Ruzie over bereik Al-Samoud treft Irak's kwade opzet

De Iraakse Al-Samoud vliegt tientallen kilometers langer dan mag van de VN. Niet iets om erg ongerust over te zijn. Toch hebben de wapeninspecteurs een punt: Bagdad was gewaarschuwd tegen het ontwikkelen van verboden raketten.

Vandaag is de laatste dag waarop Irak een begin had kunnen maken met de vernietiging van zijn Al-Samoud-raketten. Gisteren maakte UNMOVIC-leider Hans Blix bekend dat Irak schriftelijk had laten weten ,,in beginsel'' in te stemmen met de vernietiging. Maar of daarmee vandaag nog een praktisch begin zal worden gemaakt is onduidelijk.

In feite eiste Blix in zijn brief van 21 februari van Irak niet meer dan dat het voor 1 maart ,,geëigende maatregelen'' zou treffen om vernietiging van de raketten onder toezicht van UNMOVIC mogelijk te maken. Blix liet in het midden binnen welk tijdsbestek de vernietiging voltooid zou moet zijn. De Irakezen worden tot niet meer verplicht dan langzame haast.

In principe hoeft het vernietigen van de raketten niet langer dan een paar uur te duren. Veel van de beruchte Scud-raketten werden onklaar gemaakt met een zware klap van een grondverzetmachine, een techniek die als `crushing' bekend staat. Maar de Al-Samouds kunnen ook, zoals Blix schreef, worden opgeblazen. Onderdelen kunnen worden omgesmolten.

Voor Irak moet het een wrange ervaring zijn. Het was al jaren duidelijk dat de Al-Samouds (Volharding) de toegestane reikwijdte van 150 kilometer wel eens zou kunnen overschrijden. In de UNSCOM-periode, tot eind 1998, was daar nooit erg moeilijk over gedaan. Per slot was de limiet van 150 kilometer die in bestandsresolutie 687 (na het einde van de Golfoorlog in 1991) was vastgesteld tamelijk arbitrair. Een lichte overschrijding heeft geen strategische betekenis, Israël ligt op meer dan 300 kilometer van de uiterste westgrens van Irak.

Zelfs de beruchte Russische Scud-raketten waren in de oorspronkelijke configuratie, met een reikwijdte van 300 kilometer, nauwelijks een bedreiging voor Tel Aviv of Haifa. Het waren de verlengde Scuds, die `Al-Husseins' werden genoemd, die later in Israël zouden neerkomen. De Al-Husseins hadden een bereik van 600 km.

Er komt bij dat Irak zelf had gemeld dat de Al-Samouds in proeven na 1998 wel eens verder vlogen dan was toegestaan. Eind september vorig jaar ontving UNMOVIC enige CD-ROM's met de resultaten van de testen die na na het vertrek van UNSCOM waren uitgevoerd. In een enkel geval was een `range' van wel 183 kilometer gehaald. Niemand die ervan opkeek. In 1997 en 1998 hadden UNSCOM-inspecteurs testen met de Al-Samouds bijgewoond en toen al vastgesteld dat de toegestane limiet in geding was. De rapporten van de Britse en Amerikaanse inlichtingendiensten die in het najaar van 2002 werden uitgebracht, noteerden dan ook allebei dat de reikwijdte van de Al-Samouds te groot zou kunnen worden. Ook de proefstand die voor het testen van de stuwkracht van de raketmotoren werd gebruikt, leek wat aan de zware kant.

Het kon dus geen enkele verbazing wekken dat een internationaal panel van raketdeskundigen dat op 10 en 11 februari in New York bijeen kwam, bevestigde dat de Al-Samoud zijn limiet te boven zou gaan. Het panel gebruikte een computermodel voor zijn studie, maar voerde er de gegevens in die Irak zelf had verstrekt. Het Iraakse verweer was dat de enkele Al-Samoud die te ver was gekomen niet was uitgerust met een gyroscoop en andere geleidingssystemen. Niet duidelijk is of het gewicht daarvan wel van zo grote invloed is. Van meer belang lijkt het antwoord op de vraag of de Al-Samouds waren voorzien van een `dummy' van de bedoelde raketkop. De raket kan in totaal 300 kilo aan explosieven vervoeren. Hoe minder explosieven er worden meegegeven hoe verder hij vliegt.

In ieder geval kan de te grote reikwijdte van de Al-Samouds niet worden beschouwd als `de stok om de hond te slaan'. Irak is door UNSCOM onder leidingvan Rolf Ekeus een paar maal uitdrukkelijk gewaarschuwd dat de Al-Samouds niet te zeer mochten worden opgevoerd. Zo heeft Ekeus Irak in 1994 verboden de diameter van de raket tot meer dan 600 mm op te voeren. In 1997 werden beperkingen gesteld aan de raketmotoren. Inmiddels heeft Irak een Al-Samoud-versie gebouwd met een diameter van 760 mm (de Al-Samoud 2). De Amerikaanse deskundige David Albright heeft erop gewezen dat de raket daarmee bijna breed genoeg is om er de atoombom mee te vervoeren die Irak in ontwikkeling had. Maar het geschatte gewicht van die bom zou eerder rond de 500 kg liggen.

Er valt aan toe te voegen dat rond de ontwikkeling van de Al-Samouds en de andere raketten die Irak ook na het bestand van 1991 mocht ontwikkelen voortdurend een sfeer van clandestiene transacties heeft gehangen. Keer op keer bleek dat Irak er, ondanks het economisch embargo dat in 1990 was afgekondigd, in slaagde onderdelen voor de raketten te importeren: stuwstoffen, gyroscopen uit Rusland, SA-2 raketmotoren uit Oekraïne en complete geleidingssystemen uit Roemenië. Het was duidelijk dat Irak met grote verbetenheid doorwerkte aan vervolmaking van zijn raketten. De grote interesse die het land daarbij toonde voor de vervanging van de oorspronkelijke brandstoffen door stoffen die beter waren op te slaan (binnen de raket) werd daarbij als extra verontrustend beschouwd.