Au pair

Omdat ik een tijdje niet in staat was een bijdrage aan het huishouden te leveren, heeft mijn vrouw een kordate maatregel genomen. Onze eerste au pair kwam uit Litouwen. Zij was intelligent, sprak uitstekend Duits en leerde Nederlands in ras tempo. Bovendien, en dat was natuurlijk het belangrijkste, kon zij bijzonder goed overweg met onze kinderen. Toen zij weer terug moest naar Litouwen om haar studie af te maken, werden er bij het afscheid tranen geplengd. Ik had haar zo willen aannemen als mijn dochter.

Sinds kort hebben wij een tweede au pair. Zij komt uit Bulgarije. Ook zij is intelligent en spreekt haar talen. In eigen land heeft zij een tandartsenopleiding voltooid, maar omdat zij met het trekken van kiezen niet meer dan vijftig euro per maand verdiende, besloot zij eerst iets van de wereld te gaan zien. Zij is nog nooit in het westen geweest en dat maakt haar nogal angstig. Het lijkt wel of zij al de verschillende verledens van Bulgarije in zich verenigt. Zo zal ze zelf nooit een initiatief nemen, niet omdat ze weigert de handen uit de mouwen te steken, integendeel, maar omdat zij geen fout wil maken waarvoor zij verantwoordelijk kan worden gesteld. Ik herken daarin de houding van de onderdaan in een communistische staat. Daarnaast is ze erg gelovig, waarmee zij helemaal aansluit bij de periode van voor en vooral van na het communisme. Inmiddels is zij er wel achter dat religie bij ons geen rol speelt en ik heb een stil vermoeden dat zij er toch een beetje verbaasd over is dat godloochenaars wel degelijk een enigszins fatsoenlijk leven kunnen leiden, zonder uitbuiting en verkrachting.

Dat het onze schuld is, wijs ik hier ten stelligste af, maar het is waar dat onze au pair onlangs voor een onverwacht dilemma is komen te staan. Om haar in het diepe te gooien, heeft mijn vrouw voor onze au pair een weekend georganiseerd met een luxebus naar Parijs. Hotel, diner, de Eiffeltoren, het Louvre, boottochtje over de Seine, alles inbegrepen. De gedachte dat zij nu werkelijk de grote wereld ging zien, bracht onze au pair in een staat van verrukking. Vanuit de bus zwaaide zij terug en eenmaal in Parijs is zij direct naar de Sacré Coeur gegaan om God te danken en te bidden voor ons zielenheil.

En daar, in de kerk, is ze dus beroofd van al haar geld en al haar papieren.

Gelukkig vond daarna het wonder plaats: buiten werd de dief onmiddellijk door politie gearresteerd. Na nog twee angstige uren op het bureau te hebben doorgebracht, kreeg onze au pair haar bezittingen terug. Eind goed al goed, maar eenmaal weer thuis bij ons aan de keukentafel bleek dat de au pair werd gekweld door de theologische vraag hoe zij het gebeurde moest interpreteren. Ze was geneigd in de diefstal het menselijk kwaad te zien en in de redding door de gendarmerie de hand van God. ,,Jawel'', zei ik, omdat ik nu eenmaal graag de advocaat van de duivel speel, ,,maar het zou ook andersom kunnen zijn. Misschien kreeg de dief in de kerk goddelijke inspiratie en moest er menselijk ingrijpen van de politie aan te pas komen om de diefstal weer ongedaan te maken.''

Er was ook nog een derde mogelijkheid, namelijk dat diefstal én arrestatie allebei het werk van God waren, maar dan leek alles op een nutteloze exercitie. Wij kwamen er niet uit. Een paar uur later vroeg onze au pair ineens waar de menselijke ziel naartoe gaat als er geen hiernamaals is. Ik zei dat ik ook niet geloofde in het bestaan van een ziel en dat er na de dood vermoedelijk niets van ons overbleef. Dat vond ze een heel zonderlinge gedachte, had ik de indruk.