Laat God tevoorschijn komen

`De Movo Tapes' is een boek over wisseling van en zwendel met identiteiten, zegt A.F.Th.. De schrijver laat zich zonder morren Adri noemen.

Adri van der Heijden, de schrijver A.F.Th., is er fysiek niet goed aan toe na de verschijning van De Movo Tapes, deel nul van zijn beoogde negen delen tellende cyclus Homo Duplex. Zijn maag is van streek. ,,Ik heb heel lang in de regelmaat van mijn werk gezeten, zonder veel afwisseling in mijn leven en nu dat er weer wél is, gaat mijn lichaam opspelen.'

Het is blijkbaar de straf voor de onderbreking van het isolement waarin de schrijver zich bevindt als hij worstelt met de gecompliceerde materie van zijn romanreeks. De straten rond het Amsterdamse Concertgebouw, de buurt waar Van der Heijden woont, krijgen in het boek dan ook namen als Exilstraat en Isoleerweg, gelegen in de Strafbuurt. ,,In werkelijkheid is er hier een straat genoemd naar de componist Ban. Van de Banstraat heb ik, aanvankelijk als Spielerei, de Exilstraat gemaakt. Daar heeft de grootvader van hoofdpersoon Movo een boekwinkel waar literaire avonden worden gehouden met schrijvers die elkaar voortdurend de maat te nemen. Movo denkt: schrijvers zouden vrijwillig in exil moeten gaan, zoals de oude Grieken deden. Als iemand te goed was, bedierf hij de competitie en werd hij naar een ander land gestuurd. Hij vindt dat een schrijver net zo goed moet willen zijn als de verbannen tragedieschrijver.'

Het door hem ervaren isolement zit Van der Heijden dwars. Voordat we ingaan op de grote thema's van zijn boek, die zo veelzijdig schitteren dat ze de lezer zouden kunnen verblinden, wil ik weten wat hem bewoog om tijdens de presentatie van zijn boek in het Amstel Hotel een tirade te houden tegen collega-schrijvers, ,,een stelletje roddelende oude wijven die alleen maar in neerbuigende zin over elkaar praten'. Waarom zo defensief?

,,Helemaal niet defensief. Ik had me voorgenomen om eens te zeggen: kom op jongens, zit elkaar niet de maat te nemen, ga uit van je eigen kracht. Het is normaal geworden om elkaar maar niks te vinden. Als iemand eens een keer een verkoopsucces heeft, dan heet het meteen dat hij z'n ziel aan de duivel heeft verkocht en dat het literair met hem gedaan is. De meeste schrijvers in dit land schijnen te denken dat de literatuur een eenmanszaak is, hún zaak. Niemand leest elkaar, men leest alleen over elkaar en praat vervolgens met veel dédain over de voorstelling die men van een boek heeft gekregen via recensies of roddels.

,,De grote tegenvaller van mijn leven is dat ik alleen gewaardeerd werd toen ik als schrijver nog in de kinderschoenen stond. Zodra ik succes kreeg, gaven collega's me het gevoel dat ik me oneerlijk in de competitie had gemengd. Alsof ik me had los gefietst van het peloton zonder toestemming te vragen aan de mensen die eerst nog aan mijn wiel hingen. Ik hunkerde naar contact met schrijvers, maar dat hield op toen De tandeloze tijd begon te verschijnen. Er zijn maar heel weinig schrijvers mij trouw gebleven. Wat ik me aantrek is dat het mijn eenzaamheid heeft vergroot. Je houdt geen vrienden over in dit vak en dat is jammer, want je verwacht dat je ervaringen zou kunnen uitwisselen. De laatste tien, vijftien jaar voel ik voornamelijk afwijzing. Maar ach, misschien zou ik zonder dit gevoel van uitsluiting nooit op het idee zijn gekomen: je moet schrijven zoals de tragedieschrijver die werd verbannen omdat hij de competitie bedierf. Als je lot de eenzaamheid is, dan ook maar de waardige eenzaamheid van de zelfverbanning.'

