Oost-Europeanen gevraagd bij EU

Moeilijke tijden breken aan voor de Nederlandse lobbyist die sinds een jaar probeert (meer) Nederlanders benoemd te krijgen bij de Europese Commissie. Want Nederlanders maken de komende jaren net als bewoners van andere lidstaten van de Europese Unie weinig kans op Brusselse ambtelijke posten. Eerst zijn de tien nieuwe lidstaten aan de beurt die volgend jaar waarschijnlijk toetreden en nog geen enkele ambtenaar in Brussel hebben.

In Oost-Europa gonst het van de geruchten over de goudmijn die voor briljante meertalige kandidaten voor ambtelijke posten bij de Commissie in het verschiet liggen. De betaling in Brussel is al gauw vier keer het salaris dat in een kandidaat-land verdiend kan worden. In Polen gaat het verhaal dat de regering vriendjes aan Brusselse functies kan helpen. ,,Geen enkele regering heeft het recht om een ambtenaar bij de Commissie te benoemen'', verzekerde gisteren Neil Kinnock, vice-voorzitter van de Europese Commissie en belast met personeelszaken. Oost-Europeanen krijgen net als iedereen slechts een baan als zij als de besten door een examen komen.

De Commissie heeft berekend dat het apparaat van 22.000 ambtenaren in verband met de EU-uitbreiding moet uitgroeien tot zo'n 25.000 ambtenaren. Precies 3.441 nieuwe functies kunnen door kandidaten uit nieuwe lidstaten worden bezet. De nieuwe landen krijgen zo een evenredig aandeel binnen het Brusselse ambtenarenapparaat.

De functies moeten evenredig verdeeld worden over de nieuwe landen. Daarvoor heeft Eurocommissaris Kinnock een verdeelsleutel gemaakt die gebaseerd is op het aantal inwoners van een land, het stemgewicht van het land binnen de Raad van Ministers in de EU en het aantal zetels dat het land heeft in het Europees Parlement. Het resultaat is dat Polen kan azen op 1.340 posten en dat er voor Malta maximaal 83 posten beschikbaar zijn. Kinnock beklemtoonde gisteren dat het om streefcijfers gaat en dat geen land ergens aanspraak op kan maken.

Wanneer een land wat kwaliteit betreft niet de goede ambtenaren kan leveren aan het Europese apparaat, dan gaan uiteindelijk de posten naar betere kandidaten uit een ander land. De Commissie is niet van plan om het aspirant-ambtenaren uit kandidaat-landen gemakkelijker te maken dan hun collega's uit de huidige vijftien EU-landen.

De uitbreiding van het Brusselse ambtenarenapparaat wordt gespreid over zeven jaar. Een van de redenen hiervoor is dat de Commissie wil voorkomen dat in te hoog tempo de knapste koppen worden aangetrokken en daardoor problemen in kandidaat-landen ontstaan. Maar ook de EU-begroting laat geen uitbreiding ineens toe met enkele duizenden ambtenaren – onder wie 42 hoge en 189 middelhoge functionarissen.

    • Ben van der Velden