Duimboekjes (2)

Meer nieuws over de duimboekjes (kleine langwerpige boekjes van gemiddeld vijf bij tien centimeter, met niet veel meer dan vijftig bladen, waarvan je met je duim, de inhoud kunt laten bewegen). Vier weken geleden heb ik er hier over geschreven, in de veronderstelling dat het een bijna vergeten genre was. Een vergissing. Het genre is niet vergeten; het is springlevend maar niet aangeraakt door de hype, de industrie van de publiciteit die zich toelegt op het maken van `wereldberoemdheid'. De duimboekjes bloeien in het betrekkelijk verborgene, op onverwachte plaatsen, waar ze soms een verrassend doel dienen.

Een paar voorbeelden. De Amsterdamse uitgeverij Idea Books heeft een aantal Argentijnse duimboekjes geïmporteerd, waarop typisch Argentijnse verworvenheden te zien zijn. Ik noem er twee: de tango en het rundvlees. In het eerste boekje zien we hoe de vingers die de toetsen van een accordeon bewerken, een man en een vrouw tot de bekende dans bewegen. Het tweede toont hoe de kop van een koe verandert in een stuk vlees op een bord. Daar verschijnen het bestek, twee flessen wijn en ten slotte de mens die zich het vlees goed laat smaken, zoals aan zijn gezicht te zien is. Deze boekjes hebben, dunkt mij, geen andere dan een kunstzinnige bedoeling. Ze zijn mooi uitgevoerd, in zwart-wit, met matzwarte bladzijden tegenover de beelden, en een stevige rug, kortom alles wat een doelmatig `afritsen' en de duurzaamheid ten goede komt. Want – dat verdient de aandacht – deze boekjes slijten bij het gebruik: de rug wordt zwakker en de bladen verliezen hun veerkracht.

Een ander duimboekje komt uit België. Het heet aimer tous les jours; het wordt verspreid door de organisatie ECOLO, die bijdraagt tot de bescherming van de natuur, de dampkring, de mens en zijn waardigheid. Dit is een voorbeeld van een dubbelwerkend duimboekje. Aan de ene kant van de bladen ontwikkelt zich bij het afritsen het beeld van een vriendelijk kijkende jongeman die de gebruiker een kushand toewerpt. Begin je aan de andere kant, dan zie je het tegenbeeld: een reeks tekeningetjes van de aarde waarop ten slotte de mensen ook dankzij natuurlijke energie (uit een windmolen) een gezond leven leiden. Dit aimer-boekje is onderdeel van een reeks van vijf, met o.a. la vie, la planète, en la liberté. Heb je zo'n eco-boekje, bewaar het dan goed, want later, als de hele planeet is volgestonken, zul je denken: ja, toen hadden de mensen nog hoop (dacht ik in mijn sombere bui).

Zo kom ik op de historische waarde van het genre. Ik citeer uit een brief van iemand die in 1936 een jaar of negen was. Zijn ouders hadden een wetenschappelijk congres in Berlijn bezocht. `Ze kwamen terug met een curiositeit, een soort blocnootje. Op iedere bladzijde een foto van Hitler, ongeveer vanaf zijn middel, in uniform, een hakenkruisband om zijn arm. Zwart-wit. Boog je de onderkant van dit `blocnootje' nu wat naar achteren en werkte je dan met je rechterduim, dan zag je Hitler, zwaaiend met zijn rechterarm, een speech houdend. Eenzelfde duimboekje vertoonde Goebbels, al pratend en met zijn rechterarm af en toe in de Heil Hitler-stand.'

Hitler en Goebbels in een duimboekje! Het is een gegeven waarvan je verstand veel meer dan een halve eeuw later zich afvraagt wat het daarmee aan moet. Mijn briefschrijver besluit: `Beide boekjes zijn een dag later in de haard (Jaarsma, model Paula) verdwenen. Merkwaardig dat zulke details na bijna zeventig jaar plotseling weer naar boven komen.'

Harry Ruhé, Galerie A in Amsterdam, maakt me attent op een aantal boekjes, o.a. van Gilbert & George. Het februarinummer van het computertijdschrift Wired, meldt de heer B.Batelaan, heeft een uitvouwblad met 39 plaatjes, die je kunt uitknippen, en dan heb je de body van een duimboekje. Er zijn aanbiedingen van kant en klare flipbooks, die 175 dollar kosten. Dr. A.M.W. Alings heeft in zijn proefschrift, The aging sinoatrial node gebruikgemaakt van het duimboekeffect om een bepaald aspect van dit verschijnsel duidelijker te maken. Kortom, het houdt niet op.

Het duimboekje, opper ik, hoort als genre tot de grote categorie van de kunstzinnige speelmachines, zoals – in weer een ander genre – de spinnen en rupsen van het Amerikaanse atelier kikkerland (waarover ik onlangs heb geschreven). Mechanismen die je verwondering, verbazing wekken, je vriendelijk aan het lachen maken, en nieuwsgierig als een kind. Beter kun je het in deze tijd niet hebben.

Het beste bewijs dat het duimboekje een renaissance beleeft is, tot besluit, dit. Gisteren is in de bibliotheek van het Palais de Tokyo in Parijs een tentoonstelling van duimboekjes geopend. Ze worden daar flipbooks genoemd.