Turken voorzien chaos en ellende

Turkije worstelt met zijn houding tegenover een oorlog tegen Irak. Zijn buitenlandse belangen dicteren steun voor de VS, maar de bevolking is mordicus tegen een oorlog met het buurland.

Nee, zegt Sedat beslist, de Golfoorlog zal ik nooit vergeten. Zodra de eerste Amerikaanse bommen in 1991 op Bagdad waren gevallen, liep de Turkse stad Diyarbakir, niet zo ver van de Iraakse grens, leeg. ,,Iedereen was bang dat de Irakezen ons terug zouden pakken omdat Turkije steun verleende aan de Verenigde Staten. In één dag vertrok 70 procent van de mensen.'' De inmiddels 28-jarige Sedat bleef, en zag hoe dieven op hun gemak het verlaten Diyarbakir leeghaalden.

,,Eerst probeerden ze de sloten van de huizen te forceren. Als dat niet lukte, sloegen ze de ramen in. Als de Amerikanen Irak nu aanvallen, gebeurt dat weer. Daarom ben ik tegen een oorlog, er komt alleen maar chaos en ellende van.''

Sedat is niet de enige Turk die militaire actie tegen Irak afwijst: volgens peilingen is maar liefst 90 procent van de Turkse bevolking tegen de oorlog gekant. Tot woede van Washington heeft de regering een parlementszitting over medewerking aan een Amerikaanse aanval uitgesteld. Maar weinig Turken twijfelen eraan dat het Turkse parlement uiteindelijk met het Amerikaanse verzoek om steun zal instemmen en Turkije wederom in de frontlinie van een Amerikaanse oorlog zal staan. Turkije's bondgenootschappelijke en regionale belangen dicteren dat.

De oorlog zelf wordt vooral als in het belang van de Verenigde Staten gezien. ,,Ik zie het zo'', zegt Sedat. ,,Het gaat al een paar jaar slecht met de Amerikaanse economie en die heeft een injectie nodig. Goedkope olie uit Irak is zo'n injectie. Het is om olie en niets anders dat al die spelletjes met wapeninspecteurs worden gespeeld.'' In Diyarbakir is zo ongeveer iedereen het met Sedat eens. ,,Ik ken geen ander volk dat anderen zoveel schade berokkent als de Amerikanen'', zegt kledingverkoper Ahmet. ,,Als mijn vrienden en ik een Amerikaan hier in Diyarbakir zien, draaien we ons om en lopen we weg.''

In Diyarbakir zijn Amerikaanse en Britse inspanningen om een oorlog tegen de Iraakse president Saddam Hussein als een strijd voor democratie, vrede en mensenrechten te presenteren vooralsnog weinig succesvol geweest. De reden is simpel: volgens veel inwoners van het overwegend Koerdische Diyarbakir hebben de Amerikanen in het verleden te veel steken op het gebied van de mensenrechten laten vallen om nu nog serieus te worden genomen. Zo ontsteekt in de bar van een hotel in Diyarbakir plotseling een van de aanwezigen in woede als hij op de televisie ziet hoe de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, Irak beschuldigt van het bezit van allerlei verboden substanties. ,,Natuurlijk weet Amerika precies wat Irak heeft'', roept hij terwijl de anderen instemmend knikken. ,,Ze hebben die rotzooi zelf aan Saddam geleverd.'' Voor de Koerden in de regio is de gifgasaanval van Saddam op Halabja, waarbij in 1988 zo'n 5.000 mensen omkwamen, een teer punt. ,,Toen zeiden de VS nog dat Irak een land was van democratie en mensenrechten'', zegt de secretaris-generaal van de (pro-Koerdische) DEHAP-partij cynisch. ,,Wat is er toch met al die democratie gebeurd?''

Niet alleen in het grensgebied met Irak is er verzet tegen de oorlog. [Vervolg TURKIJE: pagina 5]

TURKIJE

Turkije kan niet weigeren mee te doen

[Vervolg van pagina 1] Overal in Turkije wijzen mensen gewapende strijd af. ,,Oorlog betekent dat kinderen sterven en mensen worden verminkt'', zegt een veteraan uit de oorlog op Cyprus (1974). ,,Daarom zeg ik nee tegen deze oorlog.'' Toch gaan de Turkse autoriteiten waarschijnlijk ja zeggen. De reden is simpel: als Turkije niet meedoet, gaat het nog meer verliezen dan wanneer het wel meedoet, zo denkt de Turkse elite.

Een van de belangrijkste uitgangspunten van de Turkse buitenlandse politiek is van oudsher om een goede relatie te onderhouden met de Verenigde Staten. Weigeren om aan een oorlog tegen Irak mee te doen, zou die relatie ernstig op de proef stellen. Daarbij komt nog dat Turkije koste wat kost wil voorkomen dat er na de oorlog een onafhankelijke Koerdische staat in Noord-Irak ontstaat, omdat deze als een magneet op in Turkije woonachtige Koerden zou kunnen werken en zo Zuidoost-Turkije zou kunnen destabiliseren. Meedoen, aldus Ankara, betekent dat je een stem in het kapittel krijgt hoe Irak er na Saddam uit komt te zien en is zo de beste garantie tegen Koerdische onafhankelijkheid.

De Turkse autoriteiten zien vooralsnog maar één obstakel voor steun aan de Amerikanen: geld. Vorige week bezocht een Turkse delegatie Washington om over financiële compensatie te praten voor de schade die een oorlog aan de Turkse economie gaat toebrengen, onder andere door verminderd toeristisch bezoek. Naar verluidt vonden de Amerikanen de bedragen waar de Turken mee kwamen – 10 miljard dollar aan giften en 20 miljard aan langlopende leningen – onrealistisch. Als reactie daarop heeft premier Gül laten doorschemeren dat de cruciale stemming in het Turkse parlement pas plaatsheeft als de geldbuidel voldoende gevuld wordt door de Amerikanen.

Intussen bereidt het land zich voor op oorlog. In de stad Sanliurfa kwamen overheidsfunctionarissen onlangs de bijbels aandoende grotten inspecteren die in de bergen boven de stad liggen. Toen de inspecteurs kwamen, zaten de grotten nog vol met schapen en kippen, maar als Saddam besluit om ondanks verzekeringen van het tegendeel een raket met gifgas naar de Turkse grensstreek af te schieten, moeten de inwoners hier hun toevlucht zoeken. Bezitters van jeeps, zo meldt de Turkse pers, hebben een brief gekregen van de autoriteiten dat hun voertuig in geval van oorlog wordt gevorderd. En overal in Turkije kijken mensen onder hun flatgebouw of daar wel een schuilkelder is.

Zullen die voorzorgsmaatregelen helpen? ,,Ik denk van niet'', zegt Sedat in Diyarbakir. ,,Wij hier hebben nog geen gasmasker gezien, dus als het oorlog wordt, gaat iedereen weer de stad uit.'' In Nusaybin heeft Ali wel een gasmasker gezien, maar dat was niet in een overheidsdepot maar op de vrije markt. ,,Ik geloof dat ze er een paar honderd dollar voor vroegen'', zegt de jonge man. ,,Daar kan ik twee keer voor trouwen.'' Ali gaat maar bidden als de eerste Amerikaanse bom op Bagdad valt. ,,Heel veel bidden.''