Van der Heijden wil niet slechts enigszins boven het gemiddelde uitstijgen, zoals volgens hem het gros van zijn Nederlandse collega's al mooi vinden. Hij streeft ernaar projecten aan te vatten die zijn krachten te boven gaan. ,,Dat heeft alles te maken met een boek dat ik, toen ik een jaar of twintig was, las over Nietzsche, bij uitstek iemand die boven zichzelf probeerde uit te scheppen. Hoger dan menselijkerwijs mogelijk is. Dat is voor mij het spannende van literatuur: proberen boven jezelf te grijpen. Wat dat betreft is de Nederlandse mentaliteit benepen. In Amerika is er tenminste nog het streven naar de Great American Novel en de grootheidswaan om dat streven ook te halen. De Nederlandse literatuur zou kunnen behoren tot de wereldliteratuur als die ambitie hier ook bestond.'

Teddyberen

Eén naam noemt hij slechts, die van collega-schrijver Geerten Meijsing. ,,In het Volkskrant Magazine verklaarde hij dat het met mij nooit iets kan worden omdat ik uit een arbeidersmilieu kom. Ooit heeft Meijsing zich geweldig aan mij opgeslijmd, terwijl ik niets in die man zag. Uit aardigheid heb ik mijn huis voor hem opengesteld en nu blijkt dat hij in mijn boekenkast is gaan snuffelen en daar een paar ongelezen boeken heeft zien staan. Eerlijk gezegd waren dat zijn boeken. Boeken die ik van mezelf hoor te lezen, daar slaap ik bij wijze van spreken mee. Die liggen als afgekloven teddyberen om mij heen. Daar hoort James Joyce's Ulysses bij.'

Nee, hij heeft niet aan Ulysses het idee ontleend om, zoals hij nu in Homo Duplex met de Oidipous-mythe doet, een thema uit de klassieke oudheid in een roman te verwerken. ,,Eigenlijk heb ik de overeenkomst pas met terugwerkende kracht gezien. Ik was bezig met de adaptatie van Sophocles' Oidipous-tragedie en met de Oidipous-mythe en dacht ineens: verdomd, het is net alsof ik opzettelijk hetzelfde aan het doen ben als Joyce met Homerus' Odysseus. Maar toen ik ermee begon, dacht ik helemaal niet aan Joyce.'

Aanvankelijk had hij geen roman, maar een filosofisch werk willen maken over de vraag: hoe schrijf ik het onmogelijke boek? Die onderneming heeft hij in de romancyclus Homo Duplex overgedragen aan Tibbolt Satink, bijgenaamd Movo, een afkorting van Moeilijke Voeten. Satink alias Movo is de hedendaagse Oidipous, die niet aan zijn door de goden beschikte lot ontsnapt dat hij zijn vader vermoordt, met zijn moeder trouwt en zich vervolgens de ogen uitsteekt.

,,Movo ontdekt dat je het onmogelijk te schrijven boek kunt maken door het te omcirkelen, er om heen te draaien, te beschrijven. Hij komt erachter dat een mengvorm van aforisme en prozagedicht de ideale bouwstenen zal opleveren voor het onmogelijke boek. Alle pogingen tot het schrijven daarvan staan in latere delen van de cyclus. Als je die pogingen optelt, levert dat een beeld op van het onmogelijke boek, dat Gedichten Gods zal heten.'

Anders dan dat van Joyce is het proza van Van der Heijden niet experimenteel. Maar de wijze waarop hij zijn cyclus componeert is dat wel. ,,Ik heb behoefte aan meerdere sporen. Het experiment zit hem in het toelaten daarvan, maar ik ben niet iemand die willens en wetens gaat experimenteren, in de zin van: wat er nu staat is te leesbaar, laat ik dat eens verknippen, op de grond laten vallen en als een handvol scrabble-letters weer op papier zetten, zodat alleen een puzzelaar er nog uitkomt.' Waar de lezer van De Movo Tapes wel op moet puzzelen, zijn de data. Anders dan de eenheid van tijd in Ulysses (het verhaal speelt op 16 juni 1904, de dag waarop Joyce zijn grote liefde Nora ontmoette), schiet het verhaal in De Movo Tapes heen en weer door de tijd. Zo speelt 10 februari 1973, als Movo's ouders elkaar voor het eerst zien en hem verwekken, een prominente rol. Andere steeds terugkerende data zijn Movo's vermeende geboortedag, 4 november 1973 (de eerste autoloze zondag) en 31 augustus 1997 (de sterfdag van prinses Diana). Van der Heijden: ,,De Movo Tapes worden door Tibbolt Satink ingesproken op 31 augustus 1997. Parallel daaraan loopt die dag in februari 1973. Een paar maanden erna wordt duidelijk dat de zestienjarige Zora, de biologische moeder van Movo, zwanger is geworden tijdens de opname van een pornofilm.'

