Column

Liegangst

Op naar Londen, Arsenal, voetbal dus. Jongensuitje. Beetje overmoedig ging ik in het vliegtuig naast haar zitten. Of ze ook naar het voetballen ging? Nee, maar ze wist er wel veel van. Dat bleek mee te vallen. Ze vertelde wat ze wel in Engeland ging doen. Werken. Ik vroeg haar hoe het met de liefde was. Voor mij een standaardvraag, die ik graag stel aan vreemde vrouwen. Dat was ingewikkeld. Ze woonde samen in het Drentse Hoogeveen met een schat van een man. Beetje te schat van een man. Doorzonambtenaar met kinderwens. Dat is niet erg, maar bij mijn vliegmachinebuurvrouw bruiste en vlinderde er nog van alles. Zij was meer toe aan een cabrio, een gespierde surfneger en een avontuurlijke wereldreis.

Haar Drentse vriend was zeer tevreden met hun bestaan, terwijl zij honger had. Honger met haar hoofd, haar hart en heel haar lijf. Ze was een maand of wat geleden tegen een Engelsman aangelopen, had knetterseks met hem gehad, was gaan zweefleven en wist het nu even niet meer. Haar Drent was lief, vertrouwd en licht depressief. Vooral van dat laatste was ze bekaf. Al zes jaar lang moest ze hem om de dag opbeuren en bevestigen dat hij leuk was, hartstikke leuk zelfs. En dat was hij niet. Ze loog dus tegen hem. Ze loog dat ze hem leuk vond. Hij was gewoon geeuwend saai. Een soort Amstelveen! Haar leven lang was ze hier bang voor geweest. Liegen tegen je lief dat je hem leuk vindt.

Of ik een advies had? Zij was dertig en ik al oud en wijs! Ik vroeg haar nog wat ordinaire details en kreeg die ook. Ze zou haar Britse lover nu ook weer zien en wist al dat ze zouden eten in een hip restaurant, drinken in een rare pub en dat ze zouden dansen. En lachen. Veel en hard. Voor de seks, na de seks en waarschijnlijk ook tijdens. Haar Drent vond uit eten zonde van het geld, drinken dom en in Hoogeveen kon je nergens heftig dansen. Hoogeveen is nou eenmaal geen Londen. Als je in Hoogeveen danst, ken je de hele dansvloer en in Londen ken je niemand. Dus kan je wild, los en in de war.

Ze vroeg weer om een advies. Of ik wel eens met dit botte bijltje gehakt had? Ik zweeg verstandig en kreeg nog meer knetterfeiten. Een bed & breakfastweekend aan de kust, een verzonnen zakenreis en een uitje naar Chelsea. Met haar Engelsman was ze ooit naar Chelsea geweest. Wat moest ze doen? Ik moest haar adviseren. Ik zei dat ik niet kon oordelen, maar dat ik, als ik het allemaal zo hoorde, in elk geval wel wist dat ze bij de muffe depri-Drent weg moest. Daarna zou ze vanzelf merken of de ongecompliceerde Engelsman het eigenlijk wel was. Nu was het natuurlijk allemaal leuk omdat het illegaal, dus spannend was, maar misschien was het, als het allemaal wel mocht, een heel saaie sukkel. De gezagvoerder zette de landing in.

Ze vond het zo raar dat ze mij alles verteld had. Niemand wist het. Haar beste vriendin zelfs niet. Ik was de eerste bij wie ze volkomen leegliep. Maar ik was dan ook zo vertrouwd. Ik was bijna familie. Ze had een paar video’s, alle boekjes, was drie keer in het theater geweest en had nu het gevoel of ze tegen haar broer zat te praten. Haar Drent kocht op zaterdag altijd de NRC. Enkel en alleen om mijn stukje!

Tien keer had ze op het punt gestaan om tegen hem te vertellen dat ze een vonkende minnaar had ontmoet en dat ze eindelijk weer zout op haar huid geproefd had, maar steeds was hij over een nieuwe stofzuiger, vloerbedekking of Idols begonnen. Daar hield de Drent van. De Drent keek graag naar Idols!

Hoe moest ze het hem vertellen? Ik stelde haar voor dat ik onze ontmoeting vandaag in de krant zou zetten en dat zij bij thuiskomst tegen hem zou zeggen: ,,Weet je naast wie ik op de heenweg in het vliegtuig zat?”

Hij heeft dit stukje nu uit en weet alles. Sorry, maar het is beter zo. Voor jullie allebei!