Nieuws

Goed nieuws, geen nieuws.

Daarom zult u vandaag in de kranten niet het opmerkelijke feit aantreffen dat het gisteren in het centrum van Amsterdam rustig bleef in de uren vóór Ajax-Arsenal. Vooral op de Dam, in de hoek bij café Euro Pub, plegen zich barre taferelen af te spelen als de Engelse hooligans er samenkomen en de Ajax-fans uitdagen (of andersom).

We klagen veel over de politie, en soms ook terecht, maar op zo'n dag als gisteren ontgaat ons de krachtsinspanning die zij moet leveren. Ogenschijnlijk gebeurde er niets. Intussen was het stadscentrum vergeven van de politie. Overal overvalwagens en patrouillerende agenten. Verdachte en verhitte supporters werden onmiddellijk opgepakt en afgevoerd.

Bij het Centraal Station was het zó druk met agenten dat ik een moeder tegen haar kind hoorde zeggen: ,,We gaan niet naar Amsterdam wonen.'' Dat vond ik mooi gezegd, vooral dankzij dat voorzetsel `naar'.

Ook `de stillen' van `de burgerpot' waren zeer actief. Het is fascinerend om hun optreden van nabij gade te slaan. Er is een oploopje in een steegje bij de Wallen en je denkt te zien wat je ziet: geüniformeerde agenten houden een groepje Nederlandse supporters aan. Dichterbij gekomen vraag je je af of het wel allemaal supporters zijn, want sommigen praten niet met elkaar.

Na verloop van tijd blijkt dat een deel van die zogeheten supporters de jongens van `de burgerpot' zijn. Ze hebben zich exact als supporter gekleed: baseballpetje, capuchon, vale spijkerbroek. Als ze merken dat de geüniformeerden de zaak onder controle hebben, trekken ze zich terug. Eén van hen heeft de leiding, hij belt mobiel en even later schieten ze een kroeg met Engelse supporters in.

Ik ben wat kroegen met supporters langsgegaan en dat mag ook wel eens gezegd de Engelse fans bevielen me beter dan de Nederlandse. De Engelsen maakten écht plezier met elkaar. Een soort carnavalesk, op zichzelf en de eigen groep gericht plezier. Op oude hits (`Do you love me?') werd er door jongens en meisjes uitzinnig gedanst en gezongen. Zo'n café wordt een Engelse vesting, maar als je je Ajax-shirt thuislaat hoef je niets te vrezen.

Het gedrag van de `feestende' Ajax-supporters hoofdzakelijk mannen, vaak ook wat ouder – is zombieachtiger. Ze verzamelen zich in donkere cafés als Dijk 120 op de Zeedijk en De Dam in de Damstraat, waar ze zich onder het geroep van `jo-den jo-den' laten vollopen. Het zijn naargeestige taferelen. Ze bedoelen het niet kwaad met dat geroep het is hun geuzennaam maar het blijft de weerzinwekkendste yell van de Nederlandse voetballerij.

Wie graag cultuurpessimist wil worden: hij melde zich op zo'n middag in een van deze cafés. Gisteren trad een halfdronken man in Ajax-shirt naar buiten, pils in de hand, terwijl hij schreeuwend zong: ,,Opa is kampioen, opa is kampioen.'' Daarop viel een groepje mannen hem in koor bij: ,,En opa is een jood, opa is een jood.''

P.S. Niet de politicus Anne Vondeling zelf was een vondeling, zoals ik dinsdag schreef, maar zijn in 1818 gevonden overgrootvader.