Wertheimers museum

DE MILJOENEN die de Rotterdamse oud-hoogleraar Wertheimer jaren geleden toedacht aan een fotomuseum in Nederland, hebben eindelijk een bestemming gekregen. Het Prins Bernhard Cultuur Fonds, in 1994 door Wertheimer tot enig erfgenaam benoemd, is akkoord gegaan met een advies om de opbrengsten van het zogeheten Wertheimer Fonds te besteden aan de activiteiten van het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. Wertheimer overleed in 1997 in Tibet. Het heeft meer dan vijf jaar geduurd om zijn genereuze nalatenschap van 22 miljoen gulden – het grootste naoorlogse legaat voor de kunsten en een veelvoud van de jaarlijkse fotografiesubsidies – van een bestemming te voorzien. Zelden is publiekelijk zo'n wanvertoning opgevoerd over welke stad het meest in aanmerking kwam om met zijn eigen foto- of beeldinstituut Wertheimers miljoenen binnen te halen. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Leiden: er waren initiatieven genoeg, maar ze ontaardden vrijwel allemaal in de onsmakelijke animositeit die men vaker bij de verdeling van erfenissen ziet. Zand erover. Misschien had het nog wel als voordeel dat nu op meer plaatsen fotografie wordt geëxposeerd – en dat is alleen maar toe te juichen.

Wertheimer bepaalde dat zijn geld door een fonds op naam moest worden bestemd ,,voor de bevordering van de Nederlandse fotografie in het algemeen en voor steun aan, c.q. voor oprichting en instandhouding van een Nederlands fotomuseum in het bijzonder''. In 1999 liet de toenmalige staatssecretaris van Cultuur, Van der Ploeg, weten dat Rotterdam de stad van de beeldcultuur moest worden. Een foto-instituut, een archief en een restauratieatelier werden in elkaar geschoven tot het Nederlands Fotomuseum. De potentie hiervan heeft een beslissende rol gespeeld bij de keuze voor de bestemming van Wertheimers nalatenschap. Rotterdam zal zijn ambities, indachtig die van de overleden hoogleraar, moeten waarmaken. Inzet is een volwaardig nationaal fotografiemuseum. Er moet nog van alles gebeuren voordat dit werkelijkheid is. Om te beginnen moet het voormalige pakhuis dat ervoor is bestemd, geschikt worden gemaakt voor museale bewoning. Dat kost tijd en geld. Dan zal in goede harmonie moeten worden samengewerkt met de inmiddels her en der ontstane foto- en beeldinstellingen in Nederland. Het is ondenkbaar dat de fricties zoals die de afgelopen jaren wel eens naar buiten kwamen, blijven bestaan.

Het heeft even geduurd, maar Hein Wertheimer krijgt alsnog het door hem zo verlangde museum. Hij heeft het niet zo bepaald, maar het komt deze bescheiden en verdienstelijke amateurfotograaf toe dat zijn naam in dit museum voortleeft.