedelig grijs. Maar ik weet zeker dat hij een dure auto heeft, op zijn minst een Volvo.''

En dat klopt. Nicolaï heeft een Volvo. En een Ford Transit, voor de band van Marina Nicolaï. En een Lada – maar die staat in Moskou. Hij draagt graag aparte kleren. Broeken van grove tweed, linnen hemden. Buiten zet hij een bontmuts op. Het viel hem op, zegt hij als hij de videoband van zijn optreden in Barend & Van Dorp van afgelopen donderdag laat zien, hoe slecht die mannen gekleed zijn. Anders dan Edwin de Roy van Zuydewijn. ,,Die kleedt zich tot in de puntjes.''

In de tijd van zijn proefschrift, zegt Nicolaï, had hij er nog een groot vertrouwen in dat in Nederland de overheid zich aan zijn eigen rechtsstatelijke regels houdt. Maar toen hij aan de zaak van Willem Oltmans begon, in de jaren negentig, vielen hem ,,de schellen van de ogen''. Bij Willem Oltmans – die in de jaren vijftig door minister Luns om zijn pro-Indonesische standpunt overal was zwartgemaakt – werd er ook eerst gezegd dat de BVD nooit onderzoek had gedaan en dat er geen dossier over hem was. ,,Er was wél onderzoek gedaan, en er was een dossier van veertig centimeter. Oltmans bleek jarenlang te zijn gedwarsboomd'', zegt Nicolaï. Twee jaar geleden moest de Nederlandse staat Willem Oltmans een schadevergoeding betalen van acht miljoen gulden. Sinds die zaak weet Nicolaï hoe kwetsbaar staatsburgers kunnen zijn, ook in Nederland, en dat ze beschermd moeten worden tegen de ,,ongebreidelde macht van de overheid''.

Nicolaï zegt dat hij zelf belde met de advocaat die prinses Margarita en Edwin de Roy van Zuydewijn eerst hadden, Willem Slagter, emeritus hoogleraar in Rotterdam. ,,Ik zei: `Als je op dingen stuit waar je niet uitkomt, kun je altijd bij mij terecht.' De volgende dag belde Edwin de Roy van Zuydewijn mij op.'' Prinses Margarita en haar man hadden ook andere advocaten gebeld, zegt Nicolaï. ,,Maar niemand durfde de zaak aan.''

Geen sprake van dat hij zich identificeert met dwarsliggers. ,,Voor zover dat zo lijkt, is het strategie'', zegt hij. Maar hij gaat wel anders met zijn cliënten om dan andere advocaten. ,,Persoonlijker, vriendschappelijker.'' Hij gebruikt ook andere middelen dan andere advocaten. Die spreken er kwaad van, maar er zijn er maar weinig die dat openlijk in de krant durven te doen. Eberhard van der Laan, advocaat en oud-fractievoorzitter van de Partij van de Arbeid in de gemeenteraad van Amsterdam, zegt dat hij Nicolaï ,,kundig'' vindt. ,,Maar beïnvloeding van de publiciteit zit voorin zijn instrumentarium''. Als raadslid kreeg Van der Laan met advocaat Nicolaï te maken, doordat die vaak tegen de gemeente Amsterdam procedeerde, bijvoorbeeld namens bewoners van Buitenveldert tegen de aanleg van een tennispark op de Vietnamweide.

Ellen Pasman, de advocaat met wie Nicolaï jarenlang samenwerkte in de Oltmans-zaak, zegt dat ze liever over hem zwijgt. Ze schreef een boek over deze zaak. Nicolaï komt er maar weinig in voor. En zelf zegt hij dat hij dat boek niet gelezen heeft, ,,geen zin in''. Volgens Willem Oltmans zelf was Pasman ,,perfect voor het lobbywerk met journalisten en politici''. Maar Nicolaï, zegt hij, was degene die ervoor zorgde dat er geld op tafel kwam. Oltmans: ,,Peter is rücksichtslos als het moet.''