Sekteleider

De naamloze verteller in De Movo Tapes is niemand minder dan de lichtgod Apollo. Vanuit het jaar 2024 blikt hij terug op de historische gebeurtenissen die zich sinds 21 juli 1969, de landing van de mens op de maan, op het toneel van het theater Aarde hebben afgespeeld. Hij ziet verbanden die niemand zien kon, bijvoorbeeld tussen de maanlanding en de moorden die een paar weken daarna in opdracht van de Amerikaanse sekteleider Charles Manson werden gepleegd. Van der Heijden is, zo bleek al uit zijn eerdere werk, een chroniqueur van zijn tijd. Gaat hij andere historische gebeurtenissen, zoals de aanslagen van 11 september 2001, de moord op Pim Fortuyn en eventueel nog komende rampen verwerken in de vervolgdelen van Homo Duplex? Niemand die naar het antwoord op deze vraag zo nieuwsgierig is als de schrijver zelf.

,,De structuur van de cyclus leent zich ertoe om er van alles in te schuiven. Maar het gaat me vooral om de laatste jaren van de twintigste eeuw en de eerste jaren van de 21ste. Als je Sophocles' tragedies volgt, zie je dat je aan Koning Oidipous allerlei eigentijdse ervaringen kunt ophangen. Vervolgens krijg je Oidipous in Kolonos, die veel zweveriger is. Daarin gaat het over leven en dood, het is een statische tragedie over vooral innerlijke processen. In het eerste kwart van de 21ste eeuw zal zich mijn versie van Oidipous in Kolonos afspelen. Daar hoef ik de actualiteit niet bij te betrekken. Het zal daarin vooral gaan om het innerlijk leven van de dan zo goed als blinde Movo, die in de geest zijn menselijkerwijs niet te schrijven boek schrijft. Alleen in de beginjaren van de nieuwe eeuw worden nog actuele gebeurtenissen meegenomen. Movo, zo zal in deel twee van Homo Duplex blijken, is degene die op een hooliganslagveld zijn vader doodslaat. Hij wordt er ook van verdacht een coup te willen plegen: niet voor niets heeft hij het steeds over de Wereldstaking. Hij komt terecht in de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught. Dat biedt alweer mogelijkheden de actualiteit een rol te geven, want die gevangenis krijgt momenteel erg veel kritiek.

,,Ik sluit niet uit dat ook de moord op Fortuyn een plaats krijgt, die zou ik kunnen koppelen aan de fantasie van een Wereldstaking. Maar ergens in het verhaal verglijdt de geschiedenis in een innerlijk proces van Movo. Tegen het eind van zijn leven – hij overlijdt in 2023, vlak voordat hij vijftig is – wordt hij ondersteund door zijn dochter, terwijl op de achtergrond zijn zoons elkaar de Rotterdamse hooliganstroon betwisten. Ik laat hem nog naar Londen gaan voor een congres van hooliganleiders. Misschien construeer ik een verband met het terrorisme. Over de elfde september heb ik een dossier aangelegd.'

Marxistisch

In De Movo Tapes zegt Tibbolt Satink: ,,Hoe moet ik de afstand meten tussen mijn ontbijt, waaronder ik het ochtendblad savoureer, en de daarin beschreven gebeurtenissen, die pretenderen deel van mijn werkelijkheid uit te maken?' Het lijkt erop dat Van der Heijdens hoofdpersoon een welhaast marxistische behoefte voelt deel uit te maken van de geschiedenis. Hij doet alles – of het nu de dood van prinses Diana is die hij vergelijkt met het auto-ongeluk van zijn (vermeende) moeder, of de oliecrisis en de autoloze zondag waaraan hij zijn moeilijke voeten te wijten zou hebben – om historische feiten naar zich toe te trekken.

