Chocoladetaart met vruchtencoulis

Draai de boter en suiker in een keukenmachine tot een romig mengsel. Halveer het vanillestokje in de lengte en schraap er het zaad uit. Doe bij het boter-suikermengsel. Voeg het ei toe en draai tot een glad mengsel. Zeef de bloem met het zout boven een kom en giet de bloem geleidelijk al draaiend bij het botermengsel. Draai tot het mengsel net homogeen is. Neem het uit de machine, kneed het kort tot een gladde bal deeg, wikkel die in plasticfolie en leg 30 minuten in de koelkast.

Rol het deeg uit op een licht met bloem bestoven werkvlak tot een cirkel die groot genoeg is om er een vlaai- of quichevorm van 27 centimeter doorsnee royaal mee te bekleden. Bekleed de vorm, waarbij u het deeg een paar centimeter over de rand laat hangen. Prik de bodem hier en daar in met een vork. Dek het deeg af met aluminiumfolie en vul met gedroogde bonen. Zet 20 minuten in de koelkast.

Zet de vorm op een bakplaat en zet 10 minuten in een op 180° C voorverwarmde oven. Verwijder de bonen en de folie. Snijd de deegranden bij met een scherp mes. Zet de vorm 5 minuten terug in de oven, of tot het deeg goudgeel is. Klop intussen de dooier met een beetje water en bestrijk er het deeg mee. Zet de oven op 130° C en zet er de vorm nog 3 minuten in zodat het eiglazuur het deeg afsluit.

Neem uit de oven. Doe de gehakte chocolade in een kom. Doe de slagroom en melk in een pan en breng tegen de kook aan. Giet het roommengsel al roerend bij de chocolade tot het mengsel glad is. Klop de 2 eieren los in een andere kom en klop er het chocolademengsel door. Giet dit mengsel in de deegschelp en zet circa 25 minuten in de op 130° C voorverwarmde oven, of tot de vulling net begint te stollen. Zet de oven uit en laat de taart nog 30 minuten in de oven staan. Neem uit de oven en laat volledig afkoelen. Snijd in kleine punten en serveer die met de coulis.