Europa heeft probleem als VS bakzeil halen

In de crisis rondom Irak ontstaat de situatie dat tegenstanders van de oorlog met lege handen dreigen achter te blijven. De gevolgen van het diplomatieke alternatief voor een oorlog worden immers in hoog tempo ernstiger dan die van een oorlog, meent Rob de Wijk.

Amerika en het Verenigd Koninkrijk hebben met hun oorlogsretoriek een scheuring in de internationale gemeenschap teweeggebracht, waardoor de transatlantische solidariteit is ondermijnd. Afgelopen weekeinde heeft de NAVO zich weliswaar solidair met Turkije verklaard, maar niet met de Verenigde Staten. De NAVO steunt de verdediging van Turkije, maar mag geen rol spelen in de oorlog tegen Irak zelf, terwijl de Amerikanen daar nu juist op aandrongen. En Turkije bedingt op zijn beurt weer een te hoge prijs voor de stationering van Amerikaanse troepen. Daardoor heeft de NAVO, die op transatlantische solidariteit gegrondvest is, in de ogen van Amerikanen definitief afgedaan. Achter een façade van eenheid voltrekt zich daarom een ramp voor de NAVO.

De transatlantische solidariteit is door een tweede punt verder onder druk gezet. De oorlog wordt vooral gewild door een kleine groep van neoconservatieve beleidsmakers in Washington. Zij willen met Saddam Hussein afrekenen. Mensen als vice-president Cheney, minister van Defensie Rumsfeld en zijn plaatsvervanger Wolfowitz willen al tien jaar korte metten maken met Saddam Hussein.

Zij stellen dat Amerika als enige supermacht in de wereld niet met zich moet laten sollen door een lokale potentaat die het Amerikaanse leiderschap tart. Amerika, zo is de redenering, moet zijn dominante positie bevestigen. Dat leidt tot vrijheid van handelen in de internationale politiek en zelfs tot de mogelijkheid de wereldorde te bepalen. Als de kwestie-Irak is opgelost, kunnen het Palestijnse probleem en de kwestie-Noord-Korea gemakkelijker worden opgelost. Immers, als Amerika in Irak zegeviert, is daarmee zijn dominantie bevestigd. Ook al snijdt deze redering hout, dan nog is het de vraag of Europa deze visie wil steunen.

De Franse president Chirac voelt bijvoorbeeld haarfijn aan dat het voor Amerika niet gaat om de feitelijke bedreiging van Irak, maar om de toekomstige wereldorde. In de ogen van veel Fransen zijn de Iraakse massavernietigingswapens er vooral bijgehaald om de westerse wereld achter een oorlog te krijgen die vooral bedoeld is om een nieuwe wereldorde, een Pax Americana, te vestigen. En als de Fransen ergens allergisch voor zijn, dan is het wel voor zo'n wereldorde.

Maar juist door de dieperliggende vraag wie het in de wereld voor het zeggen heeft, komt oorlog in hoog tempo naderbij. Want de Amerikanen hebben zich nu in een positie gemanoeuvreerd die een elegante oplossing uitsluit. Als Amerika concludeert dat de kwestie niet militair, maar diplomatiek moet worden opgelost, boekt Irak een overwinning en loopt Amerika een enorme deuk op.

Als de druk op Irak verloopt, staat het Amerikaanse leiderschap ter discussie. Daarin zullen anti-Amerikaanse krachten aanleiding vinden de invloed van de Verenigde Staten in de islamitische wereld terug te dringen.

Nu reeds dringt de Saoedische koning aan op ontruiming van Amerikaanse bases. Maar ook zal Al-Qaeda worden aangemoedigd tot nieuwe aanslagen. Immers, het is ook Osama bin Laden te doen om vertrek van Amerikanen uit dat deel van de wereld.

Als Amerika bakzeil haalt, heeft Europa een probleem. Want Europa heeft meer baat bij een sterk, dan bij een zwak Amerika. Een sterk Amerika kan enige orde in de internationale betrekkingen scheppen, ook al is dat een Pax Americana; een zwak Amerika leidt tot chaos en nog grotere risico's.

Voorwaarde is dan wel dat de Amerikanen in Irak snel en beslissend orde op zaken stellen. Want als de oorlog een slepende affaire wordt, maakt ook dat de zwakte van Amerika duidelijk.

De grote vraag is hoe zo'n oorlog moet worden begonnen. Een oorlog op basis van een nieuwe resolutie van de Veiligheidsraad zit er voorlopig niet in, want daar zijn de Fransen op tegen. Zij willen zo'n resolutie pas als inspecties geen zin meer hebben.

Als Amerika zich niets aantrekt van de houding van een aantal Europese landen en een deel van de Veiligheidsraad, en zonder nieuw mandaat een oorlog begint, wordt het internationale systeem opgeblazen. De Verenigde Naties zijn dan irrelevant geworden, de NAVO definitief overbodig, terwijl de Europese Unie wordt verscheurd.

Ook dat leidt tot chaos. Want deze instituties zijn aantoonbaar verantwoordelijk voor de stabiele en vreedzame betrekkingen die de afgelopen halve eeuw tussen de Europese machten zijn ontstaan.

Rest Amerika nog één optie: zet niet alleen Irak, maar ook de Europeanen, Rusland en China voor het blok. Stel een ultimatum met een deadline: eis van Saddam Hussein dat hij aantoont welke verboden wapens hij nog heeft en als hij ze heeft vernietigd, hoe en waar dat is gebeurd. Eis van de Veiligheidsraad instemming met een resolutie die oorlog legaliseert als Irak de eisen niet inwilligt. En eis zo nodig van de Europese bondgenoten NAVO-steun voor een oorlog.

Als aan deze eisen niet wordt voldaan heeft Amerika geen andere keus dan samen met de Britten een oorlog te beginnen. Het navrante is dat door de ontstane situatie de tegenstanders van oorlog nauwelijks meer argumenten hebben. Want de gevolgen van een oorlog worden in hoog tempo minder ernstig dan die van het diplomatieke alternatief, dat door de Amerikaanse veiligheidsadviseur Rice al tot `appeasement' is bestempeld.

Prof.dr. Rob de Wijk is defensiedeskundige en verbonden aan het Instituut Clingendael.