Turkije wilde niet maar moest

De Turkse regering is gisteren akkoord gegaan met de stationering van Amerikaanse troepen. Turkijes regionale belangen dwongen haar daartoe.

Meer dan zes uur had het Turkse kabinet gisteren nodig voordat het instemde met het Amerikaanse verzoek om tienduizenden soldaten op Turks grondgebied te stationeren voor een eventuele oorlog tegen Irak. En toen het besluit eenmaal was gevallen liet een woordvoerder van het kabinet doorschemeren dat het besluit met tegenzin was genomen: Turkije wilde eigenlijk niet, maar het moest.

Dat de Turkse bevolking niet wil, is voor iedereen in dit land duidelijk. Volgens opiniepeilingen is 90 procent van de mensen gekant tegen een oorlog die, zoals vaak wordt gezegd, toch alleen maar om de olie wordt gevoerd. Maar ook de politieke klasse liet de afgelopen weken flink van zich horen. Zij stond vooral stil bij de schade die de Golfoorlog aan Turkije heeft toegebracht. Voordat die uitbrak was Irak een van de belangrijkste handelspartners van Irak. Toentertijd deed Turkije aan de oorlog mee mits het financieel gecompenseerd zou worden. Maar ondanks alle beloften van vooral de Verenigde Staten, kwam daar in de praktijk weinig tot niets van terecht.

En dus besloot Turkije het deze keer hard te spelen. Ervan overtuigd dat de Verenigde Staten Turkije als noordelijk front tegen Irak hard nodig hebben, diende Ankara een flink aantal eisen in bij Washington, niet alleen op financieel gebied maar ook met betrekking tot bijvoorbeeld Noord-Irak. De VS hoorden deze eisen enige weken aan vervolgens het harde machtswoord uit te spreken: als Turkije dwars bleef liggen, zou een oorlog alleen vanuit het zuidelijke front worden gevoerd. Het was dit machtswoord dat uiteindelijk Ankara van mening deed veranderen. Want misschien dat de kosten van meedoen aan de oorlog tegen Irak hoog zullen uitvallen voor Ankara, maar één ding staat vast: de kosten van niet meedoen zullen nog veel hoger zijn. Uiteindelijk heeft Ankara Washington harder nodig dan Washington Ankara.

Daarbij is geld uiteindelijk nog van secundair belang. De laatste dagen werd zeker vanuit Washington de indruk gewekt dat de ruzie tussen beide landen alleen over geld zou gaan. Maar begin deze maand al zei de Turkse schaduwpremier Erdogan dat de regionale belangen van Turkije het land niet toestonden om buiten een oorlog in Irak te blijven. Daarbij doelde Erdogan op Noord-Irak. Turkije begint zich steeds meer zorgen te maken over dat gebied en eist garanties dat de Koerden daar geen onafhankelijke staat zullen uitroepen.

Het grote schrikbeeld van Turkije is dat Irak na de val van Saddam uiteen zal vallen en er toch een `Koerdistan' komt. Omdat sommige Iraakse Koerden hebben aangegeven de `oliesteden' Mosul en Kirkuk bij hun autonome gebied te willen trekken, zou zo'n Koerdistan rijk zijn en als een magneet werken op Koerden in Turkije die vaak arm zijn en zich soms een vreemdeling voelen in het land van Atatürk. Om het ontstaan van zo'n Koerdistan te voorkomen, heeft Turkije inmiddels een flink aantal eisen opgesteld, zo meldt de Turkse pers al weken. Zo moet het nieuwe Irak na Saddam niet federaal zijn maar `unitair', moeten de opbrengsten van de olie aan alle Irakezen toekomen (en niet de olie van Kirkuk alleen aan de Koerden) en moet er een Iraaks eenheidsleger komen: de Koerdische milities zouden hun zware wapens moeten inleveren en in het nieuwe Irak louter mogen functioneren als een politiemacht die burenruzies beslecht.

Bovenaan het Turkse eisenpakket staat echter de stationering van tienduizenden Turkse soldaten in Noord-Irak als `waarschuwingssignaal' aan de Koerden daar. Zonder Amerikaanse toestemming kan Turkije zich zo'n `vredesoperatie' (zoals het sturen van soldaten naar Noord-Irak hier wordt genoemd) niet permitteren. En zo had Turkije op grond van zijn regionale belangen geen andere keus dan het verzoek van Washington voor stationering van Amerikaanse soldaten in Turkije te accorderen. Maar voor wat hoort wat: de regering stuurde gisteren tegelijk met het wetsvoorstel over de Amerikaanse troepen een tweede voorstel naar het parlement, waarin het toestemming vroeg Turkse soldaten op een ,,vredesoperatie'' naar Irak te mogen sturen. Het was, aldus Erdogan gisteren, de ,,strategische vriendschap'' van Turkije voor de VS die het licht uiteindelijk voor de Amerikanen op groen zette. Erdogan beklemtoonde het woord `vriendschap' toen hij dat zei. Maar misschien was een klemtoon op `strategisch' beter geweest.