,,Movo heeft inderdaad een sterke behoefte om zijn afstand tot de wereld van de gebeurtenissen te overbruggen. Tegelijkertijd is hij in de geest met zoiets onmogelijks bezig als het voorbereiden van een Wereldstaking tegen de menselijke conditie. Hij gaat zelfs zover te zeggen: als we maar hard genoeg staken, als maar genoeg mensen daaraan deel nemen, als we maar overeenkomen dat we met paren en voortplanten moeten ophouden, dan zetten we de instantie die misschien God is zodanig onder druk dat hij wel tevoorschijn komt. En als hij niet tevoorschijn komt, is bewezen dat hij niet bestaat. Zoals zoveel mensen wil Movo graag betrokken zijn bij het wereldtoneel, maar het is altijd zo ver van zijn bed. Zijn verlangen naar echte betrokkenheid heeft ook te maken met het proces van zijn `carrière als ander'. Hij wil van de zachtmoedige Tibbolt Satink veranderen in de keiharde Movo. En Movo heeft volgens hem de wereld van de grote gebeurtenissen nodig.'

De Movo Tapes heeft als ondertitel `Een carrière als ander' en de hoofdpersoon is iemand die zijn eigen naam verandert in de afkorting Movo. Hangt Van der Heijdens naamsverandering – zijn nieuwe cyclus verschijnt alleen onder zijn voorletters A.F.Th. – wellicht samen met zijn eigen wens om een ander te worden? De schrijver, die zich overigens zonder morren met Adri laat aanspreken, heeft genoeg van het gezeur over die voorletters. ,,Het is geen hoogmoed', zegt hij. ,,Een schrijver moet zich bij elk boek opnieuw uitvinden. Je moet jezelf op één of andere manier in de richting van het te schrijven boek drijven. Natuurlijk hangt mijn huidige naamsmutatie samen met de figuur Satink, die zichzelf Movo noemt. Homo Duplex, de titel zegt het al, gaat over een persoon die zichzelf opsplitst, die een andere identiteit wil aannemen, die van zichzelf wegvlucht, maar daarmee juist in de armen van zijn eigen identiteit terechtkomt. Ook Oidipous is iemand die zichzelf ontvlucht en dan zichzelf pas echt tegenkomt. Omdat het boek gaat over identiteitswisseling en identiteitszwendel, heb ik het aangedurfd er alleen mijn voorletters boven te zetten. Dat duurt alleen voor zolang die cyclus duurt, met megalomanie heeft het niets te maken.' In Homo Duplex heeft Apollo zijn naam verkocht aan de NASA, maar het lijkt erop dat hij het bepaald geen pretje vindt om het zonder naam te moeten stellen. ,,Ik inmiddels ook niet meer, na alles wat er over gezegd is', gromt A.F.Th.

Intussen zit de thematische hoogmoed van het boek niet in de geamputeerde auteursnaam, maar in de impliciete gelijkstelling door de schrijver van zichzelf met Apollo, die ietwat meewarig neerkijkt op het getob van de mensheid over zingeving. Maar volgens Van der Heijden is er een andere interpretatie mogelijk, namelijk dat Tibbolt Satink, die denkt dat hij machtig genoeg is om in Movo te veranderen en daarmee zijn eigen dood te ontlopen, spreekt met de stem van Apollo. ,,Je zou kunnen concluderen: Tibbolt Satink is Movo is Apollo. Dan kom je uit bij de gedachte dat Tibbolt Satink eigenlijk de hele wereldgeschiedenis op zijn naam wil hebben. Ik weet niet of dat nog grootheidswaan is, het stijgt er bovenuit. Ik geef dit niet als enige uitleg, maar het is mogelijk dat we in de stem van Apollo, de stem van Movo aantreffen.'

Voetveeg

Hoewel Homo Duplex geen verband heeft met Van der Heijdens vorige cyclus De tandeloze tijd, zijn er soms wel kleine verwijzingen. Ontwikkelde Albert Egberts in De tandeloze tijd de filosofie van `leven in de breedte', Movo worstelt gedurig met pogingen om `het nu' te grijpen en zegt ergens: `leven in de breedte is een oefening in doodgaan'. Het verschil tussen beide gedachten is volgens Van der Heijden dat `leven in de breedte' neerkomt op het zo breed mogelijk maken van een uit de tijd losgemaakt moment. ,,Daar moet zoveel mogelijk in samengebald zijn. Tibbolt Satink moet van dat idee niets hebben. Hij is op een andere manier met tijd bezig. Verleden en toekomst bestaan volgens hem niet. Hij beseft dat `het nu' de enige doorgangspoort is naar de transformatie tot een ander mens. Movo zoekt het ontsnappingsmoment.'

