Superdanssterren voor balletjeugd

,,Welk kind droomt er niet van om in de schijnwerpers te staan? Applaus. Zang. Dans. Toneel. Al is het maar voor één dag!'' Met die Idols-achtige lokroep kondigt Introdans Ensemble voor de Jeugd het nieuwe programma Superstars aan, met voor kinderen bewerkte choreografiën van vier meesters.

Een ster die het al lang en breed gemaakt heeft, is Hans van Manen. Zijn in 1973 bij Nederlands Dans Theater gecreëerde Septet Extra wordt hier in iets verkorte vorm uitgevoerd. De eenvoud van Jean-Paul Vrooms decor met betekenisloze woorden op een grijsblauw fond en de helderheid van de dans – met enkele unisono duetten – vormen nog steeds een ijzersterke combinatie. Deze compenseert de slappe muziek van Saint-Saëns' Septet opus 65 en wals en de melige ballethumor van weleer. Een zuiverder uitvoering had het ballet mogelijk scherp gekregen. Emanuele Soavi wist de slotact met onzichtbare vlieg – ooit onnavolgbaar gemimed door Lemaitre – aardig overeind te houden.

Nog zo'n choreograaf die de term superstar verdient is Jirí Kylián. Piccolo Mondo maakte hij indertijd voor een jubilerend Scapino Ballet. Dit op figuren uit de commedia dell' arte geënte werk is aanstekelijk door de vlotte wijze waarop praalhans Pantalone de schlemielige Dottore, de schalkse Capitano, de onbeholpen Pierrot en vooral de frivole innamorati achter de broek zit. Inventief bewegen kunnen deze dansers wel, maar stijl en alure aan deze rollen geven, zoals de oorspronkelijke sterrencast deed, kunnen ze niet. De karakters worden, met uitzondering van Camille Andriot, te plat neergezet. Men danst als een stel carnavalsgasten, met puntbaard Pantalone als een soort Kabouter Plop.

Nieuw voor Introdans is Double/Single. Deze korte choreografie maakte superstar William Forsythe voor Ballett Frankfurt en liet deze vorig jaar in Amsterdam in première gaan. Zoals vaak bij deze recyclefreak is Double/Single een herbewerking van een deeltje uit zijn Kammer/Kammer, een stuk over hotelkamers en bedden. Vandaar de twee hoge stapels matrassen waarop een trio en daarna een viertal behendig manoeuvreert. Meer dan die anekdotische achtergrond doet vermoeden gaat het stuk sec over horizontaal bewegen. Dit droge conceptuele dansstuk is dus niet als dijenkletser voor kinderen bedoeld, hoewel het minieme pas en meetwerk soms grappig werkt.

Nadrukkelijker toegesneden op de jeugd is Ensemble van Nils Christe. Die doet zijn naam als ster hier geen eer aan, helaas. Zijn grotendeels unisono groepsdans met snelle bewegingen oogt lekker doordat ze swingt. Maar het is gemakzuchtig om voortdurend de groepsformaties als decor gebruiken voor de solisten die in sleetse jazzpassen over het podium vliegen. De muziek van Ludovico Einaudi is ritmisch maar zouteloos, de kleurige kostuums zijn gewild vrolijk. De bewegingen zitten goed in elkaar maar ontkomen niet aan voorspelbaarheid. De aardigste delen op spannende jungleritmes lijken niet origineel maar ontleend aan Kyliáns Stamping Ground. Dat toegankelijk echt niet synoniem hoeft te zijn aan gemakkelijk, heeft Nils Christe toch vaak bewezen. Ensemble heeft hij te zeer aangelengd met een goedkope superstar elixer.

Voorstelling: Superstars door Introdans Ensemble voor de Jeugd. Choreografieën: Ensemble (Nils Christe), Double/Single (William Forsythe), Septet Extra (Hans van Manen), Piccolo Mondo (Jirí Kylián). Gezien 15/2 Schouwburg Arnhem. Toernee: t/m 23/5. Inl.: (026) 3512111 of www.introdans.nl