De tragiek van Einstein

De laatste dertig jaar van zijn leven zocht Einstein vruchteloos naar een geünificeerde veldentheorie. Na zijn triomf met de algemene relativiteitstheorie koos hij voor een doodlopende, deductieve weg.

Met het latere werk van Albert Einstein kunnen fysici slecht uit de voeten. Hoe is het toch mogelijk, vragen zij zich af, dat de grootste wetenschapper van de twintigste eeuw de laatste dertig jaar van zijn carrière min of meer heeft zitten prutsen? Waarom verzette hij zich zo koppig tegen de quantumtheorie en volhardde hij in zijn pogingen om een geünificeerde veldentheorie te vinden, ook toen die aanpak hem alleen maar doodlopende wegen instuurde?

Volgens de theoretisch fysicus en wetenschapshistoricus Jeroen van Dongen ligt het antwoord op die prangende vraag besloten in de manier waarop Einstein in de periode 1907-1915 na veel zwoegen tot zijn Algemene Relativiteitstheorie kwam. Dat succes – het grootste uit zijn loopbaan – vormde het methodologische ijkpunt voor zijn latere activiteiten en bood Einstein de rechtvaardiging voor zijn aanpak, ook al ging die tegen de stroom in. Einstein wilde niet uit een serie experimentele feiten langs inductieve weg een theorie destilleren maar koos, vertrekkend vanuit een overkoepelend principe, voor een deductieve, meer mathematische weg om zijn doel te bereiken.

Van Dongen trekt deze conclusie in zijn proefschrift Einstein's Unification: General Relativity and the Quest for Mathematical Naturalness, waarop hij eind vorig jaar aan de Universiteit van Amsterdam promoveerde. Om Einsteins diepere drijfveren te achterhalen bestudeerde Van Dongen naast gepubliceerde artikelen ook correspondentie in het Einstein-archief. ``Artikelen laten zich vaak niet uit over de werkelijke doelstelling'', zegt Van Dongen vlak voor zijn vertrek naar Berlijn, waar hij als postdoc een jaar aan het Max Planck Instituut voor wetenschapsgeschiedenis zal verblijven. ``Einstein hoopte met klassieke veldentheorie de de quantumtheorie op een voor hem acceptabele manier tevoorschijn te trekken. Maar omdat die zoektocht bar weinig opleverde, vind je dat nauwelijks terug in het gepubliceerde materiaal. Alleen in brieven aan naaste medewerkers laat hij zich er expliciet over uit.''