Ayaan Hirsi Ali 6

De aanval van de Organisation of the Islamic Conference (OIC) en ambassadeurs van diverse islamitische landen tegen mevrouw Hirsi Ali gaat voorbij aan de situatie in de echte wereld.

Sinds mensenheugenis is de islam nog nooit zo sterk geweest (God zij geprezen) en nooit is de wereld banger geweest voor de islam dan nu. Verrassend genoeg is het geloof dat het meest wordt onderdrukt niet de islam maar het christendom. Cuba, China en Noord-Korea niet meegerekend, wordt dit hoofdzakelijk uitgedragen in de werelddelen vertegenwoordigd door de excellenties. Soms zoals in Saoedi-Arabië, het noorden van Nigeria en Jemen is dit officieel beleid en zijn de straffen niet mals. Elders, zoals in Pakistan, Indonesië en Maleisië, is de regering niet in staat christenen en hun kerken te beschermen tegen fanatici. Zelfs in kleine rijke landen zoals Brunei staat een gevangenisstraf op het importeren van bijbels. In Turkmenistan is de bijbel officieel verboden.

In Nederland is elke moslim vrij om `God is groot' te roepen. In de landen vertegenwoordigd door de excellenties kan de uitspraak `Jezus is mijn redder' levensgevaarlijk zijn zelfs voor een heel leger. Ironisch genoeg ging vuurvreter Generaal Sir Peter de la Billière (hoofd van het Britse contingent), tijdens de eerste Golfoorlog akkoord met het verzoek van de koninklijke familie van Saoedi-Arabië om een kerkdienst voor zijn soldaten in de Arabische woestijn op 25 december 1990 te camoufleren. Vandaag de dag zou het vanzelfsprekend moeten zijn dat de islam sterk genoeg is (en zijn intellectuelen wijs genoeg) om de scherpe woorden van één individu zonder paniek aan te kunnen.