In de steeg naar de oorlog

Als nu wordt besloten de wapensinpecteurs opnieuw meer tijd te geven, misschien vier maanden zoals president Chirac wil, dan is daarmee de weg naar appeasement geopend. De dictator triomfeert en het Westen gaat een nieuw München tegemoet. Dat is de redenering van degenen die met de grootst mogelijke weerzin, of met ongeduld, het maakt in dit geval niet meer uit de oorlog op de kortste termijn als de beste oplossing voor het vraagstuk Saddam zien. `München', sinds het begin van de Koude Oorlog in tijden van crises een van de meest gebruikte, of misbruikte begrippen, als grote tegenstanders op de rand van oorlog en vrede balanceerden.

Weten we nog wat er toen gebeurde? Sinds 1933 had Hitler er geen misverstand over laten bestaan dat Duitsland zich herbewapende. In 1936 werd het Rijnland geremilitariseerd, in 1938 kwam de Anschluss, de bezetting van Oostenrijk en in hetzelfde jaar begon de actie van de Sudetenduitsers: Heim ins Reich. Ter vermijding van de militaire oplossing waarmee Hitler dreigde, werd in München de conferentie gehouden. Daladier en Chamberlain gaven toe, Sudetenland kwam bij Duitsland, Tsjechoslowakije was verraden en de vrede gered. Peace in our time. Bij zijn terugkeer op Le Bourget werd Daladier opgewacht door een grote menigte. Ze gaan me lynchen, dacht hij, maar ze kwamen hem toejuichen. In Nederland werd de vlag uitgestoken. Menno ter Braak schreef zijn Het verraad der vlaggen. Niet lang daarna werd Tsjechoslowakije bezet, enzovoorts.

Is het Irak van Saddam met nazi-Duitsland te vergelijken? Het is maar hoe je het bekijkt. Er is evenveel voor te zeggen, Koeweit in 1998 als Saddams Sudetenland te beschouwen, en president Bush sr. als degene die wèl had begrepen dat de opmars van de dictator met geweld moest worden gekeerd. Na zijn nederlaag is hij geen schaduw meer van wat hij vóór zijn annexatiepoging was. Met een consequent volgehouden containment zou het Westen hem kunnen bedwingen tot hij er vanzelf bij neervalt. Dat is de oplossing van Jacques Chirac. Maar die kan alleen worden bereikt door de volgehouden Amerikaanse druk.

En dan ligt er een andere historische vergelijking voor de hand: de blokkade van Berlijn, 1948-'49, die generaal Clark met geweld wilde breken. In plaats daarvan kwam de luchtbrug. Nadat de stad bijna een jaar uitsluitend door de lucht was bevoorraad, zag Stalin de vergeefsheid van het beleg in. Deze luchtbrug was geen `München' maar de uitdrukking van een onwrikbaarheid die ook zonder gebruik van geweld door de tegenstander als geloofwaardig werd ervaren. Het effect van de Berlijnse crisis was de oprichting van de NAVO het ontstaan van de Bondsrepubliek, alles tegen Stalins bedoelingen. Ook toen hing alles af van de Amerikaanse volharding.

Maar alle historische vergelijkingen gaan mank. In 2003 gaan we geen `München' of `Berlijn' beleven. Er zijn nog altijd twee mogelijkheden. Verreweg het waarschijnlijkst is dat de oorlog komt. Want de voorbereidingen zijn te ver gevorderd om hem te verhinderen. Het is ondenkbaar dat dit leger van 200.000 man onverrichterzake naar huis zal terugkeren, terwijl Saddam zijn paleizen blijft bewonen. Het is even ondenkbaar dat George W. Bush van wereldleider tot risee van de wereld zou worden. Bijna onvoorstelbaar is het, dat 200.000 gevechtsklare soldaten nog vier maanden werkeloos in de woestijn zullen kamperen. En dan, ten slotte, is er een heel geringe kans dat Saddam en de zijnen op het nippertje zelf vertrekken, al weet niemand waarheen. Maar ook dan komt het tot de Amerikaanse bezetting van Irak.

In feite hebben de Amerikanen twee grote ondernemingen in voorbereiding: de eerste, die met geweld tegen Saddam, en de daarop volgende waarvan de contouren nu wat duidelijker worden: de wederopbouw van Irak. Die zou dan de eerste fase zijn van een nog grotere onderneming, de hervorming van de hele regio, ja, zelfs de hele Arabische wereld tot een samenleving die meer op de westerse, van de `moderniteit' gaat lijken. Een regio van staten, stellen de ideologen in Washington zich voor, die nog niet democratisch in westerse zin hoeft te zijn, maar in ieder geval een culturele revolutie zal beleven waardoor bijvoorbeeld gelijkheid tussen vrouw en man zal heersen, een vrije pers kan bestaan, feodalisme wordt afgebroken, en eindelijk zelfs Israëliërs en Palestijnen in vrede met elkaar kunnen leven. Dat is inmiddels tot sluitstuk bevorderd.

Het probleem, vooral door sceptici, generaals, volkenkundigen, leiders ter plaatse voorzien, is dat de `beperkte' onderneming de oorlog tegen Saddam het grote project reddeloos zal compromitteren. Of erger: dat de oorlog tegen Saddam – deze relatief gemakkelijk grijpbare tegenstander – het leger van het ongrijpbare terrorisme aanzienlijk zal versterken, op z'n minst. De wetenschap dienaangaande is in boeken opgeschreven (Jihad vs. McWorld van Benjamin Barber, The Lexus and the Olive Tree van Thomas Friedman, om er een paar te noemen). De complexe verhoudingen zijn in deze krant van 22 februari uitvoerig uitgelegd door Joris Luyendijk. In Der Spiegel van deze week geeft de Egyptische president Mubarak lucht aan zijn vrees voor de consequenties. In The New Yorker van 17 februari schetst Nicholas Lemann het dilemma in Washington. Terwijl de oorlog nadert, krijgen we scherper zicht op de onzekerheden.

En nu doet de volgende factor zich gelden. Het blijft buiten beschouwing of dat verstandig is of niet; maar de massa's hebben er geen zin in. Iedere massa, de Europese, de Amerikaanse, de Arabische heeft een afkeer van onzekerheden die gevaar beloven. Als de Amerikaanse president de verantwoordelijkheid voor de aanval draagt, richt de afkeer zich tegen hem. Dat is een politiek feit. Ook dit tekent zich af terwijl de oorlog dichterbij komt. Maar Showdown Iraq, zoals het op de Amerikaanse televisie heet, valt niet meer te vermijden. Ook niet, nu het Westen met verdeelde krachten zich in dezelfde steeg heeft gemanoeuvreerd. Bush, Blair, Chirac, Schröder – niemand kan terug. Eerst de oorlog, dan de grote onbekende rest.

Gerectificeerd

Koeweit

In de column In de steeg naar de oorlog van H.J.A. Hofland (26 februari, pagina 9) staat de zin `Er is evenveel voor te zeggen, Koeweit in 1998 als Saddams Sudetenland te beschouwen,[...]'. Dit moet zijn 1991.