BOEKEN

Boeken over de Formule 1 spelen zich slechts voor een klein deel op het asfalt af: de spotlights zijn doorgaans op de pits gericht. Daar immers, in het verborgene, wordt voor een belangrijk deel bepaald wat er tussen start en finish gebeurt. Daarmee sluiten ze aan bij RTL dat de televisiekijker ook nadrukkelijke meeneemt naar de technici in de werkplaatsen.

Wat dat betreft is het geen toeval dat er van RTL-commentator Olav Mol zelf ook boeken over Michael Schumacher en zijn collega's verschijnen.

Hij publiceerde in 1997 al Langs de vangrail en vorige herfst verscheen van hem en fotograaf Frits van Eldik In de bocht (Uitg. Race Report, 112 blz., 9,95 euro). Daarin staan aardige anekdotes en karakterschetsen van de coureurs, die zich echter niet veel onderscheiden van wat Mol tijdens de uitzendingen doorgaans vertelt.

Het belang van constante aanwezigheid in de coulissen blijkt ook uit de verhalen die verzameld staan in andere boekjes.

Kampioenen in de knel. Intriges en malversaties in de Formule 1 (Tirion, 174 blz., 12,90 euro) van Arjan van der Knaap gaat zowel over het kleine en persoonlijke, zoals de ruzies tussen Ralf Schumacher en zijn teamgenoot Juan Pablo Montoya (die de circuits verkende door middel van computerspelletjes), als over de grootschalige confrontaties tussen de grote autofabrikanten en Bernie Ecclestone, de `Napoleon van de Formule 1'.

De macht van Ecclestone komt ook uitgebreid aan de orde in het naar hem vernoemde Bernie's Avenue van Nando Boers en Ronald van Dam (Thomas Rap, 160 blz., 15,– euro). Het laantje uit de titel ligt in een bos in Hongarije, waar Ecclestone het speciaal liet aanleggen in de buurt van het slecht bereikbare circuit waarop de Grote Prijs van Hongarije wordt verreden. Boers en Van Dam volgen het seizoen 2001 van race tot race, maar kijken ook regelmatig terug in de geschiedenis, zoals in het stuk over Imola, het circuit waar Ayrton Senna in 1994 omkwam, een van de weinige dodelijke ongelukken die de Formule 1 volgens de auteurs daadwerkelijk aan het wankelen brachten. Van Dam vergelijkt Senna enigszins impressionistisch met rockster Herman Brood, die ook `op de grens' leefde. Al in 1994 werd aan Senna een Nederlandstalig boek gewijd, Senna, de rechtervoet van God.

Ook voor Koen Vergeer was het ongeluk van Senna een cruciaal moment voor de sport: `Als de helikopter opstijgt en verdwijnt boven de bomen, weet iedereen dat daar de ziel van de Formule 1 verdwijnt', schrijft hij in De Formule 1 Fanaat, een boek uit 1999 waarin hij niet alleen de actualiteit van de Formule 1 behandelt, maar ook hoe hij er in zijn jeugd door gefascineerd raakte. Uitgeverij Atlas verwacht het boek over enkele maanden te gaan herdrukken.