Duitsland, `slechte bank, slecht idee'

Een onderonsje van Gerhard Schröder met Duitse bankiers over hun sector blijkt een zelfaangestoken brandje te zijn geworden. Zoekt Joseph Ackermann staatssteun?

De Europese Centrale Bank in Frankfurt moest gisteren spoorslags uitrukken om een brandje in de Duitse bankensector te blussen dat de bankiers mogelijk zelf hebben aangestoken.

Edgar Meister, bij de ECB belast met bankentoezicht en tevens bestuurslid van de Bundesbank, stelde op een inderhaast ingelaste persconferentie in Frankfurt dat de Duitse banken mans genoeg zijn hun financiële problemen op te lossen en niet zijn aangewezen op een reddingsactie van de Duitse overheid. Meister erkende dat de Duitse banken een dramatisch jaar achter de rug hebben en dat ook de vooruitzichten voor dit jaar niet gunstig zijn. Maar, zei hij, noch de stabiliteit van het Duitse financiële systeem noch de liquiditeit van de Duitse banken is in het geding.

De bezweringsformules vormden het antwoord op aanhoudende berichten in de Duitse media dat bankiers en overheid met elkaar in gesprek zijn over een bijdrage van de staat aan een sanering van het Duitse bankwezen. Ook minister van Financiën Hans Eichel verklaarde dat de Duitse banken zich niet in een crisis bevinden en dat de Duitse overheid geen noodmaatregelen ter ondersteuning van de banken in voorbereiding heeft.De Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung publiceerde dit weekeinde een uitvoerig verslag van een tot dan toe geheime bijeenkomst tussen bankiers en regering in Berlijn.

Op zondagavond 16 februari kwamen de bestuursvoorzitters van acht grote banken in het ministerie van Economische Zaken bijeen voor een diner met bondskanselier Gerhard Schröder, Hans Eichel en Wolfgang Clement, minister voor werkgelegenheid en economie. De ontmoeting was weken van tevoren gepland en op initiatief van Schröder georganiseerd door consultant Ronald Berger. Tijdens het avondeten zou Josef Ackermann, bestuursvoorzitter van Deutsche Bank, de oprichting van een `bad bank' hebben voorgesteld, een financiële instelling waarin de banken hun slechte leningen onderbrengen en die de Duitse staat met borgstellingen zou moeten ondersteunen. Deutsche zelf, zou aldus Ackermann, niet aan een dergelijk initiatief deelnemen.

Het aan Ackermann toegeschreven idee alarmeerde de toezichthouders, die het plan weliswaar niet kenden maar onmiddellijk het risico ervan inzagen: als banken de hand ophouden bij Schröder moet het met de crisis in het Duitse bankwezen wel zeer ernstig gesteld zijn. Zeker als dergelijke ideeën geopperd worden door Josef Ackermann, een bankier die nog nooit op een pleidooi voor staatsinterventie is betrapt.

,,Het zou een scène zijn uit het gekkenhuis als nu uitgerekend mensen die zich altijd strikt tegen inmenging van de publieke sector hebben gekeerd, nu de staat te hulp roepen'', smaalde Diettrich Hoppenstedt, voorzitter van het verbond van Duitse Spaarbanken, natuurlijke vijand van Ackermann en niet uitgenodigd in Berlijn.

Vraag is nu of Ackermann, een Zwitser die eerder furore maakte bij Deutsche Bank in Londen, daadwerkelijk van zijn geloof is gevallen. Een woordvoerder van de bank verklaarde vanochtend desgevraagd: ,,Het gaat om een strikt vertrouwelijke bijeenkomst met de kanselier. Aan die vertrouwelijkheid houden we ons. Wat in de kranten staat is een volstrekt vervormde voorstelling van zaken. En wat onze politieke overtuiging betreft kunt u ervan op aan dat we stevig in onze schoenen staan.'' Beurshandelaren in Frankfurt hadden hun motto gisteren in elk geval snel gevonden: bad bank, bad idea, bad boy.