Brandstichting Roermond bestraft met 15 jaar cel

De rechtbank in Roermond heeft gisteren de 34-jarige Peter G. uit Roermond veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. Volgens de rechtbank is bewezen dat G. op 12 juli vorig jaar brand stichtte in zijn woning, waardoor zes van zijn zeven kinderen om het leven kwamen.

Naar het oordeel van de rechtbank was G., die op de avond van de tragedie dronken was, helemaal alleen verantwoordelijk voor zijn daad. ,,U kunt die verantwoordelijkheid niet of voor een deel doorschuiven naar de hulpverlening'', hoorde G. op de zitting van rechtbankvoorzitter W. Bruinsma. ,,U heeft bewust een jas aangestoken, u heeft zich dat goed gerealiseerd. U stak vervolgens een sigaret op, terwijl u nog de mogelijkheid had het vuur te doven of de smeulende jas te verwijderen.''

Ook later, toen G. zag dat er rook uit zijn woning kwam, verzuimde hij zijn vrouw en kinderen te waarschuwen. ,,Door uw toedoen hebben niet alleen zes kinderen op een verschrikkelijke wijze hun leven verloren, u heeft ook uw familie, heel Roermond en de samenleving geschokt'', zei Bruinsma. De straf van de rechtbank kwam overeen met de eis van het openbaar ministerie, twee weken geleden.

De rechtbank hield rekening met de verminderde toerekeningsvatbaarheid van G. tijdens zijn daad. Om die reden kreeg G. geen levenslang of twintig cel. Volgens het Pieter Baan Centrum, waar G. is onderzocht, heeft hij een laag IQ en een persoonlijkheidsstoornis.

Aan het einde van de zitting zei Bruinsma tegen G.: ,,U heeft veertien dagen om na te denken of u in hoger beroep gaat.'' ,,Daar heb ik geen twee weken voor nodig'', antwoordde G. Volgens zijn advocate, E. ter Meulen, is de straf ,,aan de hoge kant''. Zij wees op de falende hulpverlening: het ontspoorde gezin – vader aan de drank, moeder verslaafd aan kienen, torenhoge schulden – was jaren aan zijn lot overgelaten, vond ze. ,,Ik wil de daad van mijn cliënt niet afschuiven op de hulpverlening, maar het was misschien wat anders gelopen. Daarmee zeg ik niet dat hij het niet zou hebben gedaan.''

Buiten de rechtbank gaven familieleden en kennissen te kennen dat G.'s vrouw Francien, die zich bij de brand redde door uit het raam te springen, medeschuldig is aan het drama. Zij zou haar hardwerkende man en de kinderen hebben verwaarloosd.