Hypovereinsbank overweegt plaatsing van obligatielening

De Duitse Hypovereinsbank overweegt de plaatsing van een omvangrijke obligatielening om zo de balans van de door slechte resultaten geplaagde onderneming te versterken. De directie van de bank wees er echter ook op dat de kapitaalsbasis van het financiële concern niet kritiek is.

Geruchten over een noodgedwongen kapitaalsinjectie hadden de koers van het aandeel Hypovereinsbank de afgelopen dagen gedrukt. Gisteren werd een verlies van elf procent genoteerd bij een slotkoers van 8,50 euro. Hypovereinsbank, de tweede kredietinstelling in Duitsland, boekte over vorig jaar een verlies van 821 miljoen euro.

In een brief aan het personeel, vanochtend geciteerd in de Financial Times Deutschland (FTD), stelt bestuursvoorzitter Dieter Rampl dat een converteerbare lening inderdaad wordt overwogen, maar dat nog geen besluiten zijn gevallen. Ook onderstreepte hij dat de bank niet in financiële problemen verkeert.

Rampl kreeg steun van de toezichthouders op het Duitse kredietwezen, de Bundesbank en de Bundesanstalt für Finanzdienstleistungen (BaFin). Zij wezen erop dat de bank formeel geen nieuwe kapitaalsinjecties nodig heeft. Het aandeel eigen vermogen bedraagt bij HVB 5,6 procent, 1,6 procent meer dan de wettelijk verplichte ondergrens.

De directie heeft in het recente verleden evenwel erop gewezen dat die marge te klein is. In een vraaggesprek met de Süddeutsche Zeitung zei Rampl dat hij een aandeel van 7 procent nastreeft. De koers ging onderuit nadat het Handelsblatt had gemeld dat de bank gedwongen was een lening van meer dan vier miljard euro te plaatsen.

Om een dergelijke lening, die alleen in aandelen terugbetaald zou worden, te kunnen plaatsen heeft de directie toestemming nodig van de aandeelhouders.

Rampl klaagt in zijn brief aan het personeel ook de verspreiders van geruchten over de kritieke situatie bij de bank aan. Mensen die hardop speculeren dat de situatie bij het bedrijf slechter is dan het bedrijf zelf meedeelt zijn erop uit de goede naam van de onderneming te beschadigen, aldus Rampl. Dat zou hij niet op zich laten zitten.