COA mag asielzoekers niet meenemen

In Groenekan mislukte gisteren de ontruiming van een azc. Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers delfde het onderspit tegen asielzoekers, beheerder/vastgoedman, buurtbewoners en burgemeester.

Na twee dagen ontruiming van `zijn asielzoekerscentrum' besloot de beheerder van de Aanvullende opvang (AVO) in Groenekan dat hij niet langer kon meewerken aan de ,,onmenselijke verhuizing''. Gisteren ontzegde hij de verhuizers van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) de toegang tot het centrum, dat op 7 maart dicht moet. Burgemeester Tchernoff van De Bilt viel hem bij. ,,Onder mijn verantwoordelijkheid stuur ik niemand naar een kampsituatie.''

Het is tegen half elf 's ochtends. Twee busjes en een auto van het COA verlaten onverrichterzake het opvangcentrum in Groenekan. De bewoners die ze zouden verhuizen naar azc's in de regio, als onderdeel van een grote inkrimpingsoperatie, staan beduusd bij de ingang van het centrum in de Utrechtse bossen. Beheerder T. Lomans bespreekt de situatie met een paar vrijwilligers en iemand van de begeleidingscommissie. Het is hem gelukt de ,,invasie een halt toe te roepen''.

Ruim veertig mensen vertrokken de afgelopen dagen wel naar andere centra. Na twee dagen ontruimen werd het Lomans te veel. Hij hoorde dat kinderen apart van hun ouders bij andere asielzoekers een slaapplaats kregen. Een van zijn medewerkers belde de verontrustende berichten na en kreeg ze bevestigd. Huisraad werd teruggestuurd; bankstellen en koelkasten verdwenen in de vuilcontainer wegens ruimtegebrek. Vrouwen huilden, kinderen konden niet slapen van de zenuwen. Het maakte hem woedend dat het COA ,,zomaar begint met overplaatsen, terwijl er nog volop gesprekken waren om tot de zomer open te blijven''. Toen hij zag dat ,,iemand van het COA een centrumwerker naar de strot vloog'', was voor hem de maat vol en ging de deur voor de medewerkers van het COA op slot.

Lomans is huurder van het pand in Groenekan. Buiten Groenekan huurt hij nog vier centra voor asielzoekers. Ook bezit hij vijf panden met azc's erin. Dat waren er tot voor kort acht. Van het pand in Groenekan heeft Lomans net de huur verlengd tot de zomer, terwijl de asielzoekers begin maart weg moeten. Hij lijdt, kortom, aanzienlijk verlies door het weghalen van de asielzoekers door het COA, zo erkent hij zelf ook. Toch gaat het hem ,,om het principe. Wat er nu gebeurt is gewoon inhumaan.'' De deur in Groenekan ging dicht en bleef dicht. Nog voor de busjes van het COA een dik uur later de oprijlaan konden opdraaien, stuurde hij ze terug. Bewoners die meewilden, mochten gaan. Niemand stapte in.

Binnen twee uur zouden de busjes terug zijn, voor de volgende ronde. Lomans wist niet wat hij de bewoners, die ongedurig het centrum in- en uitliepen, moest zeggen. Sommige mensen hadden hun spullen al ingepakt, anderen wachtten daar nog mee. Een Syrische moeder van twee kinderen (7 en 10 jaar) maakte zich zorgen. ,,Nu is het vakantie, maar waar gaan ze volgende week naar school?'', zei ze in vloeiend Nederlands. Louise Rijksen, die vlak naast het centrum woont, kon haar woede niet verbergen. ,,Er was beloofd dat ze op hun eigen school konden blijven tot de zomervakantie. Nu blijkt dat ze dat dan wel zelf moeten regelen'', brieste ze. Ze geeft Lomans groot gelijk dat hij niet langer meewerkt aan de verhuizing. ,,Hij is formeel alleen huismeester. Op zich is het opmerkelijk dat juist hij aan de bel trekt. Maar ja, als je een hart in je lijf hebt, kun je ook niet anders.''

Rond het middaguur verschijnen de COA-busjes weer. Dirk van Kekem, namens de SP raadslid in De Bilt en ook afgekomen op het tumult, vindt dat iemand de burgemeester moet bellen. Die besluit meteen te komen als hij hoort wat er aan de hand is. Als burgemeester A. Tchernoff in Groenekan uit zijn auto stapt, beginnen de bewoners te applaudiseren. ,,Ik heb hier geen woorden voor'', meldt hij de bewoners. Hij vraagt of ze bereid zijn een kort geding te voeren om de verhuizing tegen te gaan. Een moeilijke vraag, erkent hij later. ,,Het stemt me bitter en ik vind het bijna onfatsoenlijk om dit via de bewoners te spelen. Ze zijn bang.'' Hij besluit het anders aan te pakken en raakt in gesprek met de COA-medewerkers die nog steeds bij de busjes staan. Ze praten en telefoneren en ijsberen. Iets verderop houden buurtbewoners, vrijwilligers en asielzoekers de situatie in de gaten.

Tegen half drie starten de COA-medewerkers hun busjes en maken aanstalten te vertrekken. Tchernoff breekt het gesprek af. ,,Iedereen die vandaag moet verhuizen blijft hier'', is zijn korte mededeling. Hij is aangeslagen en kan een vloek niet onderdrukken. ,,Ik ben nu nog verantwoordelijk voor deze mensen'', verzucht hij. ,,Ik ben niet tegen het asielbeleid en ook niet tegen de inkrimping. Maar gezinnen met kinderen of mensen met medische of psychische problemen kun je zo niet behandelen.'' Hij heeft bij het COA de eis neergelegd dat hij meer tijd en ruimte wil om individuele gevallen te bekijken. ,,Onder mijn verantwoordelijkheid stuur ik niemand naar kampsituaties.'' Ondanks de kleine overwinning is hij niet tevreden. ,,Ik ben bitter. Nu moet ik onderscheid gaan maken tussen wie wel en wie niet hoeft te vertrekken. Het raakt me zeer.''

Beheerder Lomans is wel tevreden. ,,Er is nu aandacht voor wat hier gebeurt, en dat wilde ik. De burgemeester maakt nu de afspraken en dat wilde ik.''