Is deze krant een Franse Pravda?

De vooraanstaande Franse krant Le Monde is een `gevaar voor de democratie', zo staat te lezen in een vandaag verschenen boek.

Haat – Spinoza zei het al – is een treurige hartstocht en `jammer genoeg is het boek dat aan ons is gewijd doortrokken van haat'. Gelaten, op de toon van `Heer vergeef het hun, ze weten niet wat ze doen', reageert het vooraanstaande Franse dagblad Le Monde in zijn hoofdartikel op de vandaag verschenen vuistdikke aanklacht tegen de krant. Met het hoofdartikel, een paginalange bespreking van het boek, een verantwoording van de financiële huishouding en een overzicht van eerdere `aanvallen' reageert de krant voor het eerst zelf sinds de geruchtmakende voorpublicatie van het meer dan zeshonderd pagina's tellende boek in weekblad L'Express van vorige week.

Daarmee volstaat de krant niet. Weliswaar `gehecht aan een ruime vrijheid van meningsuiting' zegt de krant een proces wegens `smaad' aan te spannen tegen de beide schrijvers en de uitgever van het boek, alsmede tegen L'Express.

In La Face Cachée du Monde (`Het verborgen gezicht van Le Monde) betogen journalist Philippe Cohen en Pierre Péan, onder meer geprezen biograaf van oud-president François Mitterrand, dat `het instituut' Le Monde `gekaapt' is door de huidige driekoppige leiding. Ze beschuldigen de krant ervan de journalistieke uitgangspunten van de legendarische oprichter en oud-hoofdredacteur Hubert Beuve-Méry geweld aan te doen. De krant zou `vijanden' willens en wetens en zonder wederhoor beschadigen, zich schuldig maken aan machtsmisbruik, autocratisch geleid worden en binnen de redactie zou het cynisme hoogtij vieren. Juist omdat Le Monde dank zij een op het verleden gebaseerde reputatie een `staat binnen de staat' is en een grote macht heeft, vormt deze `nieuwe Monde' een `gevaar voor de democratie'.

De geheimzinnigheid waarmee de publicatie van het boek omgeven is, zegt veel over het belang dat eraan gehecht wordt. Om uitlekken van de inhoud te voorkomen is het boek gedrukt in Spanje reden, volgens sommigen, waarom het wemelt van de spel- en taalfouten. L'Express verscheen vorige week met het oog op geheimhouding een dag eerder dan normaal en vergezelde de voorpublicatie van een uitvoerige verantwoording van de hand van hoofdredacteur Denis Jeambar, in persoon overigens ook doelwit van het aangekondigde proces wegens smaad.

Uitgangspunt van de beide schrijvers van het boek is nostalgie naar Le Monde van hun jeugd, die `onze maatschappelijke en politieke vorming' heeft begeleid. Die Le Monde bestaat niet meer, sinds de `staatsgreep', in 1994, van de huidige directeur/hoofdredacteur Jean-Marie Colombani, zijn chef-redactie Edwy Plenel en voorzitter van de Raad van Toezicht Alain Minc. Dit drietal maakte van de krant `een eigentijdse Pravda', waar de `angst regeert'.

Aan de hand van tal van anekdotes, documenten en getuigenissen beschrijven Cohen en Péan hoe de krant `tegenmacht inruilde voor machtsmisbruik'. Zij werden zich bewust van de verandering door de campagne die de krant gevoerd zou hebben ten gunste van de rechtse presidentskandidaat Edouard Balladur, in 1995. Minutieus gaan zij de contacten en relaties na, die tot die opmerkelijke voorkeur van de traditioneel eerder links- dan rechtsgeoriënteerde krant geleid zouden hebben. Ook beschrijven zij hoe Colombani financieel gewin getrokken zou hebben uit zijn aanvankelijke steun aan het uibrengen van de gratis krant 20 Minutes. Ook zou Colombani, geboren Corsicaan, de autonomie-plannen van Jospin voor Corsica hebben beïnvloed en de onbevredigende uitwerking ervan zou zijn bestraft met een campgagne tegen Jospins herverkiezing.

Overname van het prestigieuze weekblad Courrier International zou mede mogelijk zijn gemaakt door steun van oud-topman Jean-Marie Messier van Vivendi-Universal, in ruil voor gunstige berichtgeving over diens bedrijf. Toen later onenigheid ontstond, werd Messier keer op keer `afgebrand' op de voorpagina van de krant, wat mede geleid zou hebben tot zijn uiteindelijke val.

Cohen en Péan snijden tal van dergelijke affaires en voorbeelden van belangenverstrengeling aan. Zo was Edwy Plenel lange tijd persoonlijk adviseur van de leider van de machtige politievakbond, tegelijkertijd zorgdragend voor (gunstige) berichtgeving over die vakbond. Ook zou Plenel, zelf oud-trotskist, een `proces' gevoerd hebben in de krant tegen oud-premier Lionel Jospin wegens diens trotskistische verleden, dat hij heeft geprobeerd te verdonkeremanen. Dat zou de ondergang van Jospin en de opkomst van extreem-rechts mede bewerkstelligd hebben.

Te oordelen naar voorpublicatie in L'Express is het boek van Cohen en Péan niet vrij van stemmingmakerij. Inhoud en toon zijn vaak ideologisch gekleurd en de aanvallen worden verzwakt door een zekere verongelijktheid. Maar in veel opzichten is er zo geen vuur dan toch op zijn minst rook: beide schrijvers zeggen gerechterlijke stappen van Le Monde dan ook met een gerust hart af te wachten. Hun optimisme wordt gerechtvaardigd door de paginalange `bespreking' van hun boek in Le Monde door de erns geen moment in op de beschuldigingen, maar volstaat met ruitoon van het boek moet blijken.

Gerectificeerd

Le Monde

In het artikel Is deze krant een Franse Pravda? (26 februari, pagina 4) is de laatste zin verminkt. Die moet zijn: Hun optimisme [van de auteurs van La Face Cachée du Monde] wordt gerechtvaardigd door de paginalange `bespreking' van hun boek in Le Monde door de ernstig in diskrediet gebrachte Edwy Plenel zelf. Plenel gaat geen moment in op beschuldigingen, maar volstaat met citaten waaruit de haatdragende toon van het boek zou moeten blijken.