`Leven in de breedte' was de oneliner die bleef hangen van De tandeloze tijd. In De Movo Tapes is de kreet die steeds terugkomt en tevens de laatste zin van het boek vormt dat de mens een voetveeg van de geschiedenis is, geen voetnoot waard. ,,Het is de slotconclusie van de verteller Apollo, die aan het eind van het boek moedeloos is over alles wat hij heeft gedaan om mensen in zijn net te vangen. Hij denkt: waarom ben ik daar mee bezig? Wat is de mens nu helemaal? Maar de reductie van de mens tot voetveeg van de geschiedenis is tevens het uitgangspunt van Movo om de Wereldstaking te organiseren.'

Raadsels te over in De Movo Tapes. Er huist uiteraard een sfinx in het boek, een quizmaster in een Rotterdams café. Movo's ouders zijn niet wie hij denkt dat ze zijn. Zijn echte ouders hebben hem te vondeling gelegd, maar doen alsof hij in hun midden is, een knipoog naar Edward Albee's Who's afraid of Virginia Woolf?

,,In een volgend deel speelt de gefantaseerde zoon een grotere rol. Hij raakt verwikkeld in een vechtpartij met Movo. Hoe kan dat? De waarheid zal blijken als ik het eigenlijke verhaal van Oidipous, die zich erin heeft laten luizen door het lot, ga vertellen', kondigt Van der Heijden aan. Minstens zo raadselachtig is het meisje Sabberita uit Mierlo, met wie Movo in 1991 een zomer beleefde die zijn leven ingrijpend heeft beïnvloed. Wat er precies is gebeurd blijft in nevelen gehuld en ook herlezing van Van der Heijdens novelle Sabberita (1998), waaruit hele stukken letterlijk zijn opgenomen in De Movo Tapes, levert geen aanknopingspunten op. ,,De geschiedenis van Sabberita komt uitgebreider aan de orde in deel 2. Zij is het minst fictionele personage in het boek en benadert het meest de werkelijkheid: het onbereikbare meisje uit mijn jeugd.'

Andere raadsels zitten verstopt in automerken die verwijzen naar geschriften van kerkvaders en nummerborden waarin bijbelverzen teruggevonden kunnen worden, maar dat zijn grapjes die niet echt van belang zijn. ,,Als componist van de roman laat ik de raadsels van de sfinx echoën in allerlei geledingen van het verhaal, maar de lezer hoeft ze niet op te lossen om verder te kunnen. De lezer heeft gewoon een superbe soap in handen, die speelt aan het eind van de twintigste eeuw. Het is aardig als je weet hebt van de Oidipous-geschiedenis, want dan begint er iets extra te tintelen.'

Bang dat lezers De Movo Tapes, met al zijn verhaalstrengen en vooruitwijzingen, niet begrijpen, is Van der Heijden niet. ,,Ik heb dit boek niet voor niets deel nul van een cyclus genoemd. De lezer moet accepteren dat er elementen in zitten die alleen als vooruitwijzingen fungeren. Tegelijkertijd componeer ik de delen zo dat ze zelfstandig te lezen zijn, dat geldt – Advocaat van de hanen niet te na gesproken – voor Homo Duplex nog meer dan voor De tandeloze tijd. Zo wordt deel drie van Homo Duplex een afzonderlijke liefdesroman en deel vier een op zichzelf staande thriller.'

Over het vervolg van zijn schrijversbestaan zegt Van der Heijden, die tijdens het gesprek zienderogen is opgeknapt: ,,Het geheim van mijn leven is misschien dat ik mij vastleg op grote dingen, terwijl ik naar vrijheid streef. Voor mij betekent vrijheid: mezelf de ruimte gunnen voor dit soort grote projecten, waar ik me vervolgens aan vastketen. Daar voel ik me goed bij.'

A.F.Th.: `De Movotapes'. Uitg. Querido. 713 pag. €27,50 (paperback) €34,90 (geb.)