Theo Bremer, ook advocaat, zegt dat Nicolaï voor zijn cliënten ,,alles geoorloofd'' vindt, en er ,,zelfs niet voor schroomt om zich voor te doen als een ander''. Hij heeft het over een incident dat Peter Nicolaï een waarschuwing van de Orde van Advocaten opleverde. Volkskrant-journalist Hella Rottenberg had een boek geschreven over de erfenis van het in Amsterdam wonende Russische echtpaar Chardzjiëv, eigenaars van een kostbare kunstcollectie. De Chardzjiëvs wilden dat de collectie na hun dood in haar geheel in een stichting werd ondergebracht. (Theo Bremer zat in het bestuur van die stichting.) Maar door de notaris die de erfboedel beheerde werden toch belangrijke kunstwerken verkocht. Rottenberg schreef dat Boris Abarov, die het echtpaar verzorgd had, samen met de notaris vele miljoenen verdiende aan die verkoop. Abarov ging naar Peter Nicolaï. Hella Rottenberg: ,,Op een zaterdagavond werd ik thuis gebeld door iemand die zich `Charles' noemde. Hij wilde mij een pakketje komen aanreiken van vrienden van mij in Moskou. Even later stond die Charles met een brief in zijn hand voor de deur, en vlak daarna sprong Abarov te voorschijn. `Charles' bleek Abarovs advocaat Nicolaï te zijn. Ze wilden met me praten. Ze wilden dat ik ophield met te vertellen wat Abarov gedaan had.'' Buitengewoon bedreigend, vond Rottenberg. Ze stond te trillen op haar benen. ,,Abarov was mij niet goed gezind. Hij ging om met allerlei duistere figuren.''

Het werd een klacht bij de Raad van Discipline bij de Orde van Advocaten. Nicolaï kreeg, zomer 2000, een waarschuwing. (Een advocaat mag na drie uitspraken geen advocaat meer zijn.) De Raad sprak van `misoptreden' en vond dat Nicolaï niet onder een vals voorwendsel naar Rottenberg had mogen gaan. En hij had zijn cliënt niet onaangekondigd mogen meenemen. Nicolaï: ,,Het was het idee van Abarov, om me te melden als prins Charles. Van een bron van Hella Rottenberg zelf wist ik dat ze een bijzondere relatie had gehad met Abarov, ik heb dat op de band. Ik dacht: `Dat is blijkbaar een code tussen hen, dat zal ze wel begrijpen.' Mijn enige doel was om haar te laten ophouden met het verspreiden van onzin over mijn cliënt. Je kunt gaan procederen, je kunt ook denken: `Ik zorg dat die twee eens praten.'''

Hij noemt het nu een ,,taxatiefout''. Rottenberg ontkent dat ze een relatie heeft gehad met Boris Abarov. ,,Ik heb Nicolaï meermalen laten weten dat het een verzinsel is. Abarov heeft het ook nooit gezegd. Nicolaï probeert ermee te maskeren dat hij mij heeft willen intimideren.''

Onverdraaglijk voor Nicolaï, zegt Willem Duk, zijn promotor aan de universiteit. ,,Hij heeft alles altijd perfect onder controle. Hij weet precies wat hij doet.'' Lachend: ,,De zaak met Margarita gaat hij zeker winnen. Anders begint hij er niet aan.'' En: ,,Die De Roy van Zuydewijn lijkt me geen voorbeeld van een solide huisvader. Maar natúúrlijk heeft de BVD hem afgeluisterd, dat doen alle geheime diensten. Ze zijn alleen zo stom geweest om het te laten merken. Nu stapelt de tegenpartij de ene blunder op de andere. En Peter bouwt een mooie zaak op.''

Controle houden over alles wat er gezegd en geschreven wordt – dat is nu de grootste zorg voor Peter Nicolaï. Afgelopen vrijdag, vertelt hij, belde hij met een journalist van de Telegraaf om hem te vragen ,,waar hij eigenlijk mee bezig was'', zo veel onzin als hij schreef over prinses Margarita en haar man. Zaterdagochtend, tijdens het gesprek, kijkt hij naar het verhaal dat de Telegraaf op de voorpagina heeft gezet. ,,De eerste keer dat de toon neutraal is.'' Tevreden: ,,Een rustig stuk, betrouwbare informatie.''

    • Jannetje Koelewijn