Europese Unie blijft verdeeld over ultimatum aan Irak

Op zoek naar een compromis sneuvelde op de Europese top over Irak gisteren elke poging Irak een ultimatum te stellen.

Alle regeringsleiders van de Europese Unie hebben gisteravond water in de wijn gedaan om een gemeenschappelijk standpunt over de kwestie-Irak mogelijk te maken. Alleen de moeilijkste vraag, of het tijdstip om over een oorlog tegen Bagdad te beslissen is gekomen of niet, vermeden ze in hun slotverklaring.

,,Daarover zijn de standpunten bekend. We behoeven hier niet de discussie uit de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties te herhalen'', zei Joschka Fischer, de Duitse minister van Buitenlandse Zaken. Maar volgens diplomaten had de Franse minister van Buitenlandse Zaken, Dominique de Villepin, de kwestie van de tijdslimiet voor Irak tijdens de lunch wel aangesneden. Hij had zó hard met zijn hand op tafel geslagen toen hij zei dat Frankrijk wil wachten op het rapport van de wapeninspecteurs van 14 maart voordat het een beslissing neemt, dat veel van zijn collega's de indruk kregen dat dit de Franse einddatum was.

De ministers van Buitenlandse Zaken overlegden gisteren ter voorbereiding van de top van de regeringsleiders. Als resultaat van dat overleg kregen zij van hun Griekse voorzitter, premier Simitis, een ontwerp-verklaring voorgelegd waarin volgens de Duitse bondskanselier Gerhard Schröder drie tijdsaanduidingen genoemd waren. Op zoek naar een compromis lieten de regeringsleiders die ultimatums vallen.

De EU heeft volgens gebruikelijk patroon eenheid gezocht tot het haalbare niveau en is daarover tevreden. De Nederlandse premier Jan Peter Balkenende deed zelfs alsof hij ook daarvoor geen enkele toegeving had moeten doen en zei dat de tekst van de slotverklaring precies was wat de Nederlandse regering altijd al heeft gewild.

Toch hadden leden van de Veiligheidsraad wel belangrijke concessies gedaan. Zo aanvaardde Schröder de mogelijke noodzaak van militair geweld tegen Irak. Jack Straw, de Britse minister van Buitenlandse Zaken, hechtte niet erg meer aan een tweede resolutie over Irak in de VN-Veiligheidsraad over Irak. De Verenigde Staten hebben gezegd zo'n resolutie te willen. De Franse president Chirac zei gisteren zich tegen zo'n resolutie te zullen verzetten. Straw verklaarde dat een resolutie niet nodig is, maar dat Groot-Brittannië er alleen ,,om politieke redenen de voorkeur aan geeft''.

Chirac zei na afloop ,,tevreden [te zijn] over het nader tot elkaar komen van de standpunten''. Hij had bijzondere reden voor die tevredenheid. Begin deze maand probeerde de Britse premier Blair hem tevergeefs te overtuigen dat na het VN-inspectierapport van 14 februari – afgelopen vrijdag – de tijd was gekomen om over een oorlog tegen Irak te besluiten. Gisteren aanvaardde hij een verklaring waarin de inspecties een tijd wordt gegeven ,,die niet oneindig kan doorgaan bij afwezigheid van volledige Iraakse medewerking''. ,,Een halve tijdslimiet'', noemde Schröder dat.

Balkenende zei dat het ontwapenen van Irak ,,snel moet gebeuren''. Maar de regeringsleiders hebben zich bij hun verklaring ook gevoelig getoond voor de massale demonstraties tegen oorlog van het afgelopen weekeinde. Ze schreven dat duidelijk is dat de Europese bevolking wil dat Irak vreedzaam wordt ontwapend.